Extra Kamercommissie over steekpartij Schaarbeek: 'Agenten beter beschermen'

© BRUZZ
| De Kamer 14 november 2022

Wie een agent vermoordt, moet een levenslange straf krijgen. Dat vinden minister van Binnenlandse Zaken Annelies Verlinden (CD&V) en minister van Justitie Vincent Van Quickenborne (Open VLD) maandagmiddag in de extra bijeengeroepen commissie naar aanleiding van de dood van een politieman in de Aarschotstraat.

Van Quickenborne benadrukte bij aanvang dat hij het verdriet van de agenten die vanochtend bijeenkwamen op het Poelaertplein begrijpt en zegt zo transparant mogelijk te zullen handelen.

Daarna citeerde Van Quickenborne veelvuldig uit een verslag van Brussels procureur-generaal Johan Delmulle. Van Quickenborne schetste op basis daarvan de gebeurtenissen van vorige donderdag: nadat de dader, Yassine M., schijnbaar verward naar het politiecommissariaat van Evere was gestapt met de melding dat hij, door gebeurtenissen in zijn jeugd, haat voelde jegens de politie, eraan dacht agenten aan te vallen en daarom in behandeling wou, heeft de politie contact opgenomen met het parket. "Hij wilde geholpen worden zodat hij naar eigen zeggen een zo normaal mogelijk leven kon leiden", aldus Van Quickenborne.

Omdat de man voorkwam in de databank van het OCAD, het orgaan voor de dreigingsanalyse, heeft de magistraat van dienst daarop contact opgenomen met de afdeling Groot-Banditisme en Terrorisme. Ook de cel radicalisme van de politiezone Brussel Zuid kreeg een telefoontje.

Psychiatrische evaluatie

Omdat de uitlatingen van Yassine M. uiteindelijk niet voldeden aan de voorwaarden om hem van zijn vrijheid te benemen, gebeurde dat niet. Ook voor gedwongen opname kwam de verdachte niet in aanmerking, onder meer omdat de man aangaf in behandeling te willen gaan en de ervaring leert dat er altijd negatief wordt geadviseerd voor gedwongen opname als er sprake is van vrijwilligheid, aldus Van Quickenborne.

In zijn nota concludeert de procureur-generaal - kort samengevat - dat de magistraat van dienst de melding voldoende ernstig nam en de juiste beslissingen heeft genomen. "Het parket van Brussel is niet over één nacht ijs gegaan", onderstreepte ook Van Quickenborne.

Vincent Van Quickenborne (Open VLD), vicepremier en minister van Justitie en Noordzee in de regering-De Croo

Geen protocollen

Uit het verslag blijkt dat de onduidelijkheid begint op het moment dat Yassine M. in het Saint-Luc-ziekenhuis aankomt, rond 11.30 uur donderdagochtend. De politiediensten hebben het personeel daar "wellicht" niet ingelicht over het profiel van de verdachte. Het ziekenhuis heeft op zijn beurt de politie niet op de hoogte gebracht van het feit dat M. het ziekenhuis vrij snel heeft verlaten zonder dat er een psychiatrische evaluatie kon plaatsvinden. Het gerechtelijk onderzoek moet uitwijzen of dat alles klopt, stipt Delmulle aan in het verslag, maar indien wel stelt zich volgens de procureur-generaal de vraag waarom de politie het ziekenhuispersoneel "niet minstens in algemene termen heeft ingelicht van het risicoprofiel".

Volgens minister Verlinden zou er beperkte informatie zijn meegedeeld aan de zorgverleners. "Welke informatie precies, maakt deel uit van het onderzoek", zei ze daarover. "Maar hier bestaan geen protocollen voor. Er wordt aangenomen dat politiemensen niet zomaar informatie kunnen delen met derden, inclusief met zorgverleners", aldus de minister.

Volgens de minister is het niet duidelijk of er nadat Mahi uit het ziekenhuis verdween nog contact was tussen de politie en de spoeddienst. Van Quickenborne verwijst ook naar de zaak Jonathan Jacob, om te benadrukken dat de samenwerking tussen de verschillende diensten onder druk staat. "Het kader moet duidelijker. Want ook als alle procedures correct gevolgd worden, vallen er slachtoffers."

Op die lijn zitten ook Nicholas Paelinck, voorzitter van de Vaste Commissie van de Lokale Politie en van Marc De Mesmaeker, commissaris-generaal van de Federale Politie, die in de loop van de dag op de commissie reageerden. "De vraag blijft open of een beslissing tot een meer dwingende afhandeling echt niet mogelijk zou zijn geweest", klinkt het. "Verifiëren of een regelgeving correct werd nageleefd door al de betrokken actoren, is één. De vraag of die regelgeving op zich voldoende mogelijkheden biedt om met dergelijke complexe toestanden om te gaan, is twee."

'Potentieel gewelddadige extremist'

Daarna ging de commissie dieper in op het verleden van de dader: op 10 juli 2019 werd hij namelijk vrijgelaten uit de gevangenis. Volgens Van Quickenborne werd hij in een gevangenisrapport omschreven als "een manipulator". De cel radicalisme zou na zijn vrijlating de OCAD-lijst geraadpleegd hebben, waaruit bleek dat er sinds zijn vrijlating “geen verontrustende gegevens tegen hem waren.”

Van Quickenborne benadrukt dat Mahi meer dan 5 jaar lang op de OCAD-lijst gestaan heeft en in het verleden ook werd omschreven als "potentieel gewelddadige extremist". Hij werd opgevolgd door staatsveiligheid tijdens zijn tijd in de gevangenis, maar de minister onderstreept dat hij - ondanks geruchten - nooit afgereisd is naar Syrië.

'Politiemensen beter beschermen'

"We zijn het aan onze politiemensen verplicht om de procedures te verbeteren zodat zij veiliger de straat op kunnen gaan", vervolgde Van Quickenborne. "Zodat zij voelen dat ze de volle bescherming van de wet genieten." De liberale minister hoopt dat politievakbonden, die afgelopen dagen het ontslag van de liberale voogdijminister eisten, samen aan tafel willen zitten om na te gaan waar het beter kan en beter moet.

Concreet wil hij de politie op drie manieren beschermen. "Alle politiemensen zullen voortaan beschermd worden, ook het administratief en logistiek kader, zoals mensen aan het onthaal", aldus de minister. "Ten tweede door alle feiten van geweld tegen de politie zwaarder te straffen. Tenslotte door de strafverzwaring te laten gelden voor een politieman- of vrouw die het slachtoffer wordt van geweld in zijn of haar vrije tijd. Daar is nu nog onduidelijkheid over."

Ook minister Verlinden zei dat ze een verzwaring heeft gevraagd van de straffen voor geweld tegen de politie. "Zo zullen de minimale en maximale straffen verhoogd worden, en voor homicide tegen de politie moet een levenslange straf mogelijk worden."

'Weinig concreet'

De reacties op de uitleg van ministers Verlinden en Van Quickenborne waren eerder lauw, toch aan oppositiezijde. "Opnieuw werden de paraplu's opengetrokken", zei Sophie De Wit (N-VA). “Ik heb gehoord dat er procedures gevolgd zijn en dat die nu misschien aangepast moeten worden. Dat er weer iemand moet sterven om vast te stellen dat er iets schort aan de procedures, is tergend.”

Meer nieuws uit Brussel

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?