Kinderopvang stagneert

© elke van oost

Het aantal plaatsen in de Nederlandstalige kinderopvang in Brussel is vorig jaar gedaald. Dat blijkt uit cijfers van Vlaams minister van Welzijn Jo Vandeurzen (CD&V). Nochtans was een inhaalbeweging beloofd.

Niemand ontkent dat die inhaalbeweging nodig is. Professor Michel Vandenbroeck (UGent) voerde in 2015 een studie naar het aantal kindplaatsen in Brussel en de noden in deze jonge stad. Hij kwam tot de conclusie dat er een heus Marshallplan nodig is.

Vlaanderen blijft ook decretaal achterop. Er zouden in een keer meer dan duizend plaatsen moeten bijkomen om aan de geldende normen te voldoen. Tegen 2020 zouden er zo maar liefst vierduizend opvangplaatsen moeten bijkomen.

Capaciteitsdaling in plaats van -stijging
In februari 2016 kondigden minister Vandeurzen en collegelid Bianca Debaets (CD&V) 430 extra plaatsen aan. “Dit is de grootste capaciteitsuitbreiding die Vlaanderen ooit in een jaar tijd in Brussel gedaan heeft,” zei ze hierover aan dit magazine.

Een jaar later geven de cijfers die de parlementsleden Arnaud Verstraete (Groen) en Elke Van den Brandt (Groen) opvroegen een heel ander beeld. Er is zelfs een capaciteitsdaling. In 2016 zijn er in totaal tien Nederlandstalige opvangplaatsen gesneuveld (op zevenduizend).

Er waren vorig jaar weliswaar enkele starters (drie onthaalouders en tien crèches), maar die vernieuwde interesse wordt tenietgedaan door het aantal crèches dat stopt of overgaat naar de Franse gemeenschap of Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie (vijf onthaalouders en negen kinderdagverblijven). Die cijfers staan in schril contrast met Antwerpen, waar ook grote tekorten zijn. Daar kwamen in 2016 meer dan zeshonderd netto plaatsen bij.

Het Groen-parlementslid Verstraete is scherp: “Er wordt een stijging van de capaciteit aangekondigd, maar het is een daling. Iedereen weet hoe moeilijk het is om een crèche te vinden in Brussel. En als ik cijfers vraag in de Vlaamse Gemeenschapscommissie, blijft het collegelid vaag.”

Inkomensgerelateerd
Het kabinet van Bianca Debaets ontkent de cijfers niet, maar geeft wel een verklaring. “De extra kindplaatsen zijn inkomensgerelateerd. Dat is wat ouders verkiezen. Het is makkelijk om niet-gesubsidieerde plaatsen bij te creëren maar ze moeten ook ingevuld geraken,” zegt woordvoerder Eric Laureys. “Zo’n plaats kan tot 650 euro per maand kosten.”

Volgens het kabinet waren er bij begin van de legislatuur 3.870 inkomensgerelateerde, door Kind en Gezin vergunde, kindplaatsen in Brussel. Op 1 maart 2017 waren dat 4.236 kindplaatsen. “Dat is een stijging met tien procent.” Een inkomensgerelateerde kindplaats kost de overheid al gauw 6.000 euro per jaar.

Dat Vlaanderen hiermee de eigen normen niet haalt klopt, maar volgens de woordvoerder is de context aan het wijzigen. “Vlaanderen evolueert in de kinderopvang naar een vraaggestuurd aanbod (in plaats van bijvoorbeeld de Barcelonanorm, red.). Hoe de Brusselnorm zich dan verhoudt tot de vraag naar kinderopvang in de hoofdstad is iets wat we op termijn moeten bekijken.”

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Lees meer over

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?