Willy Decourty: ‘België verdwijnt, en dat is niet zo erg’

© Saskia Vanderstichele
Hij heet een vijand te zijn van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, maar dat wuift Willy Decourty weg. “Ben ik hardleers als ik als burgemeester rekening wil houden met mijn wijkleven en mijn handelaars?” De 66-jarige Decourty vindt dat zijn gemeente er stáát. Maar wat toekomst en gemeente-raadsverkiezingen zullen brengen? Deel 1 van een reeks portretten.

W illy Decourty (1945) komt uit een Waals mijnwerkersgezin, maar verhuisde naar Elsene toen hij twee jaar oud was. Zijn carrière begon hij als journalist bij de socialistische krant Le Peuple , na gestudeerd te hebben aan de ULB. Hij werkte nadien op kabinetten, was veertien jaar lang Brussels parlementslid, vervolgens gemeenteraadslid en schepen in Elsene, en dan uiteindelijk, vanaf 2001, burgemeester van de Brusselse gemeente die een erg liberaal-francofoon DNA had.

In 2000 werden de socialisten er voor het eerst de grootste partij. In 2006 werd een coalitie met CDH en Ecolo ingeruild voor een coalitie met de liberalen.

Wat Decourty de sterkste troef van zijn gemeente vindt, is het relatief harmonieuze samenleven van verschillende nationaliteiten. Elsene heeft een vrij stabiele middenklasse en zelfs een heel rijk deel, maar toch zijn er twee probleemwijken: Matonge en de buurt rond de Malibran- en Graystraat. Matonge vindt de burgemeester zelf veilig. "Oké, men zal er je af en toe een verdacht zakje proberen te verkopen, maar de harde criminaliteit is er eerder klein. Met uitzondering van de stadsbendes, die een territorium proberen te veroveren om drugs te kunnen verhandelen. Daar werken we aan."

Ook over de andere wijk, die rond de Malibranstraat en de Graystraat, is hij optimistisch. "De bevolking in die wijk is vrij volks en van Maghrebijnse of Portugese origine. De problemen met de waterhuishouding in die wijk - in de bedding van de Maalbeek - vind ik er persoonlijk bedreigender."

In schril contrast met de twee moeilijkere wijken staat de 'enclave Elsene', het deel dat afgesneden is van het centrum door de Louizalaan. "Oorspronkelijk was dat een wijk waar je veel automagazijnen had en dus ook een grote welgestelde middenklasse. De kantoren van D'Ieteren in de Maliestraat zijn daar de laatste getuigen van. Nu is dat Elsene vooral modieus, met veel winkels, boetiekjes en cafés. Rond het Brugmannplein ten slotte heb je de rijkste Elsenaren. Dat was altijd al een beetje zo, al is er nog meer geld bijgekomen met de komst van de eurocraten."

De luidste kritiek op Willy Decourty is dat hij voor alles een municipalist is. Dat is een term die wordt gegeven aan de Brusselse burgemeesters die zich vastklampen aan hun macht. Langs Vlaamse zijde heeft men het steevast over baronieën . Decourty zucht als de vraag hem voorgeschoteld wordt. "Ik heb lang genoeg in het Brussels parlement gezeteld om te weten dat het Gewest een belangrijk niveau is, en ik begrijp dat je sommige zaken het best op gewestniveau aanpakt. Maar wat mij vaak opviel, was dat de beslissingen ver van de burger stonden. De twee niveaus vullen elkaar aan. Mijn gemeente heeft af en toe discussies met het Gewest, dat klopt, maar die lossen we altijd op. Ik ben niet tegen het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, ik denk alleen dat een niveau van meer dan een miljoen mensen minder goed werk levert dan het gemeente­lijke niveau voor mijn 84.000 inwoners."

"Waar ik het echt moeilijk mee heb, dat is met de MIVB. Daar lijken ze aan niets anders meer te denken dan aan hun commerciële snelheid, en dat is dan het hoofdargument om overal werkzaamheden uit te voeren. Ben ik hardleers als ik als burgemeester ook rekening wil houden met mijn wijkleven en mijn handelaars? De MIVB heeft haar logica, ik de mijne. En dat botst soms."

Perfectionist
Zijn we bij het communautaire aanbeland. "België is een permanente strijd tussen de gemeenschappen," ontkent ook de Elsense nummer één niet. "In Elsene wonen niet veel Vlamingen, maar toch is er een sterke officiële aanwezigheid op het gemeentelijke en culturele niveau. Voorlopig zijn er geen communautaire twisten, op vertaalfouten in het gemeenteblad na dan. Wat ik wil zeggen: de relaties met de Vlamingen zijn goed." Het klinkt bizar uit de mond van een burgemeester die zelf geen Nederlands spreekt. "Spijtig, maar ik ben een perfectionist, en ik ben bang om de taal te spreken zolang ik weet dat ik fouten maak."

Een communautaire scherpslijper is Decourty naar eigen zeggen niet. "Vlamingen moeten in Brussel in hun taal terechtkunnen, het is ook hun hoofdstad. Maar het evenwicht is soms moeilijk in een stad waar niet veel Nederlands gesproken wordt." Dat ontlokt de socialist een fatalistische uitspraak: "België verdwijnt traag, maar het verdwijnt. En ik vind dat niet zo erg. Ik heb de grote unitaire partijen uit elkaar zien gaan. Ik herinner me het gezicht van wijlen Karel Van Miert nog toen de Belgische Socialistische Partij splitste. Toen begreep ik niet wat er gebeurde, en heel wat militanten evenmin. Maar het is wel gebeurd, en het ligt achter ons. Je kunt niet blijven zeuren over wat gebeurd is als de ander al lang niet meer luistert. Het enige waar ik voor vrees, is dat de splitsing van het land ten koste zal gaan van de burgers."

Dan komt Decourty bij zijn wortels. "Ik was vroeger idealistisch Waalsgezind. Maar je leert de wereld kennen, en ik vond na verloop van tijd dat het algemene welzijn van de mens belangrijker was dan zijn afkomst." Het maakt de vraag overbodig of socialisme nog een rol heeft, lijkt hij te willen zeggen.

Grote broer Brussel
Wat de gemeenteraadsverkiezingen zullen brengen? "Woningnood is zowat het belangrijkste thema. We hebben in Elsene een achterstand in sociale woningen, we hebben te weinig gewone woningen en er is te veel vraag naar woonruimte, wat de prijzen de pan uit doet swingen. Ik vrees voor een dualisering tussen rijk en arm."

Ander thema: de politiezone. Elsene deelt een zone met Brussel-Stad en vormt zo het grootste korps van België, maar de kleinere gemeente geeft regelmatig te kennen dat de zaak te duur is en een lokaal politiebeleid onmogelijk wordt met grote broer in bad. "Idealiter zou ik graag een afzonderlijke politiezone Elsene hebben, maar ik weet maar al te goed dat dat niet kan. Waarschijnlijk zullen we bij een andere zone terechtkunnen." Decourty zegt dat de geesten er binnen het politiekorps alleszins rijp voor zijn. Het enige obstakel blijft het uitblijven van een nieuwe federale regering. "Zodra die er is, zal de zaak redelijk snel afgehandeld kunnen worden. En dan komt de defusie er hopelijk."

De huidige coalitie mag voortgezet worden, vindt Decourty. "De MR is een trouwe partner." De burgemeester ontkent wel dat er al een akkoord is met die partij. "Mijn ervaring met akkoorden is dat ze vaak niet nageleefd worden." En wat met de schepen van Nederlandstalige Aangelegenheden? Zucht. "De SP.A was de enige partij die er vorige keer een kon leveren. Ik weet niet of er liberale kandidaten zijn. En het hangt er ook van af wat de christendemocraten zullen doen, natuurlijk."

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees meer over

Nieuws uit Brussel in je mailbox?