Bakkerij Vermeulen nabij Flagey stopt

© Marc Gysens

Broodjes in allerlei maten en gewichten, chocoladekoeken en croissants… . Zes decennia en twee generaties lang werden ze artisanaal vervaardigd door bakkerij Vermeulen nabij het Flageyplein. De pensioengerechtigde West-Vlamingen hebben geen opvolgers, en verkochten het pand. Een hele generatie van Vlaamse bakkers en beenhouwers sterft langzaam uit.

‘N a meer dan 60 jaar bestaan sluiten wij onze deuren op 2 maart 2014. Het was een grote vreugde om deel uit te maken van jullie leven.” Dat is de boodschap die de klanten meekrijgen op de laatste dag uit het bestaan van bakkerij Vermeulen. Het echtpaar Edith Matton (64) en Jean-Pierre Vermeulen (67) hebben samen meer dan 45 jaar lang broodjes en pateekes gebakken.

Toen Jean-Pierre 6 jaar jong was, trok hij met zijn ouders vanuit Roeselare naar Elsene. Zijn vader wou het daar maken als bakker. Jean-Pierre ging naar de Franstalige school Saint-Boniface, “want Nederlandstalige scholen waren er hier toen niet.” Edith leerde hij kennen toe hij zijn legerdienst deed in Melsbroek, waar haar gezin toen woonde. Edith zelf is geboren in het West-Vlaamse Wakken. Maar nu zien ze er geen brood meer in om verder te doen, en willen ze genieten van een welverdiend pensioen.

Ze staan symbool voor de teloorgang van het West-Vlaamse bakkersgild in Brussel. In de jaren vijftig en zestig was er een ware immigratiegolf uit Oost- en (vooral) West-Vlaanderen. Die economische migratie in de sector gaf in 2005 zelfs aanleiding tot de tentoonstelling ‘Uitgebeend! Vlaamse beenhouwers in Brussel na WO II’ in het Archief en Museum van het Vlaams Leven te Brussel (AMVB).

Mooie periode is voorbij
“In Brussel waren er veel meer potentiële klanten en gaven mensen meer uit dan in Vlaanderen. De verhuis naar Brussel was dus een logische stap voor zowel bakkers als slagers,” weet Jean-Pierre Vermeulen.

“Maar die mooie periode is voorbij. Dat ligt aan een combinatie van factoren. De jongeren willen dit zware werk niet meer doen. Ik sta elke dag op om 1.30 uur, en ga een eerste keer slapen om 12 uur ’s middags,” zegt Jean-Pierre. “En ik sta al in de winkel om 6 uur om alles klaar te zetten, en blijf er dan tot 19 uur,” vult Edith aan. “Dit jaar gaan we voor het eerst samen kerstmis vieren.”

“Een andere reden is de loodzware reglementering die het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen ons oplegt. Bijvoorbeeld een aparte in- en uitgang voor leveranciers enerzijds en klanten anderzijds. We zouden honderdduizenden euro’s moeten investeren om in orde te zijn met de reglementering. Dat konden we op onze leeftijd niet meer opbrengen.”

'Warenhuizen zijn doodsteek'
“En last but not least zijn er ook lokale factoren. De werken op het Flageyplein hebben acht jaar aangesleept. Sinds het begin van de werken en de moeilijkere toegankelijkheid van de buurt is onze omzet met 40 procent gedaald. De klanten die het toen lieten afweten zijn niet meer teruggekomen. Bovendien is er een Express GB en een Delhaize bijgekomen. De warenhuizen betekenen de doodsteek voor de kleine zelfstandige,” aldus Jean-Pierre.

Ook hun leverancier van bloem, de eveneens West-Vlaamse firma Nova, heeft het aantal bakkers drastisch zien slinken. “Het aantal bakkers in Brussel is de voorbije dertig jaar minstens met de helft gedaald,” zegt Philip Vandenboogaarde van Nova. “We proberen onze producten te diversifiëren, bijvoorbeeld door biologische bloem te produceren.”

“Als ik mijn leven kon herbeginnen, zou ik opnieuw bakker worden,” zegt Jean-Pierre. Ik bak graag brood. Brood is iets dat groeit, dat niet simpel is om onder controle te houden. Het is als een kleine die men opvoedt. Je moet met veel rekening houden, zoals de buitentemperatuur, de temperatuur van het water en de bloem. Eén cyclus brood bakken duurt vier uur. Daar ben je dus wel even zoet mee.”

“Het meest populair bij ons zijn de stokbroden, de croissants en de chocoladekoeken.”

Wie ze nog wil proeven, heeft dus nog de tijd tot 2 maart. Want dan krijgt Dominic Janne de sleutel van het pand overhandigd. Deze multi-investeerder in de buurt van het Flageyplein heeft de bakkerij met atelier overgekocht. Op 3 maart kunnen Edith en Jean-Pierre definitief op hun lauweren rusten. “Eindelijk zullen we kunnen doen wat willen,” zeggen ze daarover. “Toch gaat het moeilijk zijn om te stoppen, na al die jaren. Er gaan tranen vloeien,” zegt Edith met de krop in de keel.

Verhuizen doen ze niet, want hun woonhuis bevindt zich achteraan de tuin van de bakkerij, met ingang in de Van Elewyckstraat. In tegenstelling tot de wat verouderde bakkerij heerst daar de moderniteit. Every end is a new beginning.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees ook

Nieuws uit Brussel in je mailbox?