Brusselaar vraagt voetgangerszones en meer openbaar vervoer

Steven Van Garsse
© Brussel Deze Week
15/09/2010
Opstoppingen, te weinig parkeerplaatsen en de slechte luchtkwaliteit zijn de grootste ergernissen bij de Brusselaar als het over mobiliteit gaat. Dat blijkt uit een enquête die staatssecretaris voor Mobiliteit Bruno De Lille (Groen!) liet afnemen. De Brusselaar blijft wel verknocht aan zijn auto.

Duizend Brusselaars werden begin september telefonisch ondervraagd over hun mobiliteitsgebruik, wensen en verwachtingen. Brussel Deze Week kon de resultaten van de Dimarso-enquête inkijken.

Staatssecretaris De Lille wou met de bevraging te weten komen wat het draagvlak bij de bevolking is voor de beleidsopties die de Brusselse regering de komende jaren zal nemen. Vorige week heeft de Brusselse regering het Iris 2-plan goedgekeurd. Daarin verbindt het Gewest zich ertoe het autoverkeer drastisch terug te schroeven (-20 procent tegen 2018 ten opzichte van 2001) en openbaar vervoer, fiets en het wandelen aan te moedigen.

Files zijn probleem, auto's niet
Uit de Dimarso-enquête blijkt dat een meerderheid van de Brusselaars vindt dat maatregelen niet langer op zich mogen laten wachten. Driekwart van de ondervraagden vindt de mobiliteitstoestand in het Brusselse gewest 'verontrustend' tot 'zeer verontrustend'.

Vooral de verkeerscongestie is voor de Brusselaars (voor 64 procent) een groot probleem. Een kwart van de Brusselaars sakkert over parkeerproblemen en over luchtverontreiniging door het verkeer. Daarnaast behoren ook foutparkeren en verkeersonveiligheid tot de dagelijkse ergernissen. Tien procent van de Brusselaars vindt dat er te veel auto's rijden in Brussel.

Mentaliteitsverandering
Brusselaars geloven ook dat ze de afgelopen drie jaar zelf een steentje hebben bijgedragen om de mobiliteit te verbeteren. Ongeveer zes op de tien Brusselaars zegt meer te wandelen of vaker de tram, bus of metro te nemen dan drie jaar geleden. De helft van de Brusselaars zegt minder met de auto te hebben gereden. Bijna een vijfde gebruikt vaker de fiets.

"We moeten hier wel een kanttekening bij plaatsen," zegt staatssecretaris De Lille. "Dit is wat de mensen zelf aangeven. Of de gedragsverandering er ook echt is, is een andere vraag. Maar het duidt wel op een mentaliteitsverandering. En dat is wat ons interesseert. Het is makkelijker om de mobiliteitsproblemen aan te pakken als de Brusselaar ook zelf overtuigd is van de noodzaak ervan."

Autostad
Interessant in de enquête is ook de modal share , een duur woord voor het marktaandeel van de verschillende manieren van transport in Brussel. Zes op de tien Brusselaars gaan dagelijks of bijna dagelijks te voet ("en dat is niet van huis naar de wagen," benadrukt De Lille). Ongeveer de helft van de ondervraagden neemt minstens een keer per week de metro (52 procent), tram (44) of bus (45). In het woon-werkverkeer (vijf dagen per week of meer) ligt dat een stuk lager: een kwart neemt dagelijks de metro, een vijfde van de Brusselaars kiest dagelijks voor tram en bus. Vijf procent gaat dagelijks met de fiets.

Brussel blijft nog altijd een autostad. Vier op de tien Brusselaars rijden nagenoeg dagelijks met de auto. En vandaag heeft ook bijna zeventig procent van de Brusselse gezinnen een of meer auto's. In de NIS-enquête uit 2001 was dat maar zestig procent, in 1991 was dat 57 procent.

Trein in Brussel
De enquête peilt ook naar het gebruik van de trein bij de Brusselaar. De Lille vindt dat de Brusselaar te weinig vertrouwd is met de trein als vervoersmiddel binnen Brussel. In het Iris 2-plan dringt het Brussels Gewest er bij de NMBS op aan om het Gewestelijk Expresnet ook binnen Brussel interessant te maken, door extra stations aan te leggen. "Maar nu al is het spoornet een slimme aanvulling op het openbaar stadsvervoer in Brussel," zegt De Lille. "Op sommige trajecten, Vijfhoek-Jette bijvoorbeeld, is de trein onklopbaar."

Uit de enquête blijkt dat vier procent dagelijks de trein gebruikt. Nog eens zes procent neemt een à vier keer per week de trein. Toch neemt 66 procent van de Brusselaars nooit of heel erg zelden de trein.

Wat vindt de Brusselaar dat de overheid moet ondernemen? Ook daarin probeert de Brusselse regering inzicht te krijgen. Driekwart van de Brusselaars vindt dat er strenger moet worden opgetreden tegen wildparkeren, bijna zeventig procent vindt dat de overheid de snelheidscontroles moet opdrijven, en iets meer dan de helft van de ondervraagde Brusselaars vindt dat het doorgaand verkeer uit de woonwijken moet worden gehouden. 44 procent van de Brusselaars ziet rekeningrijden zitten.

De enquête peilde ook hoe de Brusselaar tegenover maatregelen staat om de beschikbare openbare ruimte minder voor de automobilist en meer voor fietser en voetganger te reserveren. Meer dan helft van de Brusselaars is voorstander van meer fietsinfrastructuur. Ook het invoeren van voetgangerszones (75 procent gaat akkoord) en betere oversteekplaatsen (73 procent gaat akkoord) vindt de Brusselaar een goed idee. "Dit zijn interessante aanzetten," zegt De Lille, "voor ons voetgangersplan dat we voorbereiden."

Tot slot valt er ook over het openbaar vervoer heel wat te vernemen. Driekwart van de Brusselaars vindt het een goed idee dat metro-, tram- en busnet uitgebreid worden. Meer dan de helft van de ondervraagden antwoordt zelfs 'helemaal akkoord' op de vraag of er nieuwe metrolijnen moeten komen. Tot slot: een overgrote meerderheid vraagt dat trams, bussen en metro regelmatiger rijden, tijdens de spits en het liefst ook erbuiten.

legende:
- donkergroen: 5 dagen per week of vaker
- lichtgroen: 1-4 dagen per week
- geel: minstens 1 keer per week
- oranje: minstens 1 keer per jaar
- rood: nooit

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Lees meer over: Samenleving

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie

Site by wieni