Brusselse consultatiebureaus van Kind en Gezin met sluiting bedreigd

© Kevin Van den Panhuyzen/BRUZZ

De Brusselse consultatiebureaus van Kind en Gezin zitten in zwaar weer. Ze zijn eind dit jaar allemaal hun erkenning kwijt en het is onduidelijk of en hoe ze terug erkend zullen worden. Eén consultatiebureau, in Vorst, sluit alvast de deuren.

Ze komen minder in beeld, maar ze vormen een belangrijk onderdeel van de preventieve gezinsondersteuning: de consultatiebureaus van Kind en Gezin. Daar worden kinderen tussen 0 en 3 gevaccineerd, gewogen en gemeten. Ouders hebben er ook een gesprek met een verpleegster of dokter. De consultatiebureaus gaan ook bij ouders thuis langs.

Een aantal van de Nederlandstalige consultatiebureaus in Brussel gaat nagenoeg zeker op de schop. Dat is het gevolg van een Vlaams decreet van 2013. Vlaanderen wil daarmee de preventieve gezinsondersteuning, via schaalvergroting, efficiënter maken en verder professionaliseren.

De Vlaamse regering heeft nieuwe normen bepaald, inzake huisvesting en minimale dienstverlening. In 2019 kregen de Brusselse consultatiebureaus drie jaar de tijd om zich in regel te stellen, maar die periode loopt eind dit jaar af. Een aantal Brusselse consultatiebureaus voldoet niet aan de normen en zal zo goed als zeker de erkenning verliezen. Maar ook bij de andere consultatiebureaus heerst ongerustheid. Dat in Vorst heeft alvast besloten om voor de zomer de deuren te sluiten en op te gaan in het consultatiebureau van Sint-Gillis.

Loredana Marchi die met Foyer in Molenbeek een van de oudste consultatiebureaus uitbaat in Brussel spreekt van een zeer ongelukkige situatie. “Het belang van consultatiebureaus mag niet onderschat worden. Ten eerste voor de aanwezigheid van de Vlaamse Gemeenschap in Brussel. Als Vlaanderen een onvoldoende groot aanbod heeft, dan zullen ouders snel overstappen naar ONE, de Franstalige tegenhanger.”

Ook bij andere consultatiebureaus leeft de vrees dat als er beknibbeld wordt op het aantal vestigingen, en op fijnmazigheid, de Franse gemeenschap geleidelijk aan de preventie gezinsondersteuning helemaal zal overnemen. “Er wordt ons altijd gezegd dat er te veel Nederlandstalige consultatiebureaus zijn in Brussel (er zijn er negentien, SVG), maar wij vinden dat er juist te weinig zijn,” zo zegt een betrokkene.

Marchi wijst er op dat de consultatiebureaus nog een andere belangrijke taak hebben: die van de armoedebestrijding. Omdat Brussel in sommige wijken met een kwetsbare bevolking zit, moet Vlaanderen hier volgens haar juist extra in investeren. Dat beaamt ook een vrijwilliger van het consultatiebureau in Vorst. “De verpleegsters komen nog bij de mensen thuis. Waar gebeurt dat nog?” Het is volgens haar nochtans de manier om moeilijke situaties in te schatten en zo nodig ouders te helpen.

Marchi: “We zien hier eigenlijk wat we vaker zien. Vlaamse decreten worden op maat van Vlaanderen opgesteld, en dan in Brussel uitgevoerd. Maar dat botst telkens op de grootstedelijke realiteit en op het feit dat de Franse gemeenschap hier ook actief is. Wat in Vlaanderen goed werkt, werkt niet per se goed in Brussel.”

Mistige signalen

Vlaanderen gaf in 2013 de Huizen van het Kind een belangrijke rol in de coördinatie van de consultatiebureaus. Ook in Brussel kwam er een Huis van het Kind. Het ging open in september 2018. Het kende meteen een moeilijke start en vandaag ligt het zowat op apegapen. De vestiging in Anderlecht heeft geen onthaal “bij gebrek aan personeel.” De Raad van Bestuur is ontslagnemend en het is pas sinds deze week dat er een nieuwe coördinator aan de slag gaat.

En dan is er nog Kind en Gezin, dat bij de consultatiebureaus instaat voor het verplegend personeel en de arts. Het agentschap heeft een masterplan uitgewerkt voor de Brusselse preventieve gezinszorg en de consultatiebureaus, maar dat plan lijkt niet gedragen door de sector zelf. “Brussel is daarbij een testcase voor een nieuwe aanpak,” zegt een betrokkene. “Je kan je afvragen of dat wel het beste idee is. Test die aanpak eerst in Vlaanderen uit voor je er mee naar Brussel komt.”

Een deel van de consultatiebureaus voelt zich alvast in de steek gelaten. “We zijn tijdens de pandemie gewoon opengebleven. Vrijwilligers hebben in die periode hard gewerkt in het belang van de Brusselse kinderarmoede, en de Nederlandstaligen in Brussel, maar vanuit de overheid krijgen we alleen mistige signalen. En de erkenning? Die blijft uit. Het is totaal onduidelijk wat er nu moet gebeuren.”

Gisteren was er een overleg gepland tussen Vlaams minister van Welzijn Wouter Beke (CD&V) en VGC-collegevoorzitter Elke Van den Brandt (Groen) om een oplossing te vinden. Maar dat overleg is uitgesteld door de PFOS-crisis.

Minister Elke Van Den Brandt vindt dat er dringend een oplossing moet komen. "We maken ons hier grote zorgen over en hebben daarom dat overleg met Vlaanderen gevraagd" zegt ze in een reactie. "De consultatiebureaus hebben een enorme meerwaarde in Brussel. Ze vormen een contactpunt met duizenden kinderen en vormen zo een enorme troef in de preventieve zorg. We hopen echt een oplossing te vinden met Vlaanderen om hun werking te vrijwaren."

Ook minister van Welzijn Wouter Beke laat weten de zaak te behartigen "in overleg met het werkveld", maar ziet geen oplossing voor de zomer. "We verwachten die in het najaar," aldus de woordvoerder.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Lees meer over
Meer nieuws uit Brussel

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?