Chou de Bruxelles: Frie Leysen

Freddi Smekens
© Brussel Deze Week
30/03/2005
Frie Leysen is de directeur en samensteller van het KunstenFESTIVALdesArts. En bovendien een boeiende vertelster, die het met een ingetogen vreugde over haar en onze stad heeft.

Eerste herinnering
Die heeft te maken met het feit dat ik me aangetrokken voelde door de grote stad. Toen ik klein was, was die aantrekkingskracht vermengd met een soort terughoudendheid. Het was de tijd dat de Nederlandstaligen in Brussel onheus behandeld werden. En dus was er voor mij altijd ook een onprettige kant aan deze stad. Maar nu spreek ik, zoals gezegd, van de tijd dat ik heel jong was. Ondertussen is er hier zoveel veranderd dat ik hier heel graag woon en me op geen enkele manier afgewezen of belemmerd voel. Je kunt het zo stellen dat, met de tijd, de terughoudendheid is weggevallen en de aantrekkingskracht nog krachtiger is geworden.

Geheim plekje
Ik vind de Kanaalzone een 'spannende' buurt. Als je van aan de brug bij het Saincteletteplein het Kanaal stroomopwaarts volgt, dan krijg je het gevoel dat Brussel toch heel vlug overgaat in 'den buiten'. Merkwaardig aan die Kanaalzone is dat ze zich op dit ogenblik in een soort van overgangsfase bevindt. Ze ziet er nog een beetje goor uit, maar door de opknapbeurt die ze haar aan het geven zijn, voel je dat ze er binnen enkele jaren heel anders zal uitzien. Ik zou zeggen: ga toch nog maar eens kijken naar dat stukje Brussel dat lang aan zijn lot overgelaten is. In feite is het Kanaal, dat klein beetje water dat we hebben in Brussel, nooit naar waarde geschat. In die zin dat men er nooit een aantrekkingspunt van gemaakt heeft. Ik heb wel het gevoel dat daar nu verandering in gaat komen.

Brusselaar aller tijden
Er zijn heel veel mensen die ik die naam waardig vind. Ik moet er dus eentje uitpikken. Iemand die ik als ontzettend belangrijk voor Brussel beschouw, is Bernard Foccroulle, de directeur van de Muntschouwburg. Omdat hij als operadirecteur alles heeft wat niet evident is bij dat profiel. Operadirecteurs zijn veelal mensen die zich nogal opsluiten binnen hun wereldje, wat bij Foccroulle zeker niet het geval is. Daarvoor heeft hij een te groot en haast onwaarschijnlijk sociaal engagement ten opzichte van onze stad. En ten tweede is Bernard ook iemand die met iedereen in deze stad contact heeft opgenomen en geprobeerd heeft samen te werken. In feite heeft hij de deuren van ons Brusselse operahuis open getrokken. En dat gaat van kleinere partners tot belangrijkere. Op zo'n manier directeur van een operahuis zijn zie ik nergens anders in de wereld.

Favoriete winkel
Als ik dan al eens winkel, dan is het in rommelwinkels. Daarmee bedoel ik échte rommelwinkels, natuurlijk. Je hebt er eentje in de Notelaarstraat bijvoorbeeld. Wat mij op dat gebied wat droef maakt, is dat Brussel te hard opgekuist wordt. Alles, ook de Marollen nu, wordt mij een beetje te trendy. Maar goed, er zijn in Brussel nog genoeg echte rommelwinkeltjes. Ze zijn op hun beurt wat rommelig verspreid over de stad. Laat het maar een uitdaging blijven om ze zelf te gaan zoeken en ontdekken.

Lekkerste restaurant
Ik ga heel graag op restaurant in Brussel. Maar laat mij er onmiddellijk aan toevoegen dat ik op dat vlak weinig avontuurlijk ben ingesteld. Bij den Boer aan de Vismarkt vind ik bijvoorbeeld een uitstekend visrestaurant. Ik hou ook nogal van de Japanse keuken, en voor mij is de Samourai in dat galerietje vlak bij de Munt op dat gebied een uitschieter. Een beetje duur weliswaar, maar overheerlijk en met een supervers aanbod. Ik vind de Chinese keuken zeker zo lekker, maar het is, naar mijn mening althans, heel moeilijk om in Brussel een goede én een echte Chinees te vinden.

Leukste café
Wanneer ik dan al eens in een café kom, besef ik meestal dat zoiets mij in Brussel veel te weinig gebeurt. Dat heeft waarschijnlijk te maken met het feit dat ik relatief weinig in Brussel zelf ben, omdat ik bijna voortdurend reis. Maar gisteren was ik haast toevallig in De Roskam op de Vlaamsesteenweg en dat vond ik een heel gezellige kroeg. Met een toffe ambiance en genoeg rust om er een babbeltje te kunnen slaan. Ga je wat verderop, dan kom je aan de Laboureur. Dat is wat ik noem een écht Brussels volkscafé. Op geen enkele manier gerecupereerd door wie of wat dan ook. Je gaat er gewoon even zitten en je hebt er de echte Brusselse ambiance meteen te pakken.

Waarvan krijg je een kick?
Laatst nog besefte ik ten volle dat ik niet meer in een eentalige stad zou kunnen leven. Dat was in Amsterdam, waar ik opeens bij mezelf dacht: "Een stad waar men maar één taal spreekt, dat zou ik nu eens heel saai vinden." Ik vind het bovendien fantastisch dat we hier in Brussel constant met wat ik noem 'het andere' geconfronteerd worden. En dat het hier duidelijk ook kan. Mee­leven op de verschillende ritmes van de stad en haar bewoners, dat is voor mij de kick.

Grootste ergernis
Kleine dingen worden dikwijls opgeblazen en daar wil ik niet aan meedoen. Laat ik dus zeggen dat ik me in Brussel nergens fundamenteel aan erger. Ik vind het gewoon een leuke stad om te leven, en wat mij zou kunnen ergeren, is dat dat niet zo zou zijn.

Markant moment
Toen we het eerste KunstenFESTIVALdesArts aan het voorbereiden waren, dachten veel mensen, inclusief politici, dat het project nooit zou lukken. Men beschouwde een bicommunautair festival als een onmogelijke opgave. Welnu, markant is dat die stelling van meet af aan met de grond gelijk gemaakt is. Tegen de voorspellingen in heeft dit festival het gemaakt. We hebben de uitdaging aangenomen, en de resultaten zijn gevolgd. Op Brussels gebied kan ik me moeilijk iets markanters voor de geest halen.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Lees meer over: Samenleving

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie

Site by wieni