longread

De West-Vlamingen blijven komen

© BE AMVB 221

Is de West-Vlaming, na Gent, aan een veroveringstocht bezig in Brussel? Daar lijkt het op. Van Maarten Devoldere (Balthazar) tot Friedl’ Lesage, via Geike Arnaert en Jan Bucquoy naar recenter Slagerij Dierendonck en Wim Ballieu: allemaal maakten ze van Brussel hun “thuis”. In 2016 alleen al verhuisden een kleine duizend West-Vlamingen naar Brussel, meer dan de jaren voordien. 

West-Vlamingen hebben België op punt gezet, en Brussel zeker.” Aan het woord is Leo Camerlynck, Brusselaar met West-Vlaamse roots die zich actief bezighoudt met de geschiedenis van Brussel. “Maar het zijn dan wel vaak de West-Vlamingen van wie je niet zou vermoeden dat ze van daar komen. Denk maar aan De Brouckère. Oorspronkelijk sprak je dat De Broekkere uit: dat plein is vernoemd naar de West-Vlaamse politici Charles, Henri en Louis de Brouckère. Het Laatste Nieuws, vandaag de grootste krant in Vlaanderen én België, is gesticht door een West-Vlaming.”

Of neem de Vlaams-Brusselse politiek. Het bulkt er van de West-Vlamingen: onder anderen Jean-Luc Vanraes (Open VLD), Els Ampe (Open VLD), Dominiek Lootens-Stael (Vlaams Belang), Steven Vanackere (CD&V), wijlen Michiel Vandenbussche (SP.A).

De aanwezigheid gaat uiteraard verder dan politiek. “Ik wil niet in clichés vervallen, maar voor West-Vlamingen zijn die vaak waar. Het zijn harde werkers. Dat heeft historisch zijn oorsprong: ze hebben ellende gekend, en ze blijven zich ervoor hoeden daar weer in te belanden. Nu is dat al wat minder, maar vroeger profiteerden de West-Vlamingen die hier kwamen niet van het leven. Dat was werken, werken, bijna tot ze erbij neervielen.”

Dat werken deden ze in verschillende ambachten. Misschien wel de meest typerende: het slagersambacht. “In Brussel was op een zeker moment meer dan de helft van de beenhouwers West-Vlaming. Nu is dat jammer genoeg niet meer het geval, ik zou durven te zeggen dat meer dan de helft nu halal is. Voor de echte beenhouwerij, de goeie schelletjes hespenworst en de crèmepaté? Dan moet je al ver gaan.” Of naar Hendrik Dierendonck. Sinds begin 2017 heeft de slagerij van de kust een vestiging geopend in Brussel, die meteen een echte hotspot werd.

We ontmoeten elkaar in Sint-Idesbald, in restaurant Carcasse: behalve twee beenhouwerijen, heeft Dierendonck in de Westhoek ook een restaurant, waar ook workshops worden gegeven. “Als er journalisten zeggen dat we dat ook in Brussel moeten doen, dan kittelt het wel. We leveren ondertussen al aan een paar zaken in Zwitserland en in Parijs. We hebben een nieuwe burger gemaakt voor de hamburgerketen Ellis Burger.”

Ideale opstap
“Ik heb ambitie, ja. Om in Brussel uit te breiden, om in Parijs een winkel te beginnen. Als ik vijf jaar geleden zei dat ik naar een grootstad wilde, verklaarde iedereen me gek. Maar Brussel is een ideale opstap. Het is een grootstad, en dat we merken we nu al, ook aan hoeveel aandacht we internationaal krijgen.”

“Vroeger gingen we met mijn ouders naar de West-Vlaamse beenhouwers kijken: heel de Katelijnestraat vol. Toen ik een periode in Brussel werkte, had ik datzelfde gevoel: Brussel, dat moet toch zalig zijn om te doen. Dat stukje ondernemen heb ik in me. Ik zie overal mogelijkheden. Waar je ook komt, altijd kan je bijleren of nieuwe ideeën krijgen. Werken moet meer een soort hobby zijn. Als je niet meer met plezier gaat werken, stop je er beter mee.”

Voor Dierendonck blijft West-Vlaanderen voorlopig de thuisbasis. Typisch, zegt Camerlynck: “Je moet een zekere ingesteldheid hebben om in Brussel te komen wonen, nu meer dan ooit. Als ze zomaar naar Brussel komen, kunnen West-Vlamingen hier vaak niet aarden. Wie hier wel blijft, vindt de anonimiteit dan weer goed.”

Dat geldt ook voor Tom Decroos, eigenaar en chef van restaurant Le Vismet: “Brussel is de enige stad in België. Geen gemakkelijke stad, je moet haar een beetje ontdekken. In het anoniem zijn, ligt voor mij de charme.” Die charme overviel Decroos al toen hij jong was: “Als 16-jarige ging ik met de trein naar Brussel. Om een keer rond te lopen.”

Zodra Decroos zijn opleiding aan de Hotelschool Koksijde had afgewerkt, was de keuze voor Brussel gemakkelijk gemaakt. “Op mijn eerste werkdag in Brussel heb ik mijn auto toevallig voor deze deur (van Le Vismet, red.) geparkeerd, en ben ik te voet gaan werken. Het gebouw viel me toen al op, maar ik dacht er niet verder bij na. En kijk, een paar jaar later ben ik hier mijn restaurant begonnen.”

Le Vismet is volgens Decroos het gevolg van een ‘gelukkige ontmoeting’. “Ik heb van mijn 21ste in Brussel gewerkt. Onder meer in restaurant Sea Grill. Daar heb ik mijn vak geleerd. Na een jaar of acht kreeg ik plots die mogelijkheid. Dat is, misschien vroeger nog meer, eigen aan Brussel: mensen zijn geïnteresseerd in je, ze geven je vertrouwen.” Zagen zijn sponsors in hem een talent? “Nee, ik heb gewoon chance gehad. Je moet de mensen leren kennen op het goeie moment.”

Het cliché over de West-Vlaamse bescheidenheid bevestigd, gaat hij verder: “West-Vlamingen passen zich gemakkelijk aan, en dat is zeker voor mij een groot voordeel. Ik pas me nog altijd aan. Aan de taal, aan wat de mensen willen.” Ook binnen de keuken voert Decroos dat door: “Ik werkte vroeger met West-Vlamingen, maar die gingen altijd weg om een eigen zaak op te starten, of ergens anders iets te doen. We zijn te ambitieus (lacht).” De keuken is nu grotendeels Frans- en Engelstalig. “Nu werk ik samen met Bengalen die al heel lang voor mij werken: begonnen als plongeurs en dan doorgegroeid. Af en toe zit er zelfs een klein mondje Bengaals bij.”

Aangepast en wel, toch voelt Decroos zich nog altijd West-Vlaming. Ook bij de keuze van het menu en de leveranciers. “Toen ik pas begon, nam ik alles af van Brusselse leveranciers, nu heb ik ook een leverancier uit Oostende die drie keer per week komt, een vriend van mij. Vroeger - hij is daar nu te oud voor - kwam mijn pa twee keer per week met garnaaltjes. Met de trein en een caddie met zes, zeven kilo garnalen. Tegen het einde van de dag was dat verkocht. We pelden die samen, hij dronk een glaasje wijn en hij ging terug naar huis met de trein.”

“Wij maken alles zelf, van het hapje tot het ijs. Dat is enorm veel werk, maar ik haal daar voldoening uit. Als je het zelf doet, is het meestal beter. Dat is niet per se koppigheid, veeleer trots. Voor mij is dat mijn grootste verwezenlijking: dat we alles zelf doen, van a tot z. Zo bewaar je je eigenheid het best, door niet te veel naar de anderen te kijken.”

Die eigenheid hoort voor Camerlynck ook bij een andere groep West-Vlamingen die hun geluk in Brussel komen zoeken: “Die zitten dan in een bepaald circuit. Een licht artistiek circuit. Arno Hintjens, bijvoorbeeld. Zulke mensen blijven hier omdat ze zich artistiek kunnen ontplooien.” En misschien wel omdat ze dan weg kunnen van de conformiteit en gezagsgetrouwheid die, zo bleek al eerder uit onderzoek van de VUB, eigen is aan de West-Vlaamse student.

Kabels slepen
Film- en tv-redactrice Shana Steyt koos voor Brussel om aan die West-Vlaamse hang naar conformiteit te ontsnappen: “Toen ik aan het Ritcs Televisie studeerde, hielden mijn docenten nogal van clichés. Een van de klassiekers was to think outside of the box, you need to know the box. Voor mij was de middelbare school die box. Het Ritcs was dan de ontsnapping: in Brussel kon ik zijn wie ik was. Ik heb een hekel aan West-Vlaanderen, maar ik hou er ook van. Dat is zoals een minnares die je doodgraag ziet, maar die je ook kwijt wil. Ik wilde weg van de bekrompenheid van thuis, maar het volkse ervan zie je nog in wat ik wil maken.”

Doorbreken in de televisiewereld is, zeker met de relatief kleine Vlaamse markt, geen sinecure: “In twee jaar tijd heb ik aan elf projecten gewerkt – dat is werken, werken en meer werken. En soms raak je dan vrienden kwijt, of heb je geen tijd voor een lief. ’t Leven is geen crèmekarre, dat hoort erbij. Je moet durven te vragen: kan je mij hier nog gebruiken? Alles doen wat ze je vragen – in mijn geval: dagen aan een stuk kabels slepen. Op den duur heb ik het er zelfs moeilijk mee niets te doen.”

Nog een opvallend gemeenschappelijk trekje: bij Dierendonck, bij Decroos en bij Steyt wordt ondergetekende na een halfuurtje vriendelijk de deur gewezen. Het werk wacht. Camerlynck, daarentegen, drinkt traagzaam eerst zijn glas leeg. “In Brussel moet je je niet ont-West-Vlaamsen. Die koppigheid en die werklust lonen. De laatste jaren durven West-Vlamingen zelfs wat meer van het leven te genieten, hier. Best.”

West-Vlamingen

De ondernemingszin heeft West-Vlamingen altijd al naar Brussel doen trekken, aangetrokken door de bloeiende handel en industrie. Ze richtten er verenigingen op die hun West-Vlaamse band onderhielden.

West vlamingen vismet BRUZZ ACTUA 1578


Tom Decroos

  • Oostendenaar én Brusseleir
  • Ruim 20 jaar in Brussel, bijna 20 jaar chef en eigenaar van Le Vismet
West vlamingen Leo Camerlynck BRUZZ ACTUA 1578
© Bart Dewaele


Leo Camerlynck

  • Ukkelaar
  • Vertaler-tolk, auteur van onder meer De West-Vlamingen in Brussel, een verhaal
West vlamingen dierendonck BRUZZ ACTUA 1578
© Saskia Vanderstichele


Hendrik Dierendonck

  • Van 't Zeetje bij Sint-Idesbald
  • Slager van Dierendonck met vestigingen in Sint-Idesbald, Nieuwpoort en sinds 2017 in Brussel
West vlaminen Sh BRUZZ ACTUA 1578

Shana Steyt

  • Van Kortrijk via Veurne naar Brussel
  • Redacteur voor Hotel Hungaria, werkte eerder bij onder meer Woestijnvis, Broektoe en VRT
     

Duizend per jaar

West vlamingen amvb BRUZZ ACTUA 1578
© BE AMVB 221
Na de Eerste Wereldoorlog verlieten veel West-Vlamingen hun geboortestreek. Velen kwamen in Brussel terecht en werkten er als zelfstandige. Maar ook eerder waren de West-Vlamingen al in Brussel vertegenwoordigd, getuige deze foto uit 1918 van de Bond der West-Vlamingen. 

In 2016 verhuisden 13.408 Vlamingen naar Brussel, 904 daarvan waren West-Vlamingen. Dat aantal zit na een dipje na de crisis al enkele jaren in stijgende lijn. Ter vergelijking: in 1992 maakten 1.075 West-Vlamingen van Brussel hun thuis, in 2012 waren dat er slechts 782. 

Het gaat om mensen die de 'tocht' rechtstreeks maakten, het aantal zal hoger liggen als de West-Vlamingen die na enkele omzwervingen in Brussel belandden, meegerekend worden. 

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees meer over

Nieuws uit Brussel in je mailbox?

Lees ook