Gabrielle Petit, heldin van de kleine luiden

© Bart Deawaele

Met de herdenkingen van Wereldoorlog I worden ook de helden van die oorlog herdacht. Gabrielle Petit is één van hen, maar wel een heel bijzondere. “Een heel Brussels verhaal,” zegt de Belgisch-Amerikaanse historica Sophie De Schaepdrijver, die vorig jaar

Gabrielle Petit was één van de vele tienduizenden eenvoudige meisjes die meer dan een eeuw geleden Vlaanderen en Wallonië verlieten om in Brussel met een nederig baantje de kost te verdienen. Petit kwam uit Doornik en werd beroemd voor haar werk bij de inlichtingendiensten. Net als Edith Cavell werd ze door de Duitsers gefusilleerd. “Maar verder zijn de twee totaal niet te vergelijken,” zegt De Schaepdrijver. De Schaepdrijver, die aan de Pennsylvania State University Europese geschiedenis doceert, was samen met ULB-historica Eliane Gubin in het Brussels parlement ter gelegenheid van de Internationale Vrouwendag. Het standbeeld van Gabrielle Petit staat op een boogscheut van het Brussels parlement op het Sint-Jansplein.

Wat brengt een vooraanstaande historica van de Eerste Wereldoorlog ertoe om een biografie te schrijven over een figuur als Gabrielle Petit?
De Schaepdrijver: “0m te beginnen is er het grote mysterie van de Eerste Wereldoorlog. De Tweede Wereldoorlog, die begrijpen we, de eerste daarentegen niet. Wat de Eerste Wereldoorlog betreft moeten we ons afvragen: wat bezielde mensen om zich in te zetten voor die oorlog? Historici moeten met andere woorden proberen te achterhalen wat mensen motiveerde. Je mag er namelijk niet van uitgaan dat mensen dom waren of achterlijk. Het fascinerende aan Gabrielle Petit is voor mij dat je op zoek gaat naar iemand die niet een van de leiders was, die de geschiedenis niet heeft veranderd, maar zich wel volop heeft ingezet. Wat mij ook fascineert is dat Gabrielle Petit een tijdlang zeer bekend was. Lees er Marc Didden op na, in de jaren 1950 wist iedereen in Brussel wie Gabrielle Petit was en wat ze tegen het Duitse executiepeloton zou hebben gezegd. Vanaf de jaren 1960 deemstert die herinnering weg. Als je haar verhaal schrijft, schrijf je niet alleen haar biografie, maar ook de biografie van een herinnering, van een herdenking.”

Edith Cavell en Gabrielle Petit werden beiden door de Duitsers geëxecuteerd. Verder hebben ze in de herinnering weinig met elkaar gemeen.
De Schaepdrijver: “Toen Edith Cavell door de Duitsers werd gedood, was dat onmiddellijk een wereldwijd schandaal. Petit is onder de radar geëxecuteerd, dat werd door de Duitsers zeer bewust gedaan. Ze kreeg bijvoorbeeld geen Belgische advocaat, zodat er niets over het proces kon uitlekken. Er kwam ook geen schandaal. Ze werd pas na de oorlog, zij het vrij snel, ‘erkend’. Zij werd ontdekt door een vakbond uit de dienstensector die haar zo’n beetje uitriep tot patroonsheilige. En dat is natuurlijk zeer interessant, de mensen uit de dienstensector dat zijn de mensen die Brussel hebben gemaakt. Dat zijn de  winkeljuffers, garçons en serveuses, handelsreizigers en kleine gesalarieerden uit de tertiaire sector. Mensen die toen nog in Brussel woonden, maar ondertussen pendelen. Petit was zelf een verkoopster. Het is dus een zeer Brusselse verhaal.”

“Ook de cultus rondom de twee figuren verschilt wezenlijk. Cavell werd herdacht als een onschuldig slachtoffer van de Duitse slechtigheid, ze werd ook onmiddellijk zo voorgesteld dat het ridderlijke Britse leger haar had kunnen wreken. Petit werd veel mannelijker voorgesteld, actief, iemand die het zelf uitzoekt. Iemand die noch geholpen, noch gewroken wordt door het Belgische leger. Het aspect verzet speelt een veel grotere rol bij Petit dan bij Cavell.”

Kan Gabrielle Petit een rol spelen in het collectieve geheugen van de Brusselaars, een superdiverse samenleving met scherpe sociale tegenstellingen?
De Schaepdrijver: “Petit was iemand die zeer weinig kansen had gekregen, iemand die het allemaal zelf moest uitzoeken, maar ook iemand die wel hogerop wou. Ze is het bewijs dat ook een meisje van niets het ergens kan brengen. Toen ze voor het eerst werd aangeworven bij de inlichtingendiensten schreef ze in een brief: ‘Ik ben niet langer een staal zonder waarde’. Die uitdrukking verraadt haar achtergrond: ze had lang in een kledingwinkel gewerkt waar ze échantillons sans valeur toegestuurd kregen. In die zin kan ze een voorbeeld zijn voor jongeren die hogerop willen.”

Petit was een heldin en een voorbeeld van sociale emancipatie, maar we zien niet onmiddellijk de vrouwenemancipatie.
De Schaepdrijver: “Toch wel. Zij is belangrijk voor sociale emancipatie, voor democratisering zelfs, maar ook voor vrouwenemancipatie. Petit opereerde heel autonoom, ze heeft zelf haar weg gebaand zonder mannelijke gezagsfiguren, zonder vader en zonder broers. Ze werd buiten het mannelijke kader om gedefinieerd. Dat merk je soms aan kleine toetsen. De grote volksschrijver Abraham Hans heeft over haar leven een roman van 600 bladzijden geschreven, in het Nederlands en in het Frans, ook dat is niet belangrijk. De cultus gebeurde in beide talen. In die roman moest ze met een van haar medewerkers van de inlichtingendienst afspreken. En dat gebeurde in een hotel. Hans waarschuwt de lezers dat wie hier kwaad wil van denken, zich moet schamen – ze moest bijvoorbeeld ongezien documenten kunnen doorgeven. De scène komt ook overeen met haar eigen leven. Ze huurde een kamer in Molenbeek waar ze ook mannelijke collega’s ontving. Een tante van haar die op de hoogte was, zei hierover: ‘Uw grootvader zou niet content zijn als hij dat wist.’ Waarop zij antwoordde: ‘Dat weet ik niet, of hij niet content zou zijn.’ Als actieve vrouw ben je deel van de wereld. Ze speelde ook kaart met mannen in de trein, daar zag ze niets kwaads in. Iemand omschreef haar als het Amerikaanse type.”

Hoe gaan de Amerikanen om met de geschiedenis van Wereldoorlog I?
De Schaepdrijver: “Ze beginnen er zich voor te interesseren in aanloop naar april 2017, het eeuwfeest van de Amerikaanse deelname aan de oorlog. Intellectueel wordt het belangrijk gevonden, maar pas nu is er de interesse van het grote publiek. Mijn boek is bij een Londense uitgever uitgegeven. Een Amerikaanse was ook wel geïnteresseerd, maar ik moest het opleuken. Alles wat er met de herdenking te maken had, moest er bijvoorbeeld uit. De Londense uitgever heeft het boek precies uitgegeven zoals ik het wou en daar ben ik heel blij om.”

Gabrielle Petit, The Death and Life of a female Spy in the First World War, uitgeverij Bloomsbury London 258 blz., 27,15 euro

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees meer over

Nieuws uit Brussel in je mailbox?