Groen: 'Onwettelijk filosofisch spreekverbod voor personeel Stad Brussel'

De Stad Brussel legt sinds 2013 een ‘filosofisch spreekverbod’ op aan haar personeelsleden dat een aanfluiting is van de mensenrechten en het recht op vrije meningsuiting. Dat stelt gemeenteraadslid Malika Abbad (Groen) en de auditeur van de Raad van State geeft haar ten gronde gelijk. Abbad vraagt het stadsbestuur om de “maatregel die de deur openstelt voor een terreurbewind” te schrappen.

Eind 2013 voerde de Stad Brussel wijzigingen door in zowel het arbeidsreglement als de deontologische code die daarvan deel uitmaakt voor het eigen personeel. Concreet werd er gestipuleerd dat “het niet is toegestaan om filosofische overtuigingen te verkondigen op het werk tijdens de werkuren.”

De Stad Brussel legt zelf niet de link, maar de veranderingen zouden er gekomen zijn na twee incidenten eerder in 2013. Bij een daarvan werd een medewerker ontslagen nadat hij weigerde schepen Karine Lalieux (PS) de hand te schudden omdat zijn geloof – de islam - dat niet zou toelaten.

Gemeenteraadslid in de Stad Brussel Malika Abbad (Groen) was het niet eens met de wijzigingen in het arbeidsreglement en diende samen met enkele mensenrechtenverenigingen een klacht in. Ze heeft niet zozeer problemen met de concrete incidenten, wel met het “extreem gevaarlijke precedent” dat het filosofisch “spreekverbod” vormt omdat het “preventief mensen de mond snoert.”

'Terreurbewind'
“Dit zet de deur open naar totale willekeur én een terreurbewind. Want hoe interpreteer je ‘filosofische overtuiging’? Als iemand tijdens de middagpauze een boek leest waarvan de titel je niet aanstaat, kan een personeelslid daarvoor in de problemen komen. Bazen kunnen ambtenaren een tuchtprocedure aansmeren als ze het niet eens zijn met een bepaalde denkwijze, contractuelen kunnen zelfs gewoon meteen ontslagen worden”, aldus Abbad.

Bovendien heeft Abbad aan benchmarking gedaan en vond ze zo gelijkaardige clausules niet terug in de arbeidsreglementen van bijvoorbeeld de Vlaamse of de federale overheid.

Nog niet helemaal thuis
De klacht werd al ingediend in 2013, en krijgt vandaag de steun van de auditeur van de Raad van State. Die geeft Abbad in de grond van de zaak gelijk, door te stellen dat “concretisering naar omstandigheden en voorwaarden noodzakelijk is om een verbod te kunnen instellen. De beperking aan de vrijheid van het uiten van de overtuiging kan niet a priori, niet op grond van niet aangetoonde motieven die nietszeggend zijn.”

Niets minder dan een blamage voor het college en iedereen die de wijziging van het arbeidsreglement destijds goedkeurde, aldus Abbad. Maar helemaal thuis is ze nog niet. De auditeur van de Raad van State gaf haar dan wel gelijk wat betreft de grond van de zaak, maar qua ontvankelijkheid van de klacht stelt de auditeur wel vraagtekens. Het zou niet aangetoond zijn dat Abbad en de andere vragende partijen voldoende belang hebben bij deze zaak om de grond van de zaak aan te vechten.

Daar moet de Raad van State zelf nog een oordeel in vellen op basis van de rapporten van haar adviseur, maar Abbad is hoopvol dat die in haar voordeel zal oordelen. “En zelfs als dat niet het geval is, geeft de uitspraak van de auditeur al voldoende juridische basis aan huidige en toekomstige werknemers om bij gewone rechtbanken het filosofisch spreekverbod te laten vernietigen.”

Interpellatie op gemeenteraad
Sterker nog, In de marge hiervan kunnen zij, op grond van dezelfde argumentatie, ook het bestaande totaalverbod op levensbeschouwelijke kentekens aanvechten, aldus Abbad. In dat dossier kan zo bijvoorbeeld het hoofddoekenverbod opnieuw centraal komen te staan.

Voorlopig heeft Abbad al voldoende munitie met het advies van de auditeur om het College van Brussel Stad aanstaande maandag te interpelleren. Ze vraagt daarin uitdrukkelijk om de wijzigingen aan het arbeidsreglement ongedaan te maken.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees meer over

Nieuws uit Brussel in je mailbox?

Lees ook