Langs wegen van steen: Gentsesteenweg

Het traject van de Gentsesteenweg, van aan de grens van Vlaams-Brabant met het Brussels Gewest tot aan de Vlaamsepoort op de Brusselse Kleine Ring, is 4,7 kilometer lang en loopt op het grondgebied van de gemeenten Sint-Agatha-Berchem en Sint-Jans-Molenbeek. Ooit was de Gentsesteenweg de belangrijkste verkeersas van Brussel naar de Vlaamse steden, en een onderdeel van een handelsweg die van noord naar zuid door Europa liep. Een paar eeuwen later gebruikt zowat iedereen uiteraard de E40 om met de auto van Brussel naar Gent te rijden. Maar ook de N9, zoals de gecodeerde bijnaam van de Gentsesteenweg luidt, loopt nog altijd mooi parallel met die autosnelweg langs Aalst naar de hoofdstad van Oost-Vlaanderen.

Vier weken na elkaar ondernemen we een voetreis door Brussel, telkens van aan de Grote tot aan de Kleine Brusselse Ring. De weg is lang, maar een gids hebben we niet nodig, want we lopen respectievelijk de steenwegen op Gent, Leuven, Waterloo en Bergen af.

Er zijn mooiere bestemmingen voor een daguitstap, maar het Brusselse gedeelte van de Gentsesteenweg is beslist niet onaangenaam om te bewandelen. De lange, niet al te rechte weg laat zich bijzonder veel welgevallen, en verandert dan ook regelmatig, doch altijd vrij onopvallend, van gedaante. Nu eens overweegt de residentiële, dan weer de commerciële functie, en alleen op die paar stukjes waar het verval zich echt heeft doorgezet, wordt hij louter een verkeersas. Maar de stijlbreuken zijn nooit zo groot dat de steenweg zichzelf niet meer zou herkennen. De Gentsesteenweg is ook over het hele traject ongeveer even smal, en al lang helemaal volgebouwd.

Lusthuizen
We volgen de steenweg stroomopwaarts, van aan de grens van Sint-Agatha-Berchem met Groot-Bijgaarden, waar ze van de Brusselsesteenweg beginnen te spreken. 1444 is het hoogste nummer en hoort bij een gebouw dat zowat op de grens ligt. Het lijkt ons een geschikt uithangbord voor het Gewest, want het is spuuglelijk. Het behoort dan ook toe aan de Fortisgroep, waarvan niets beters te verwachten valt. En jawel hoor: de architecten Jaspers-Eyers & Partners hebben fier hun naam op een houten paneel in de voortuin geheid.

Dat we ons hier in grensgebied bevinden, maakt vooral het Stationsplein van Sint-Agatha-Berchem duidelijk, waar trams 82 en 83, en bus 84 hun eindhalte hebben. Het stations­gebouw is ingenomen door een vormingscentrum van de gemeente. Op de twee perrons houden tijdens de spitsuren vier treinen per uur halt - richting Brussel en Eigenbrakel enerzijds, en richting Aalst en Geraardsbergen anderzijds. Het is doodzonde dat het zeer mooi uitziende Café Osborne tegenover te huur staat. Friterie Terminus op het midden van het plein is wel nog open, maar is dan weer erg onderkomen.

Toch is er nog sprake van een trekpleister op dit rafelige uiteinde tussen bouwputten en Basilix Shopping Center: La Brasserie de la Gare op nummer 1430 is gevestigd in een zeer charmant pand dat vol hangt met oude foto's en folkloristische schilderijen met karikaturale zwans van de bekende Brusselaar Paul Vankueken. Die blijkt de vader te zijn van een van de twee uitbaters, die regelmatig nieuwslezers en hoofdredacteurs van nabije kranten- en tv-redacties over de vloer krijgen.

De eerste honderden meters Gentsesteenweg in het gewest zijn van de rest afgeknipt door de Keizer Karellaan. Die steken we nu over, en meteen rechts loopt een straatje van nog geen tachtig meter dat de Lusthuizenstraat heet. Er staat echter maar één bewoonbaar huis, en dat is voorzeker geen lusthuis. In het Frans blijken lusthuizen dan ook maar gewoon chalets te zijn. De rest van het straatje dient hoofdzakelijk als bandenopslagplaats. Dan lijkt de Villa Marie-Miranda wat verderop, op de hoek met de de Selliers de Moranvillelaan, veel meer op een lusthuis. De gevel in faience spiegelt fraaie art-nouveaumotieven in de ruiten van de toonzaal van Peugeot ertegenover. Wie liever met de auto door de Gentsesteenweg toert, kan zich er overigens probleemloos ter plekke één aanschaffen. Wat verderop volgt al een garage voor Japanse wagens, en dieper de stad in tonen ook Lancia, Fiat, Citroën, Honda en Opel hun waar.

U Wuja
In het gedeelte tot aan het Schweitzerplein tellen we behoorlijk wat neringdoenden. In die mate dat we bijna van een winkelstraat kunnen spreken. U Wuja op nummer 1280 is een Poolse kruidenierszaak die er piekfijn uitziet en waarvan het uitgebreide exotische aanbod ons doet overwegen voor een andere zomerreeks eens een vergelijkende smaaktest te organiseren tussen onze inheemse producten en hun Poolse equivalent. Wat verderop passeren we een bloemenzaak en viswinkels, beenhouwers en bakkers, een winkel met surfplanken en toebehoren, en een veelvoud aan eettenten - in hoofdzaak pizzeria's. De uitbaatster van een krantenwinkel annex slijterij stopt er binnenkort mee na dertig jaar dienst, maar benadrukt dat dat om gezondheidsredenen is, en niet omdat het slecht zou gaan met de zaken.

Architecturaal inspirerend is vooral de speciaalzaak in veranda's op nummer 1222: één toonzaalmodel is zo buitensporig groot dat het maar meteen zelf als toonzaal in gebruik is genomen. Het Dexia-filiaal daar vlakbij lijkt ons dan weer gevestigd te zijn in een oude buurtcinema zoals er verderop nog zullen volgen.

Het Schweitzerplein dan. Wie het nog wil gadeslaan zoals het nu is, moet zich haasten, want straks zou de heraanleg moeten beginnen volgens de wedstrijdwinnende plannen van het Belgisch-Britse bureau B612 Associates/T2 Spatialworks. Niets te vroeg, want je vraagt je af hoe de omwonenden het al die tijd hebben volgehouden om op deze stedenbouwkundige miskleun te blijven circuleren. Om het plein over te steken moeten we wel vijf stukjes zebrapad over, en in zijn geheel is het plein een echt massagraf voor zebra's. Ter compensatie maken we de dierenliefhebbers attent op het reusachtige standbeeld van een neushoorn in de voortuin van de Stichting voor Psychogeriatrie even verderop.

Dode zeelui
Aan gene zijde van het Schweitzerplein verandert de Gentsesteenweg trouwens langzaam van gedaante en krijgt hij een beetje de allure van een residentiële laan. In het stuk tot aan de Basilieklaan staan links, rechts en in de zijstraten behoorlijk wat villa's. In de Basiliekstraat ligt ook de ingang van een tennisclub met een aantal opulente gravelterreinen in het groen.

Maar dan nadert de grens met Sint-Jans-Molenbeek, en die grensovergang word je toch ook gewaar. Alsof per gemeentewet werd beslist dat de wind hier harder moet waaien en bloemen in de knop dienen te worden geknakt. Een keurslager, een City Delhaize en een carwash krijgen in dit gedeelte iets van een oase in de woestijn, al overdrijven we nu wel een beetje.

Toch haasten we ons naar het kerkhof van Molenbeek, dat om verschillende redenen interessant is. Om te beginnen heb je op de rustigste plek op de hele steenweg een vrij riant en niet alledaags uitzicht op de verrassend slanke flank van de Basiliek van Koekelberg. Een echo van haar koepel bekroont de neoklassieke grafgalerij op de begraafplaats zelf. Die grafgalerij is tevens een lange fotogalerij met de portretten van talloze vergeten Brusselaars die al vroeg in de vorige eeuw ophielden te bestaan. Aan de ingang leren we dat deze begraafplaats, waar overigens nog voldoende plaats over is, al dienst doet sedert 1864, en dat er verschillende zeelui op begraven werden die in Molenbeek woonden omwille van de nabijheid van de kanalen naar Willebroek en Charleroi. Loop je vlak na de ingang schuin links de tweede laan in tot aan de ingang van het columbarium, dan passeer je ook een grafsteen in art nouveau ontworpen door Victor Horta.

Terug onder de levenden passeren we eerst nog een rustiek politiekantoor met bijbehorende flitspaal, en daarna steken we de Mettewielaan over. Ondanks de supermarkten en filialen van andere winkelketens op de Mettewielaan, treffen we hier opnieuw heel wat handels- en horecazaken aan. Vermeldenswaard is vooral de taverne Vieux Karreveld op nummer 438, een volkscafé met een mooi interieur en een biljart, dat niet mag worden verward met Snack Karreveld, Cordonnerie Karreveld, Carrosserie du Karreveld, of Nettoyage à Sec Karreveld. Voor ons middageten stoten we nog door tot aan taverne Les Trappistes op nummer 408 aan het grote kruispunt van de Gentsesteenweg met de Karreveldlaan en de Brigade Pironlaan. De zaak is niet helemaal authentiek gebleven, maar pronkt nog wel met een geweldige toog in art deco, en de dagverse mosselen - een specialiteit van het huis - zijn er uitstekend.

Pietjesbak
Vanaf nu komen we in het bekendere gedeelte van de Gentsesteenweg. Tussen de metrostations Ossegem en Zwarte Vijvers draait de economie hoofdzakelijk op autobanden en bandenvelgen. Daarvan zijn er blijkbaar nooit genoeg. Interessanter is Le Grenier op 232A - één lange gang die volgestouwd is met tweedehandsmeubelen, waar we zowel een Emmanuelle-stoel als een reuzenposter van Marilyn Monroe aantreffen.

We betreden nu oud-Molenbeek. Ook de Aldi is gevestigd in een oude buurtcinema, en café De Schieven Hoek een beetje verder zou best wel eens de cafetaria van de Aldi kunnen zijn. Boven de deur naar het toilet staat te lezen dat het café alleen toegankelijk is voor leden van de club, maar die club natuurlijk niet. Voor de duur van onze koffie zijn we er toch even lid van. Twee andere leden spelen pietjesbak tot ze nieuwe sigaretten moeten gaan kopen. Naast hen lijken een jonge man en een vrouw ernstige dingen te bespreken te hebben. De zoon van de vrouw is het kind van de rekening. Hij speelt met het rietje van een drankje dat al uren op is, en als hij een keer te veel met zijn stoel schuift, krijgt hij een ferme tik tegen zijn kop. Een oude halfblinde Marokkaan doet dan weer iets raars met het schuim op zijn koffie en het lege plastic potje room.

Helemaal centraal aan het plafond, als een soort god, hangt dreigend de installatie die voorlopig nog alleen de rook, maar op een dag wellicht de hele onbestaande club en al haar leden zal opzuigen.

Vanaf Zwarte Vijvers - ondanks de heraanleg nog altijd een troosteloze plek waar een betonblok kan doorgaan voor rotondekunst - is de Gentsesteenweg aan de uitbaters van gsm-winkels, van halal slagerijen, van kruidenierszaken met zowel watermeloenen als waterpijpen in de aanbieding, van kledingwinkels met zelfgeschilderde uithangborden en miljoenen jurkjes en kostuumpjes voor kleine Marokkaanse Belgjes, en vooral van de onbegrensde meubelmagazijnen die achter sommige gevels schuilgaan. Zo heeft de Meubelshop op nummer 52 een showroom van maar liefst 2.400 vierkante meter. Achter de gevel van de voormalige Cinema Forum (44-46) kun je ook terecht voor opblaasbare boksballen, microgolfovens, wc-brillen, en kinderspeelgoed in gehavende verpakkingen. Ook dit laatste gedeelte tot aan het kanaal wordt nog stukje bij beetje heraangelegd. De harde steen die men heeft gebruikt voor het nieuwe voetpad, laat in ieder geval uitschijnen dat de Gentsesteenweg nog wel een tijdje zal blijven liggen waar hij ligt.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees meer over

Nieuws uit Brussel in je mailbox?