longread

Marokkaanse gemeenschap na rellen: 'Jongeren moeten leren praten'

© Hannelore Goeman

Ook in de Marokkaanse gemeenschap van Brussel zijn nog heel wat vragen onopgelost na de rellen van vorige week. Enkele moeders verzamelden daarom een dertigtal jongeren en andere bezorgde burgers voor een rondetafelgesprek in gemeenschapscentrum De Kriekelaar. “Er valt nog zo veel te leren van deze jonge generatie."

De 15-jarige Anass stond vorige week woensdag rond 16 uur op het Muntplein te wachten op het sociale-mediafenomeen Vargasss92. Hij deed dat samen met enkele honderden andere jongeren uit heel Brussel. Wanneer de Franse ster even later opdaagt, zijn de taferelen al snel hysterisch te noemen.

“Nog geen minuut later wordt hij al meegenomen door de politie”, begint Anass zijn relaas van de feiten. “Bepaalde jongeren gaan zich daardoor onmiddellijk opwinden over het optreden van de politie. We zijn daar immers allemaal samengekomen om Vargasss92 te zien en dan moet hij direct weg. Diezelfde groep jongeren keert zich dan tegen de agenten, die zich moeten terugtrekken omdat ze met te weinig zijn. Toen hebben ze alles wat los zat vastgenomen en de ramen van Muntpunt aan diggelen geslagen.”

De adolescent vertelt zijn verhaal op uitnodiging van Najat Saadoune, de voorzitster van de vrouwenorganisatie Dar El Ward. Zij organiseerde dinsdagavond samen met een aantal andere bezorgde moeders een bijeenkomst in gemeenschapscentrum De Kriekelaar in Schaarbeek. Niet alleen politici en andere stemmen in het publieke debat, maar ook de gemeenschap van Brusselaars met een Maghrebijnse achtergrond zit immers nog met veel vragen na de rellen van de voorbije week.

In de spiegel kijken
Het doel van het rondetafelgesprek is dan ook duidelijk. “We willen de jongeren laten praten”, zegt Saadoune bij aanvang. “Proberen begrijpen wat er gebeurd is aan de Beurs en op het Muntplein. Hopelijk kunnen we dan op zoek gaan naar oplossingen om deze jongeren te helpen.”

Een dertigtal mensen is opgedaagd, onder wie slechts een handvol jongeren. Verder is er wel een heel divers publiek aanwezig met onder meer leerkrachten, een fiscalist en twee mensen die bij de politie werken. Allen zijn het bezorgde burgers.

Deze diversiteit weerspiegelt zich ook snel in het gesprek. Gevraagd naar wat zij als mogelijke oorzaak zien van wat er is misgelopen, spreekt een moeder die feestvierde aan de Beurs na de WK-kwalificatie van Marokko over “het impressionante machtsvertoon" van de aanwezige ordetroepen. "Terwijl we gewoon muziek wilden maken en met vlaggen zwaaiden”. Niet veel later escaleerde de situatie en kreeg ze gas of pepperspray in haar gezicht gespoten.

“En nadien worden alle Marokkaanse jongeren, niet alleen het krapuul, door media en politici uitgemaakt als racaille”, vult een studente aan. “Dat zijn verkeerde begrippen om kinderen van 13 en 14 jaar te omschrijven. We maken dieren van hen. We moeten daarmee stoppen!”

Maar ook: “We moeten in de spiegel durven kijken”, zegt een moeder uit Strombeek-Bever die bij de politie werkt. “De statistieken zijn de statistieken. Aan de andere kant heb ik ook veel vraagtekens in mijn hoofd. De politie gaat niet zomaar ingrijpen. Er moet een reden zijn geweest.”

Competitie met Fransen
Wel veroordelen alle aanwezigen het geweld met klem. De aanwezige jeugd misschien nog wel het meest. “Zelfs als de politie je provoceert, dan nog ga je je niet richten tegen de eigendom van andere mensen”, zegt Adel (14) die getuige was van de rellen aan de Beurs. “Die relschoppers zijn ook speciaal gekomen om boel te maken. Ze hadden geen vlaggen of muziek bij, ze wilden niet vieren. Ik begrijp het gewoon niet wat hen bezielde.”

“Er heerst ook veel competitie tussen de Fransen en de Maghrebijnen”, vult Anass aan. “In het weekend zijn er veel Fransen in Brussel en die beschouwen ons, Marokkanen en Algerijnen, als minderwaardig dan Belgen. Het zou mij niet verbazen moest de bestelwagen die is uitgebrand een Franse wagen zijn geweest.”

Dit nieuws doet de tafel even verstillen. Zelfs de moeders van deze jongens hadden dit nog niet eerder gehoord. En ook al is de opkomst van jongeren deze eerste keer erg minimaal, het toont wel aan dat er nog veel te leren valt. “Daarom ook dat we dit traject zullen moeten verderzetten en meer jongeren trachten te betrekken”, zegt initiatiefneemster Saadoune. “Eventueel samen met jeugd- of wijkhuizen. Want er valt nog zo veel te leren van hen.”

Confronterend
“Het is de eerste keer dat ik iemand een rondetafelgesprek weet organiseren om mét jongeren over jongeren te praten, over hun problemen”, zegt ook de 20-jarige studente Ayad. “Scholen doen dat maar weinig. Moskeeën doen dat zelfs niet. Daar gaat het alleen maar over grote thema’s, nooit over ons leven of over problematische situaties zoals de rellen.”

Het blijkt voor heel wat aanwezigen de eerste keer te zijn dat ze deelnemen aan een dergelijk open en bij momenten confronterend gesprek. Als het dan over concrete oplossingen gaat, waaieren de ideeën opnieuw alle kanten uit. “Waar is het verantwoordelijkheidsgevoel van de ouders van die relschoppers naartoe”, vraagt de ene moeder zich af. “Maar ze hebben ook profs en leraren die sommige kinderen te snel afschrijven”, klinkt het bij een andere.

Ook meer nabijheidspolitie en gelijkaardige gesprekken als deze met imams zouden soelaas moeten brengen. En media zouden meer aandacht moeten besteden aan positieve verwezenlijkingen van mensen met een diverse achtergrond.

“Maar bovenal”, besluit Saadoune, “hebben we hier op korte tijd een verscheiden publiek samengebracht om iets te doen wat we soms te weinig doen, en dat is praten. Dat zullen we blijven doen.”

Lees meer over

Nieuws uit Brussel in je mailbox?

Lees ook