Popartkunstenaar Andrea Clanetti: 'Met één leven kom ik onmogelijk toe'

© Marc Gysens
"Films en strips vormen een onuitputtelijk universum van inspiratie. Met één leven kom ik onmogelijk toe om alle beelden die ik voor ogen heb, op canvas te zetten. En ik durf daarin ver te gaan: mijn vrouw denkt soms dat ik gek geworden ben. Maar ja, om Batman van kant te laten maken door tuig uit de favelas, heb je nu eenmaal een gezonde dosis gekte nodig." Andrea Clanetti is een Italiaanse popartschilder met een donker kantje. Nu bijna negen jaar geleden verruilde hij Venetië voor Brussel.

H et werk van Andrea Clanetti wordt permanent tentoongesteld in de Monegaskische galerie L'Entrepôt; in Brussel werkt hij samen met Artemptation in de Louizagalerij. Niet slecht voor een autodidact.

"Ik heb altijd getekend, al van voor ik het mij kan herinneren. Mijn moeder vertelde dat een potlood in mijn handjes volstond om me uren zoet te houden. Het ging zo ver dat mensen die me bezig zagen, vroegen: 'Andrea is zo braaf, ben je zeker dat hem niets mankeert?' Ik kan niet leven zonder. Niet zonder de geur van de verf, niet zonder kleur in mijn leven, niet zonder de beelden in mijn hoofd. Ik heb geen kunst gestudeerd, maar ik heb al doende geleerd, lessen anatomie gevolgd en me vervolmaakt door stages in ateliers van bekende kunstenaars. Een van hen, wiens werk voor het ogenblik te zien is in het MoMA in New York, heeft me toen gezegd: 'Straf dat je het allemaal empirisch hebt geleerd, daar moet je echt wel talent voor hebben.' Vooraleer me op eigen werk te storten ben ik ook ghost painter geweest voor enkele grote artiesten. Gezegend voel ik me: ik amuseer me elke dag, ik kan leven van wat ik het liefste doe, mag een beetje kind blijven. En de ontmoetingen die het allemaal oplevert, zijn telkens weer een plezier."

Sergio Leone
Waar Clanetti zich de voorbije weken mee heeft geamuseerd, mag ik als allereerste zien in zijn atelier: een hommage aan Sergio Leone en diens spaghettiwesterns. Revolverhelden gedropt in hedendaagse decors.

"Mijn eerste liefde was tekenen, mijn tweede film. Mijn grootvader was filmoperateur in een Cinema Arsenale, een kleine Vene­tiaanse wijkbioscoop, waar koppeltjes kwamen zoenen en waar de kringelende sigarettenrook in het licht van de projector een spektakel op zich was. Op de affiche stonden B-films met helden als de mythische krachtpatser Maciste, spaghettiwesterns, komische films, Italiaanse horror... Grootvader troonde me al mee toen ik vijf, zes was. Ik heb er een enorme collectie fiches, affiches en foto's van films van de jaren 1950 en 1960 aan overgehouden. Er zitten ook massa's beelden in mijn hoofd waarvan ik zelfs niet weet uit welke film ze komen. Het maakt dat ik in mijn werk altijd getracht heb films opnieuw te interpreteren."

"Voor jongens van mijn leeftijd waren de eerste iconen cowboys, verpersoonlijkt door John Wayne en de indianen. Goed en kwaad. Bij Sergio Leone bestond geen goed of kwaad, zijn personages zaten in een grijze zone. Het heeft picareske meesterwerken opgeleverd, met als absolute uitschieter The good, the bad and the ugly. Velen hebben Leones cinema afgekraakt als pulp, een travestie van wat een echte western hoort te zijn. Ik niet. Voor mij is het kunst met een grote K. Alleen al hoe Leone omging met beeld en tijd! Sequensen van zeven, acht minuten waarin in feite niets gebeurt, maar waarin de beelden - met een inventief gebruik van close-ups - en de schitterende muziek van Ennio Morricone je op de rand van je zitje krijgen. Je weet wat er gaat gebeuren, en toch ben je gebiologeerd."

"Ik heb net een doek afgewerkt voor een verzamelaar in Dubai. Het is geïnspireerd door La decima vittima, een hyperpolitieke sf-thriller van Elio Petri uit 1965, met Marcello Mastroianni en Ursula Andress. Een film die tekenend is voor de durf en de gezonde waanzin van veel films uit de jaren '60 en '70. Films met ballen, die grenzen durfden op te zoeken. Alles kon, alles mocht."

"Zelf heb ik me ook wel eens gewaagd aan de Zevende Kunst. Heel bescheiden, een kortfilmpje. Geïnspireerd op een Mexicaanse prent van de jaren 1950 met als held Santo, een legendarische gemaskerde catcher. Santo wordt wakker en begrijpt niet waar hij is. Poepsimpel verhaaltje, min of meer een metafoor voor het leven. Begeleid door muziek van Guano Padano en het fluiten van Alessandro Alessandroni, befaamd geworden door Leones For a fistful of dollars."

Net zo tuk als op Leones werk is Clanetti op peplumfilms. "Met protagonisten als Maciste, Hercules, Ursus... Ik ga nu een serie maken over de manier waarop het genre omsprong met de Romeinse en Griekse mythologie en mensen aan het dromen brachten. En dat ging heel ver - het resultaat was meer dan eens afschuwelijk. Neem nu Zorro contro Maciste: zo afschuwelijk slecht dat het weer goed wordt. Het waren films die door critici straal werden genegeerd, maar iconen als Pasolini en Fellini noemden het grote cinema. Fellini zei zelfs in een interview dat hij ooit eens een peplumfilm wou draaien en dat Ercole alla conquista di Atlantide zijn favoriete Italiaanse film was. Later hebben mensen als Quentin Tarantino gezorgd voor een revival van films die vroeger enkel waren bestemd voor wijk- en plattelandsbioscopen. Maar het is me allemaal een beetje te gelikt."

Clanetti's derde grote liefde: de wereld van de strip. "Te beginnen met de strips uit de jaren '60 die als perverse en gevaarlijke rommel werden afgeschilderd. Diabolique, Satanique, Criminal, Mandrake, Lucifera... Had mijn moeder mij betrapt met die dingen in mijn hand, ze had me enkele oorvegen verkocht. Ik ben wel niet zelf op het idee gekomen om er iets mee te doen - 'Wie zou dat in hemelsnaam willen kopen?' -, anderen fluisterden het me in."

Als Modigliani in Parijs
Films en strips zijn voor Clanetti een bron van inspiratie, maar Brussel is dat evengoed. "Soms voel ik me als Modigliani in Parijs. Ik vind het een waar godsgeschenk dat ik in Brussel kan leven."

"De liefde heeft me hier gebracht. Saida, die in Brussel woonde, was in Venetië om een vriendin te bezoeken, met wie ik samenwerkte. Mede door onze gemeenschappelijke passie voor tango is de vonk overgesprongen. Daarna ben ik haar bijna wekelijks komen opzoeken in Brussel. De stad beviel me enorm, en na een tijdje heb ik besloten hier te komen wonen. Ik heb het me nog geen seconde beklaagd, al zou Saida liever terug naar Italië willen. Voor het weer. Maar ik wil blijven. Brussel heeft alles waarvan ik kan dromen, de stad heeft me veel gegeven."

"Mijn eerste tentoonstelling heb ik gehouden in Piola Libri. Meer dan een boekhandel is dat; het is een magisch stukje Italië in Brussel. Daar heb ik ook Umberto Lenzi leren kennen, een van Tarantino's idolen, die ondertussen een goede vriend is geworden. Lenzi is bekend van politiek getinte, ultragewelddadige polars uit de jaren '70 en door zijn kannibalenfilms, die hij maakte om niet te verhongeren. Dat Bozar een tijd geleden zijn film Milano odia, la polizia non può sparare als hommage op de affiche zette, op initiatief van Cinema Nova, was mooi. Ik heb hun toen geholpen door Lenzi, die al in de tachtig is, maar nog altijd vol energie zit, te vergezellen en tolk te spelen."

"Ik heb hier Braziliaanse vrienden, Amerikaanse vrienden, Duitse, Franse, Italiaanse, Belgische... Overal kun je om het even wie ontmoeten. Zelfs van het weer van Brussel hou ik, omdat het dikwijls regent. Het geeft de stad een atmosfeer die inspireert. Bij regen voel ik me beschermd, het kalmeert me, geeft me energie om goed te werken. Brussel heeft me ook doen begrijpen dat Magritte niets heeft uitgevonden, Brussel ís surrealisme."

"Weet je waar ik ook van hou? Van de stad voelen, ze te voelen onder mijn voeten, het fysieke contact. Ik wandel veel en graag. Ik heb geen rijbewijs, en maar best ook dat ik me niet in het verkeer waag: een publiek gevaar zou ik zijn. Een van mijn favoriete plekken is het Justitiepaleis. In mijn verbeelding zie ik daar altijd een Maciste, een Hercules, een Ursus op de trappen, geen politie of advocaten. De architectuur vind ik overweldigend en inspirerend. Ik heb op een bepaald moment zelfs met het idee gespeeld er een korte peplumfilm te draaien, maar het mocht helaas niet."

"Nog zo'n magische plek is Cinema Nova. Daar vind ik de geur en de atmosfeer terug van opa's Cinema Arsenale. En niet te vergeten: Cinematek, met zijn schitterende programmering en de stomme films begeleid door een pianist. Een unieke plek, waar ik veel inspiratie uit haal."


BDW in gesprek met ...

Brussel Deze Week ontmoet iedere week een interessante Brusselaar voor een boeiend gesprek.
Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees ook
BRUZZ Magazine
deze week
  • DoucheFLUX-directeur: 'Ja, we kunnen dakloosheid de wereld uit helpen'
  • Hoe Helsinki omgaat met daklozen
  • Minderheidstalen in Brussel: u spreekt toch ook Cornisch?
  • Hier vind je BRUZZ in de stad
  • Archief
deze week
  • The shadow theatre of Roger Ballen
  • Whitney: Neil en Bob maken een baby
  • Nuestras Madres: Le Guatemala et ses fantômes au cinéma
  • BRUZZ in the city
  • Archief
Neem een abonnement