Sven Gatz: ‘We geven Beursgebouw terug aan de mensen’

© ID Eric de Mildt

Niet iedereen lust de plannen om een bierpaleis te maken van de Beurs. Tegenstanders zien in de eerste plaats een commercieel project. Onterecht, vindt Vlaams minister voor Brussel Sven Gatz (Open VLD). “Dit wordt een oord voor fijnproevers.” Vandaag vindt er een overlegcommissie plaats over de Beurs. 

Ik hou van een levende stad voor mensen en ik hou ook van wat stedelijke ambitie. Het zijn de interne drijfveren die mijn doen en laten als politicus bepalen. Met de voetgangerszone in het stadscentrum geven we een grote ruimte terug aan de mensen. Toegegeven, dat heeft wat voeten in de aarde en er is nog veel werk, maar de aanhouder wint. In het hartje van die zone staat het iconische beursgebouw. Welke Brusselaar heeft nog niet afgesproken op de trappen van de Beurs? Het beleid heeft lang nagedacht over een nieuwe bestemming van het gebouw, na het vertrek van Euronext. Destijds heb ik er als volksvertegenwoordiger en vervolgens als directeur van de Belgische Brouwers voor geijverd om de Beurs een bierbestemming te geven. Maar niet om het even welke.”

“Sedert ik in 2014 minister werd voor onder meer Cultuur en Brussel, heb ik me niet meer met dit dossier bemoeid. Al enige tijd werken de stad, het gewest, de federale overheid en de Belgische Brouwers samen aan die nieuwe toekomst voor de Beurs. Met mijn collega’s van de Franse en de Duitstalige Gemeenschappen heb ik er mee voor gezorgd dat de Unesco onze Belgische biercultuur als immaterieel cultureel erfgoed heeft erkend. Die erkenning als wereld-erfgoed heeft me apetrots gemaakt. En met mij vele landgenoten. Belgisch bier verbindt ons land, Vlamingen, Walen en Brusselaars. En maakt de rest van de wereld nieuwsgierig.”

“Die erkenning van onze biercultuur is geen erkenning van de kwaliteit van onze bieren, zelfs al zal niemand die ter discussie stellen. Die Unesco-eretitel gaat over hoe onze bieren ménsen samenbrengen: op café, in dorpen en steden, als verzamelaars van zeldzame bierglazen of –viltjes of hoe we daarover kennis doorgeven onder brouwers en op brouwscholen. Beer as the first social media. Om te delen met anderen.”

“Zo bekeken, kunnen de stad Brussel en de Belgische Brouwers, samen met een internationaal geprezen architectenbureau, Robbrecht en Daem, een sterk project voorleggen. Ook de Brusselse Bouwmeester was bij de jury van deze operatie betrokken.”

“Eerst en vooral wordt het gebouw, waaraan slechts vier procent van de architectuur zal worden gewijzigd, aan het publiek en de Brusselaars teruggegeven. Zolang Euronext er nog huisde was de imposante beursvloer alleen te huur voor recepties van de happy few. Vandaag is dit prachtig stukje Brussel niet toegankelijk, tenzij tegen betaling, ter gelegenheid van een tijdelijke tentoonstelling. In de toekomst zullen we er permanent rond en door kunnen wandelen, zoals in de Koninginne-/Sint-Hubertusgalerij. Rond de beursvloer en op het dak rond de koepel van het gebouw, komen een brasserie en restaurant. Ook vroeger trouwens, al zullen slechts oudere Brusselaars zich dit herinneren, waren er een café en een restaurant in het Beursgebouw.”

“In de afgesloten en niet zichtbare ruimtes die het gebouw volledig omsluiten, komt dan de ‘Belgian Beer World’: een bierbeleving gericht op de historiek van het Belgisch bier, op een ondergrondse verbinding met de archeologische ruimte waar ooit Hertog Jan I van Brabant (Jan Primus, Gambrinus dus) begraven lag, op een verkenning van het Belgische bierlabyrint, op de natuurlijke ingrediënten van bier, op de finesse en de kunst van het brouwproces, ...

Daarbij is de vrees dat dit een bierpaleis ter ere van ’s werelds grootste brouwer zou worden, ongegrond: meer dan dertig brouwerijen, van grote over middelgrote brouwerijen tot de kleinste trappistenbrouwerij van ons land, samen goed voor meer dan honderd bieren, zullen de veelzijdigheid en diversiteit van onze biercultuur uitdragen. Die dan nog aangevuld wordt met de bijzondere aanwezigheid van de groeiende Brusselse craftbeerscene. En na de rondleiding krijgen de bezoekers welgeteld één proefglaasje te degusteren. Dit wordt een oord voor fijnproevers en levensgenieters, zoals de Brusselaars van oudsher zijn. Mag het ook een plek van stedelijke ambitie zijn?”

Lees meer over

Nieuws uit Brussel in je mailbox?

Lees ook