‘Volgens mij bewaken de kraaien hier iets’

© Christophe Degreef
Elk park heeft zijn gebruikers: joggers, hondenwandelaars, kinderen en verliefde stelletjes. De Schaarbeekse Carla Vanparys wilde meer weten over de habitués van haren hof en vroeg de mensen naar hun verhaal. Omdat ze van het park houdt.

H et clubhuisje van de schuttersgilde van Schaarbeek, midden in het park. Een weekdag. Carla Vanparys bewandelt 'haar' park, een onderdeel van Onzen hof Notre jardin , zoals haar kersverse boek heet - ook een knipoog naar Leopold II, "want zonder hem was het park er niet geweest". Het boek is een ode aan parkgebruikers. Op haar weg komt ze een tuinman tegen, en die staat in het boek. De ontmoeting is hartelijk.

"Het idee was er al enkele jaren geleden," zegt Vanparys. "Ik woon al ongeveer 25 jaar in Schaarbeek en kom hier regelmatig eens kuieren. Vaak kwam ik dezelfde mensen tegen, en het hield me erg bezig wie ze waren en wat hun band met het park was. Uiteindelijk resulteerde dat in dit boek, toch 168 bladzijden dik, met verhalen, maar ook met mooie foto's. Het is mijn manier om het park te bedanken." De Schaarbeekse diept een exemplaar op - het allereerste - en haalt het voorzichtig uit de belletjesfolie . Ondertussen joggen twee joggers hun ronde, en vindt er een kort gesprekje plaats tussen auteur en jogger. Nog iemand die te boek staat.

Leeslintjes
Het eerste dat opvalt, zijn de leeslintjes in drie verschillende kleuren: donkergroen, zilvergrijs en oranje. "Dat is een bedankje voor de werklieden van het park," zegt Vanparys. "Ze verdienen aandacht, want ze houden tenslotte deze boel schoon en zorgen voor de bomen en planten. Leeslintjes in de kleuren van hun werktenue leek me een goed idee." U weet wel, zo'n tenue met groene werkmansbroek en een knaloranje vest met reflectoren. Dat sommige werklieden van het park die kleuren niet zo aangenaam vinden, blijkt een goed bewaard geheim. Voor het volledige verhaal kan u in het boek terecht.

"De verhalen en foto's beginnen in de lente, op het ritme van de natuur. Er zijn verhalen van allerlei soorten parkgebruikers: meisjes van vijf, maar ook de anciens; oudjes van ver in de tachtig die in de loop der jaren hun park hebben zien veranderen." Later zullen we lezen dat die verandering voor vele oude mensen begonnen is ergens in de jaren '70, toen het gemeentebestuur het nogal zotte idee opvatte om alles toe te laten in het park onder de noemer Le parc fou . Alles? Alles. Van daar loopt een rechte lijn naar het verderf en enkele donkere jaren. Al tonen veel parkers zich positief over de recente renovatie van het Josaphatpark.

Toch lijken de dingen niet meer wat ze geweest zijn. Zo staan in het boek verhalen over hoe het park 's nachts verlicht en toegankelijk was . Nu is dat niet meer het geval. Na tien uur 's avonds mag je er niet meer in.

Vanparys werkte ook samen met twee klasjes van het Boodschapinstituut vlak bij het park, om een charter op te stellen, de huisregels van 'onzen hof', zeg maar. Geen vandalisme en geen vuil achterlaten, de dieren respecteren, braaf zijn, u kent dat. "Ja, kijk nu bijvoorbeeld eens naar dat vuil dat daar ligt," maakt de schrijfster zich kwaad. "Waarom doen mensen dat met gemeenschappelijk bezit, terwijl het zo gemakkelijk is zelf een steentje bij te dragen?"

Properheid , het blijkt ook een zorg van heel wat geïnterviewden. Bovendien komt u pagina per pagina ook heel wat levenswijsheid tegen, zelfs het geheim van een goede relatie. En nee, dat heeft niet echt te maken met de liefdeshoek - een rotspartijtje dat nogal... afgezonderd ligt.

Franky de Indiër
"Allez , bekijk nu toch die foto van die Indiër, Franky, in het boek. Die mens staat precies in ne curry ," zegt de auteur. We zijn bij de herfst aanbeland, en het geel contrasteert inderdaad nogal met de persoon op de foto. Hoe doe je dat eigenlijk, mensen warm maken om in het boek te figureren? "Goh, gewoon vragen en selecteren hé. Maar heel evident is dat niet. Het was bijvoorbeeld niet makkelijk om een familie habitués met Marokkaanse roots mét foto en verhaal in het boek te krijgen."

Vanparys heeft echter een mooie verzameling aangelegd. En de foto's mogen er wezen. Het Josaphatpark is niet voor niets een landschapspark. Ook wordt het boek vervolledigd met een schrijfsel van schrijfster Saskia De Coster, een plannetje van het park en een korte geschiedenis. Maar, om af te sluiten met een clichévraag: wat is uw favoriete plek in dit park, mevrouw Vanparys? "Wel, daar bij de vijver, daar valt 's ochtends vroeg het zonlicht soms heel speciaal, betoverend. Daar bevindt zich de ziel van onzen hof . En er cirkelen altijd kraaien rond die plek. Volgens mij bewaken die daar iets."

----------------------------------------
Onzen hof Notre jardin is een boek van Carla Vanparys en Patrick Jordens.

Het wordt zaterdag 10 september officieel voorgesteld op het parkfestival 'Boem Patat Josaphat' en is er te koop. Nadien vind je het in de betere boekhandel en op www.onzenhofnotrejardin.be voor 30 euro.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Meer nieuws uit Brussel
BRUZZ Magazine
deze week
  • Voor veel Brusselaars moet de energieklap nog komen
  • Acht vragen over de stijgende energieprijzen
  • Waarom Staatsveiligheid de Molenbeekse imam het land uit wil
  • Hier vind je BRUZZ in de stad
  • Archief
deze week
  • Laura Van Haecke over haar webserie 'Hacked' voor Gen Z
  • Helen Levitt: New York comme on ne la verra plus jamais
  • Lucy McKenzie: 'Yes, I can paint cats'
  • BRUZZ in the city
  • Archief
Neem een abonnement