Willem Vermeersch: ‘Doelbewust verloren lopen’

Beeldend kunstenaar Willem Vermeersch organiseerde zopas voor de Brusselse vzw Jorsala de blizexpo (Dis)orientation. Diezelfde vrijwilligersbeweging trapt op 8 mei een voettocht op gang van Ieper tot Istanboel.

V ijf jaar geleden stapte Willem van de Gironde tot in Santiago de Compostela. Dat plan had vorm gekregen na een ontmoeting met Sébastien De Fooz, bezieler van Jorsala. Twee jaar geleden belde Sébastien hem op met de vraag om 200 kilometer mee te stappen van Brussel tot Aken. “Zo heb ik nog meer mensen leren kennen, waardoor ik in Brussel ben beland. Nu woon ik hier samen met enkele Franstalige vrienden.”

Bij wijze van mentale voorbereiding op de nieuwe, veel langere expeditie zette Jorsala een toonmoment op rond imaginaire overlevingspakketten. Voor (Dis)orientation bracht Willem op korte tijd 54 mensen samen, van kunstenaar tot zakenman, prostituee tot slager. Jong en oud. Volgens een toevalsfactor werden ze in duo’s gezet, en stelden ze hun imaginaire overlevingspakket samen.
De 27 survivalkits staan elf hoog opgesteld in een leegstaande vleugel van de polikliniek van de ULB in de Vaartstraat, waar Willem ook een eigen atelier heeft op de vierde verdieping. “Het heeft hier toch iets van een vlot op de oceaan.” Naast een literaire overlevingsjas en een plant met daarin codetaal verwerkt, prijkt ook een werk van Vermeersch zelf aan de muur. Zijn schilderij hangt broederlijk naast de collage van Janmar, een Poolse ex-militair die op straat woont. “Dit werk heb ik ooit cadeau heb gedaan aan een vriend die wegens gezondheidsproblemen veel pijn lijdt. Ik had er niet bij stilgestaan, maar iemand wees me erop dat, als mijn kunstwerk diens pijn kan verlichten, het een survivalkit wordt.”

(Dis)orientation reflecteert over verloren lopen, en hoe dat net weer een manier kan zijn om je weg te vinden. “Deze tentoonstelling is niet zozeer de vrucht van een lang proces, maar eerder van een krachtige samenwerkingsboost. We hebben iedereen proberen samen te brengen. ‘Verbinden’ wordt ook het doel van onze wandeltocht. Het wordt een tocht door de verscheidenheid.”

Hop, vlas en yperiet
Willem is opgegroeid in de streek waar zich een eeuw geleden de gruwel van de Eerste Wereldoorlog voltrok. “Ik woonde vlakbij de Menenpoort. Ik herinner me hoe ik er met mijn skateboard langsheen de Engelse toeristen kletterde, terwijl ze plechtig stonden te wachten op de tonen van The Last Post. Later verhuisden we naar Kemmel. De streek ligt bezaaid met oorlogskerkhoven. In onze achtertuin is een massagraf, waar meer dan 5.000 Franse gesneuvelden op een paar vierkante meter bijeen liggen. Regelmatig stootten we op bommen, die de aarde jaar na jaar naar de oppervlakte blijft duwen. Mijn broer en ik gooiden ze zelfs elkaars richting uit, zonder goed te beseffen welk gevaar dat inhield.”

“Ik besef hoe het in mijn artistiek werk doorsijpelt: oorlog als een de verbeelding tartende vorm van geweld. Ik werk vaak met de combinatie van destructie en constructie, het afbreken, afsterven en hoe er tegelijkertijd weer iets nieuws verschijnt. Die twee zaken hangen onlosmakelijk samen. Ik gebruik het ook als een metafoor voor alle andere varianten van geweld en conflicten, soms subtiele. Ook een geboorte is voor mij een vorm van geweld, maar niet per se goed of slecht.”

“Het wordt voor mij ook almaar duidelijker dat elke ontregeling van mijn kader, bijvoorbeeld een verlies, een drive kan zijn voor een nieuw perspectief.” De Duitse schilder Gerhard Richter is in die zin Willems mentale mentor. “Van hem heb ik geleerd dat dat wat verloren gaat, in staat stelt tot de meest fantastische constructies. Richter kan op een bijzondere manier chaos en willekeur combineren met orde. Hij weet ook het onderscheid tussen figuratief en abstract te verzoenen, dus tussen identiteit en woordenloze materie. Hij zegt: ‘Je moet jezelf niets wijsmaken. Je moet jezelf meedogenloos iets wijsmaken.’ Waarmee hij wil zeggen dat de voorstellingen die we maken van onszelf, van anderen en van alles wat geschiedenis is, pure fictie is. Het zijn beperkende en ontoereikende verbeeldingen, maar wel essentieel om te kunnen overleven.”

Fysieke verbondenheid
De kunstenaar in Willem dreef hem vanaf zijn veertiende naar het Sint-Lucas in Gent, waar hij op internaat ging. Na het middelbaar trok hij een jaar naar Maleisië op uitwisseling. “Ik verbleef bij een moslimfamilie. Die ervaring heeft mij fundamenteel veranderd. Sindsdien voel ik me als mens altijd op mijn plek. Of ik nu hier in Brussel ben, in Gent, Ieper of het buitenland, ik draag de identiteiten waar ik mee verbonden ben, maar tegelijkertijd ben ik ook een vreemde en is mijn lichaam slechts woordenloze materie. Als mensen fysiek ergens samen aanwezig zijn, bindt hen dat vaak meer dan hun naam en hun ideeën.

Fysiek in hetzelfde schuitje zitten, is ook wat Willem in de voettocht aantrekt. “Iedereen is weg van zijn thuiscontext. De tocht is een vorm van lichamelijk en bijna ritmisch opgaan in de omgeving, die we delen met iedereen die meestapt. Dus fundamenteel kan je daarin dan geen onderscheid maken tussen mensen.”

Ieper-Brussel-Istanboel
Aanvankelijk zou de wandelexpeditie starten vanuit Brussel. Maar gezien het oorlogsjaar 2014 is er uiteindelijk een prelude vanuit Ieper aan gekoppeld. “Ik vind het belangrijk dat de oorlog niet plechtig en omstandig wordt herdacht als een feit uit het verleden, maar dat net de link wordt gelegd naar vandaag en naar het dagelijkse leven. De grote conflicten staan symbool voor andere conflicten, zoals huiselijk geweld.”

De voormalige frontlinie van de Flanders Fields is het vertrekpunt. Verder gaat het langs militaire begraafplaatsen en vervolgens langs paden doorheen de Leie-Scheldestreek, de Vlaamse Ardennen en het Pajottenland, langsheen de Belgische taalgrens. Een week later gooit de Senaat in Brussel haar deuren open, waarna koers wordt gezet naar Istanboel, via Sarajevo. “In Sarajevo, dat net als Ieper symbool staat voor veel oorlogsleed, zullen we tegen de zomer een symbolisch cadeau van de vredesstad Ieper overhandigen.”

Knooppunten
Naast de enkelingen die de vijf maanden durende tocht volledig zullen lopen, zullen ook honderden mensen enkele weken of maanden meestappen. “Zo is er Günther, een zestiger, met botkanker. Er is ook Antoine, een jongen van 18 die ook heeft meegewerkt aan de expo (Dis)orientation. Hij kampt met gezondheidsproblemen en heeft op korte tijd verschillende hersenoperaties ondergaan. Onderweg zullen mensen aansluiten. Ongetwijfeld vraagt men ons ook onderweg om iemand in gedachten mee te nemen. Zo zal er ook een jongen met ons meestappen die vorig jaar zelfmoord heeft gepleegd.”

Dagelijks moeten de voeten zich inspannen voor zo’n twintig kilometer. Hoewel een route wordt voorgesteld, kan iedereen zijn eigen weg gaan. Het warme nest voor de nacht is niet vooraf geregeld. Jorsala rekent op de openheid van hart en geest bij de deelnemers, en op de gastvrijheid van mensen en instanties onderweg. Na tien à veertien dagen verzamelt het gezelschap telkens op knooppunten, waar ruimte zal zijn voor diverse ontmoetingen, al dan niet rond een thema. Vaak zijn het steden waar Jorsala-vrijwilligers al op voorhand contacten hebben gelegd. “We zorgen ervoor dat sportzalen of moskeën ons kunnen ontvangen. Heb je geen zin om een stukje mee te wandelen?”


www.jorsala.org
www.willemvermeersch.eu

BDW in gesprek met ...

Brussel Deze Week ontmoet iedere week een interessante Brusselaar voor een boeiend gesprek.
Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees ook

Nieuws uit Brussel in je mailbox?