Coronajaar 2020

Korpschef Jurgen De Landsheer: 'Ik wil ook justice for Adil'

Jurgen De Landsheer, korpschef Brussel van politiezone Brussel Zuid: “Alles begint met vertrouwen en respect.”© Bart Dewaele

Een half jaar geleden ruilde hij een rustige plattelandszone voor het Brusselse korps waar misschien wel het meeste werk ligt te wachten: de politiezone Zuid. Jurgen De Landsheer kwam er niet enkel terecht in een organisatie die scheef was gegroeid, met de dood van Adil liepen de spanningen tussen burgers en agenten er ook hoog op. “Alles begint met vertrouwen en respect.”

Wie is Jurgen De Landsheer?

  • 43 jaar, woont in Haaltert bij Aalst
  • Opleiding rijkswachtofficier
  • Actief bij politiezone Zuid tussen 2000 en 2008
  • Verbindingsofficier bij ministerie van Justitie
  • FBI National Academy in 2012
  • Korpschef zone Geraardsbergen-Lierde 2013-2020
  • Korpschef zone Zuid sindsjuni 2020

Jurgen De Landsheer is niet meteen wat je een zittend gat noemt. Na zeven jaar aan het hoofd van de zone Geraardsbergen/Lierde en een ingrijpende reorganisatie, begon het alweer te kriebelen. De ex-rijkswachter volgde de lokroep van de politiezone waar hij ooit begon als agent. Omdat hij de zone kent, maar ook omdat de uitdagingen er na een vernietigende audit erg groot zijn.
We hebben afgesproken op een wat verloren plek in Neerpede: het opleidingscentrum van de zone, met onder meer een schietstand. “Hier heb ik gisteren nog met de .300 geschoten, ons nieuwe automatische wapen.” De politiebaas is nog maar net terug van de conferentie van Brusselse korpschefs en biedt daarmee onze eerste vraag op een dienblaadje aan.

Zou u de Brusselse politie niet hervormen tot één structuur, eventueel met lokale antennes? Is dat niet logischer?
Jurgen De Landsheer: Nee. Eén grote zone met negentien burgemeesters, dat wordt ook één onoverzichtelijke situatie. Elke gemeente heeft haar eigenheden, een ander soort burgemeester, met eigen verwachtingen van de politie. Ik zie dat nu al met de drie burgemeesters van Sint-Gillis, Vorst en Anderlecht, maar het lukt om die te overtuigen dat we dingen samen moeten doen. We zitten wekelijks samen om de dingen zonaal aan te pakken. Met negentien kan ik dat niet.

Maar als Brussel een gemeente werd, vindt u het wel een goed idee?
De Landsheer: Dan kan het, omdat de structuur van de lokale overheid dan overeenkomt met die van de politie. Maar dan nog moeten we ons niet vergelijken met bijvoorbeeld New York, dat één korps heeft. Dat is op zich weer onderverdeeld in afdelingen die je kan vergelijken met onze korpsen.

Het afgelopen jaar haalden conflicten tussen politie en burgers wel vaker het nieuws. Soms werden agenten beschuldigd van geweld, soms werden ze net doelwit. Het onderwerp leidde zelfs tot hoorzittingen in het Brussels parlement …
De Landsheer: … waar wij trouwens niet uitgenodigd waren.

Terwijl dat misschien wel logisch was? De gebeurtenis die het meeste stof deed opwaaien – de dood van Adil bij een politieachtervolging – vond plaats in uw zone, weliswaar net voor uw komst.
De Landsheer: (Zwijgt)

Wat moet er volgens u vooral gebeuren om die relatie tussen burgers en politie te verbeteren?
De Landsheer: Een relatie is gebaseerd op vertrouwen. Ik moet er ook op vertrouwen dat u weergeeft wat ik vertel. Nu, die trust building is niet eenvoudig. Je moet een draagvlak timmeren dat zo stevig is dat het ook tegen een terugslag kan. Dat doen we in de eerste plaats door respect te tonen. Ik geloof nog altijd ergens in de goedheid van de mens en denk dat je dat respect dan ook terugkrijgt. Daarnaast moeten we communiceren en transparant zijn. Agenten moeten ook onder alle omstandigheden profes­sioneel blijven, zelfs al wordt dat vertrouwen geschonden. Toen ik onlangs met eieren werd bekogeld op het Lemmensplein, ben ik ook rustig gebleven. Waar ik het soms wel moeilijk mee heb, is dat vertrouwen ook in twee richtingen moet werken. Ik verwacht ook openheid van mijn partners en dat ontbreekt nu vaak in deze zone.

1735 JurgenDeLandsheer-8
© Bart Dewaele
| Jurgen De Landsheer: "Ik zeg altijd: ‘Ik ben graag sociaal als het kan en hard als het moet.’"

Dat brengt ons bij de recente audit, die vernietigend was voor de situatie in deze zone vóór uw komst. Die doorlichting heeft het onder meer over een cultuur waarin iedereen het gevoel had dat hij of zij kon doen wat hij/zij wou. Wat ging er vooral mis?
De Landsheer: De toenmalige korpschef was waarnemend, dat is een andere positie dan die van mij. Ik kan ook een eigen team uitbouwen. Verder heeft het veel met communicatie te maken. Als een journalist alleen info krijgt van informanten, maar niet van de politie, leidt dat misschien tot eenzijdige berichtgeving. Die maakt de politie dan nog meer argwanend, waardoor de afstand nog groter wordt. De criminaliteitscijfers in de zone waren trouwens niet dramatisch de afgelopen jaren. Een onveiligheidsgevoel is een bijzonder fenomeen. Het kan ontstaan door slechte ervaringen, maar heel vaak ook door verhalen die mensen horen vertellen. In de Denderstreek waar ik werkte rond Ninove werd veel op extreemrechts gestemd, zonder dat er een groot probleem met criminaliteit was. De impact van televisie en video's die circuleren is groot. Kijk naar de beelden van George Floyd die overwaaien, terwijl wij daar niets mee te maken hebben.

In Brussel raakte de video over George Floyd een gevoelige snaar bij een gemeenschap die het gevoel heeft dat er hier ook een structureel probleem is met politiegeweld.
De Landsheer: Als de relatie tussen de politie en de bevolking beter was, zou het niet tot protesten moeten komen. Veel mensen laten zich mee­slepen door foute informatie. Over Adil heb ik echte leugens zien rondgaan. (Ferm) Maar ik ben ook voor Justice for Adil, hé! Justice for ieder slachtoffer! Maar dat betekent tegelijk dat je je moet neerleggen bij de conclusies van een onafhankelijk onderzoek.

Daarmee zitten we weer bij communicatie. Politie en parket bleven maandenlang stil na de dood van Adil. U wil eerder kunnen communiceren, zei u onlangs.
De Landsheer: We hebben afgesproken met het parket dat dat in de toekomst vlugger moet. Al was het maar om duidelijk te maken: 'Vertrouw ons, wij zullen dit grondig onderzoeken, op die en die manier.' Dat is hier ook niet gebeurd. Ondertussen hebben we trouwens niet stilgezeten en zelf banden gelegd met jeugd en influencers. Maar daarover later meer.

Een van de conclusies van de hoorzittingen was dat er meer agenten uit Brussel nodig zijn. Zit achter de spanningen van vandaag ook een tegenstelling tussen twee groepen die elkaar niet begrijpen? Tussen verkavelingsagenten en jongeren uit stedelijke achterstandswijken?
De Landsheer: Het klopt dat 75 procent van onze agenten van buiten Brussel komt. Nu, die cijfers geven ook een vertekend beeld: veel mensen die hier ooit woonden, verlaten de stad zodra ze een gezin hebben. Zelf zou ik trouwens niet willen wonen in de zone waar ik werk. Wij mogen ook nog een beetje privacy hebben. Anders wordt een trouwfeest bijvoorbeeld al snel een ramp. Na drie pinten komen mensen zeuren over alcoholcontroles, de gordel …

Maar moet er nu meer binnen Brussel gerekruteerd worden?
De Landsheer: Ja. En belangrijker nog: we moeten diverser worden. Al loopt die rekrutering niet makkelijk. Als de relatie met de politie niet goed is, zullen ouders hun kinderen niet stimuleren om agent te worden. Mensen kijken niet meer zo op naar de politie als vroeger. Ik ben rijkswachter geworden omdat ik opkeek naar die mensen. Dat geldt ook voor het onderwijs en andere hulpdiensten, het respect voor die functies ontbreekt steeds meer in de opvoeding. Neem nu dokters. Ik verwacht al bedreigingen en overvallen zodra de vaccins worden uitgerold. Mensen die onderaan op de lijst staan en in hun omgeving zien dat anderen onbekommerd mogen op reis gaan … Ik ken mensen die voor minder zouden zot worden.

Welke accenten wil u nog leggen?
De Landsheer: We willen veel meer investeren in de slachtoffers van criminaliteit. Daders hebben vandaag veel rechten en mogelijkheden, terwijl een slachtoffer na de verklaring wat alleen wordt gelaten. Nochtans moet die persoon vaak de rest van zijn of haar leven verder met een trauma. We willen daarom burgers met een sociaal profiel aantrekken en samen met de gemeenten een slachtofferonthaal creëren. We inspireren ons daarbij deels op Canadese voorbeelden.

Januari 2020: in het centrum van Brussel geldt een algemene 'Zone 30.'
© PhotoNews
| Jurgen De Landsheer: "Brussel wordt nu bijna overal een zone 30, terwijl je boulevards hebt waar je 90 kan rijden! ‘Je moet ze maar flitsen,’ hoor ik dan. Neen, je moet ervoor zorgen dat je daar geen 90 kan rijden."

Het rommelt al een tijdje in Laag Sint-Gillis. Er is sprake van drugtrafiek bij jongeren, maar ook de agenten van de lokale Uneusbrigade komen vaak onder vuur voor buitensporig optreden. Wat is daar eigenlijk aan de hand?
De Landsheer: Het dealen op zich raakt weinig mensen, maar het is veel groter dan dat. Die dealende jeugd leidt tot erg veel schooluitval. Beeld u drie vrienden in. Eén is een goede leerling die niets verdient, terwijl de twee anderen elke dag op straat staan en 100 euro verdienen, 3.000 euro per maand. Dan gaat die eerste wellicht dat voorbeeld volgen. Heel wat families teren zo op de inkomsten van die dealers, die vaak meer verdienen dan de ouders. Die laatste zullen de kinderen daardoor weer beschermen. Dat deel van het verhaal zie je allemaal niet zomaar als er ergens gedeald wordt. In de volgende jaren willen we steeds meer inzetten op de achterliggende structuur, op sociale fraude bijvoorbeeld, op de geldstromen. Hoe komt het dat er bij familie X niemand werkt, maar dat ze toch een huis bezitten en auto's? Toen ik in de VS aan de FBI National Academy studeerde was 'de criminele onderneming' een van mijn vakken. Gewoon de straatdealertjes oppakken helpt niet.

U kondigde een grotere hervorming aan van uw zone. Wat wordt de focus?
De Landsheer: Nabijheidspolitie. Er zal capaciteit van de interventiediensten naar lokale antennes gaan, die ook meer eerstelijnsopdrachten zullen opnemen uit hun eigen wijk rond bijvoorbeeld sluikstorten of vandalisme. Mensen zullen hun wijkagenten daardoor ook beter leren kennen en omgekeerd. En de nabijheidsbrigade Uneus vormen we om tot een afdeling die bepaalde fenomenen aanpakt, bijvoorbeeld die sociale fraude waar ik het over had. Maar het kan ook over sluikstorten gaan, want de klachten van burgers gaan meestal daarover, en niet over criminaliteit.
Verder kijk ik ook naar mijn partners om taken over te nemen van de politie. Parkeerovertredingen handhaven, is dat een prioriteit voor de politie? Als de brandweer en wij doorkunnen, is dat voor mij geen probleem. De politie moet vooral maatschappijstorende en gevaarlijke overtredingen aanpakken. Bij andere gevallen moet je kijken of boetes wel opportuun zijn en je misschien niet beter in de infrastructuur ingrijpt. Brussel wordt nu bijna overal een zone 30, terwijl je boulevards hebt waar je 90 kan rijden! 'Je moet ze maar flitsen,' hoor ik dan. Neen, je moet ervoor zorgen dat je daar geen 90 kan rijden.

Politiezone Zuid (5341): Anderlecht, Sint-Gillis en Vorst
© Peter Dhondt/BRUZZ
| Jurgen De Landsheer: "Ik zie liever minder politie, want wij zijn veel te duur voor een pak van de dingen die we doen. Een politieman vormen en blijven trainen tijdens zijn hele carrière, kost veel."

En die infrastructuuringrepen tegen overdreven snelheid gebeuren niet genoeg?
De Landsheer: Het gebeurt meer en meer, maar niet genoeg. Ik weet niet of we klaar voor zijn voor die algemene zone 30.

U sprak over taken afstoten. Aan welke dingen denkt u nog behalve aan parkeerinbreuken?
De Landsheer: Ik denk bijvoorbeeld aan advies rond diefstalpreventie, het vaststellen van sluikstorten, slachtofferbejegening … Ik zou de politie graag afbouwen binnen hier en vijf jaar. Ik zie liever minder politie, want wij zijn veel te duur voor een pak van de dingen die we doen. Een politieman vormen en blijven trainen tijdens zijn hele carrière, kost veel.

Zijn er nog zaken die u over tien jaar gerealiseerd wil zien?
De Landsheer: We moeten volledig digitaliseren en over drie-vier jaar moeten we daar al heel ver in staan. En verder denk ik dat we ons meer moeten opdelen in twee soorten politie. Ik zeg altijd: 'Ik ben graag sociaal als het kan en hard als het moet.'

U wil het korps meer opdelen in good cops en bad cops?
De Landsheer: Ik zou het niet bad noemen, eerder hard cops. Neem nu de recente manifestatie op het Raadsplein, zonder aanvraag, in tijden van corona en met een risico op escalatie. Daar hebben we snel en efficiënt ingegrepen.

Wat geeft u vandaag hoop?
De Landsheer: Ik merk dat de wil om veranderingen in gang te zetten er is, zowel in het korps als bij mensen die hier komen werken. Ik heb een tof team, ik kom graag werken en lig van niets wakker 's nachts. Dat is al heel veel, toch?

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?