Brussel wil 11.000 laadpalen tegen 2035: 'Dat is wel erg weinig'

Bekijk ook de afspeellijst: vrijdag 3 juli 2020

Om tegen 2035 11.000 nieuwe elektrische laadpalen in Brussel te hebben, rekenen de Brusselse ministers van Leefmilieu Alain Maron (Ecolo) en Mobiliteit Elke Van den Brandt (Groen) vooral op de privé-sector. Vandaag telt Brussel nog maar 400 laadpalen voor elektrische voertuigen. Daarvan is de overgrote meerderheid ook al privaat, maar wel toegankelijk.

Tegen 2030 rekent het Brussels Gewest op een verviervoudiging van het fietsgebruik en een kwart minder personenwagens. Bedoeling is voorts dat wie dan nog met de wagen rijdt, dit elektrisch doet. Tegen 2035 wil het Gewest immers geen diesel-, benzine- of LPG-voertuigen meer in de stad. Om dat mogelijk te maken, wil het Gewest tegen 2035 11.000 laadpalen plaatsen, zowel op straat als op privé-terrein. Ze moeten wel allemaal publiek toegankelijk zijn.

Dat zal evenwel een forse versnelling en inhaalbeweging vergen, vandaag telt het hele gewest immers nog maar 400 laadpalen. Slechts een minderheid daarvan – 56 - staat op straat en is dus publiek. De meeste laadpalen zijn privaat, ze staan bij private parkings, bedrijven en winkels, al zijn ze ook wel toegankelijk.

Dat beperkte aantal – publieke - laadpalen in Brussel is al langer een heikel punt. Het Gewest is ook pas begin 2019 begonnen met de plaatsing ervan. Ter vergelijking: begin dit jaar stonden er in Vlaanderen al 3655 laadpalen, tegen eind 2020 wordt gemikt op 5000 exemplaren. Amsterdam telde vorig jaar 1500 laadpalen en tegen 2030 zouden er volgens de NOS nog 50.000 tot 70.000 moeten bijkomen.

230 voltnet

Reden voor de trage invoering in Brussel zijn administratieve moeilijkheden, maar ook een historisch gegroeid technisch probleem. Brussel was één van de eerste steden met een elektriciteitsnetwerk, maar dat is niet meer geschikt voor semisnelle en snelle publieke laadpalen. “Destijds is bij de aanleg van het elektriciteitsnet gekozen voor een 230 voltnet in plaats van een 400 voltnet,” zegt professor Peter Van den Bossche, professor ingenieurswetenschappen van de VUB. “Elektrische laadpalen in Europa werken standaard met een 400 voltnet.”

Voor particulieren die thuis een laadpunt willen installeren, is die 230 volt geen probleem, aldus Van den Bossche. “Als je je auto thuis ’s nachts meerdere uren traag kan opladen, heb je niet zoveel vermogen nodig. Voor de meeste elektrische auto’s lukt het met dit netwerk, ook met een Tesla. Maar wie geen garage heeft of pendelt en een publieke laadpaal nodig heeft, moet vaak sneller kunnen laden. Dan heb je een laadpaal met een hoger vermogen nodig, dat lukt niet met het 230 voltnet. Dat kan je oplossen door een transformator te plaatsen, maar dat kost al snel 2000 euro of meer extra. En in Brussel heb je veel appartementsblokken en veel autobezitters zonder garage. Als zij elektrisch willen rijden, hebben ze een publiek laadpunt nodig.”

Van den Brandt en Maron spreken evenwel tegen dat er vandaag een tekort is. “Het huidige aantal laadpalen lijkt genoeg,” zegt PieterJan Desmet, woordvoerder van Van den Brandt. “Er zijn 2600 elektrische wagens ingeschreven in Brussel, een kwart van de autobezitters heeft een eigen garage. De nood aan publieke laadpalen is dus nog nu niet zo groot in Brussel.”

Gebruiker moet betalen

Voor de toekomst zijn er wel meer nodig. Tegen 2035 zouden er volgens hun berekeningen 11.000 nieuwe laadpalen nodig zijn. Die zullen echter niet noodzakelijk op straat geplaatst worden, want dat zou haaks staan op de groene transitie, verduidelijkt Desmet. “We beogen een shift van wagens naar alternatieve vervoersmiddelen. Als je alle wagens met fossiele brandstoffen gaat vervangen door elektrische wagens, krijg je dezelfde autodrukke stad. We willen tegen 2030 130.000 vierkante meter extra openbare ruimte creëren door onder meer parkeerplaatsen te schrappen. Dan is het ook logisch dat je autobestuurders en pendelaars naar laadpalen buiten de straten verwijst, bijvoorbeeld in privé-parkings of op winkel- of bedrijfsterreinen."

"Voor de installatie van de laadpalen kijken we dan ook naar de privé-sector,” aldus woordvoerder Pieterjan Desmet. “Dat heeft het voordeel dat de gebruiker dan ook betaalt voor het gebruik. Er is trouwens zeker interesse vanuit de privé-sector, maar de onderhandelingen starten pas in september.”

'Erg weinig'

Automobielfederatie Febiac reageert gematigd positief op de nieuwe plannen. “We zijn erg blij dat Brussel eindelijk inzet op elektrische laadpalen, want er was een enorme achterstand”, zegt woordvoerder Joost Kaesemans. “Wie nu een elektrische wagen wil kopen, aarzelt omdat hij niet zeker is dat er wel laadpalen aanwezig zullen zijn. Die groei is dus goed nieuws, maar de ambitie moet wel omhoog. Met 11.000 laadpalen tegen 2035 sta je nog nergens voor een hoofdstad. Zeker als je weet dat Amsterdam, toch ook geen autominnende stad, er al veel meer telt. Tegen 2035 zullen er nog steeds honderdduizenden voertuigen naar de hoofdstad komen. Je kan perfect minder auto’s in de stad ambiëren en overschakelen op de fiets of autodelen, maar dan nog zorg je best dat de auto’s die nog wél komen elektrisch zijn. Die moet je dan wel kunnen opladen in de stad. Dan zijn 11.000 laadpalen erg weinig.”

Wie nu al wil weten waar hij zijn auto kan opladen, moet nog even geduld uitoefenen. Er wordt nog volop aan een overzichtskaart gewerkt.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Lees ook

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?