Situatie in Ariane-centrum blijft uitzichtloos: 'Vluchtelingen kampen met geldproblemen'

Het gebouw in kwestie in de Arianelaan in Sint-Lambrechts-Woluwe

Door het te lage aantal beschikbare opvangplaatsen in ons land voor vluchtelingen uit Oekraïne wordt de situatie in het Ariane-centrum in Sint-Lambrechts-Woluwe steeds penibeler. 30 procent van de huidige bewoners verblijft al meer dan acht weken in het centrum dat eigenlijk in het leven is geroepen als transitcentrum. Ondertussen kampen heel wat vluchtelingen met geldproblemen.

Opvang voor één, twee of maximaal drie nachten: dat was de oorspronkelijke stelregel voor vluchtelingen die vanaf de opening in maart na hun registratie op de Heizel richting het Ariane-centrum stroomden voor transitopvang. Voor een 20-tal oorlogsvluchtelingen gaat het ondertussen al om meer dan 90 nachten, zo blijkt uit nieuwe cijfers van het Rode Kruis Vlaanderen.

In totaal telt het centrum momenteel 698 bewoners. Het gaat naast volwassen vrouwen (42 procent) en mannen (30 procent) ook om tieners (13 procent) en kinderen jonger dan tien jaar (15 procent).

Treinboetes

“Het aantal opvangplaatsen in steden en gemeenten is gewoonweg aan het opdrogen”, klinkt het bij een hooggeplaatste medewerker van het Rode Kruis. “Ondertussen blijven wij onderdak en psychosociale omkadering bieden.”

Maar voor veel vluchtelingen is het aanslepende gebrek aan perspectief stilaan moeilijk vol te houden. Hoewel Fedasil verantwoordelijk is voor de matching van vluchtelingen aan beschikbare plaatsen, wordt al sinds midden juli gevraagd aan de Oekraïners in Ariane om ook zelf op te zoek gaan naar onderdak.

“Maar dat is een erg moeilijke opgave voor veel mensen”, aldus het Rode Kruis. “Ze kampen met financiële problemen en er hebben ons zelfs verhalen bereikt van mensen die niet de middelen hadden om een treinticketje te kopen tijdens hun zoektocht naar opvang en daardoor boetes hebben ontvangen.” Ook het taalprobleem vormt vaak een hindernis.

Financiële steun

Net omdat het opvangnetwerk in zijn voegen kraakt en de opvang bij steden en gemeenten moeizaam verloopt, zijn de vluchtelingen die in het Ariane-centrum verblijven nog niet ingeschreven en kunnen ze dus ook geen beroep doen op de financiële steun en sociale voordelen die ze via hun tijdelijk beschermingsattest zouden moeten krijgen.

“We zijn samen met Fedasil aan het bekijken hoe we financiële steun kunnen voorzien aan de bewoners, via het uitvoeren van gemeenschappelijke taken bijvoorbeeld.”

Tegelijkertijd spreken sommige Oekraiënse families over vermeende discriminatie bij de toewijzing van opvangplekken. Bepaalde families kunnen snel geholpen worden, andere moeten wekenlang wachten op opvang.

“Hoe dan ook begint het psychologisch wel érg zwaar te worden voor mensen die hier al twee maanden of langer verblijven, maar eigenlijk voor iedereen”, benadrukt Joachim Deman, woordvoerder van Rode Kruis Vlaanderen.

Verdeelsleutel

Het is al langer bekend dat een van de redenen voor de ontoereikende doorstroom van vluchtelingen vanuit het Ariane-centrum naar permanentere opvang te zoeken is in de befaamde ‘verdeelsleutel’ voor Oekraïense vluchtelingen. Die bepaalde dat Brussel 10 procent van de vluchtelingen moet opvangen, tegenover 60 procent in Vlaanderen en 30 procent in Wallonië.

Ondertussen heeft Brussel al zo’n 17 procent van de Oekraïners opgevangen, zei Verbeeren vorige week nog aan BRUZZ. Daarom moeten de bewoners van het Ariane-centrum in eerste instantie op zoek naar opvang in de andere deelstaten. Verbeeren riep Vlaanderen en Wallonië al meermaals op om meer inspanningen te leveren.

Meer nieuws uit Brussel

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?