column

Celia schiet met scherp: niveau leefbaar

We voelden ons geen van drieën goed. Hij had geen zin in vertrekken, zij heel erg, ik liet het gebeuren. Het was nochtans een hoogdag.

De Lambermontlaan rook naar groen en het was stil in Brussel. Nu ja, stil. Je hoorde gejoel en pratende mensen. Ik stapte. Mijn vorige fiets was weer gestolen en de moed om de volgende te kopen nog niet gearriveerd. Maar zij reden netjes rechts op straat. Die ene dag dient om veilig fietsen aan te leren. Het was Autoloze Zondag, de mooiste zondag van het jaar.

God houdt van de sossen, zei mijn schoonvader zaliger tegen zijn christelijke schoonmoeder, omdat het mooi weer is op 1 mei. Op Autoloze Zondag laat God de zon ook altijd schijnen. Kraampjes, winkels: overal volk. Sommige politici noemen autovrije zones nefast voor handel. Gesaboteerde hoofdlaanwerken: d’accord. Maar is Hasselt al failliet? De kinderen reden van Warande over Munt de Beursschouwburg in en vroegen zo lief om naar Passaporta te gaan dat ik met de nieuwe Juli Zeh weer buiten liep. Waren er kledingwinkels open, ik had het budget gekraakt.

Celia Ledoux, BRUZZ-columniste

De lucht. Ik ben in Anderlecht geboren en heb als eerste bewuste herinnering aan Brussel de misselijkmakende stank van Luikse wafels met uitlaatgassen. Lang ging ik voor de veiligheid ’s nachts hardlopen. Dan stonk de lucht minder. Maar het echte alarm kwam met mijn aangescherpte geur- en smaakzin in de zwangerschap. Brussel was een vuilnisbak gedrenkt in fijn stof, diesel en olie. Moest mijn kind daarin opgroeien? Die maandenlange zintuiglijke paniek moet een topreden zijn waardoor beleidsmakers jonge gezinnen in pendelaars transformeren. Trekken ze weg uit autoluw Wenen of Kopenhagen misschien?

Na de geboorte rook ik even aan het raam voor we gingen wandelen. Vaak was de vervuilingspiek aan onze sluipweg te scherp voor kleine longetjes. Cijfers geven je paniek alleen gelijk. Vlak na elke vervuilingspiek sterven veel meer mensen. Roetdeeltjes bereiken de placenta, raakte pas bekend. Luchtvervuiling kost onze kinderen twee jaar van hun leven. Twee! Een astronomisch veelvoud van het terrorisme waarvoor we overal soldaten posteerden. En toch gebeurt er vrijwel niets. Mijn ex-man kreeg een dubbele longembolie, de longspecialist knikte: wellicht luchtvervuiling. De stille doder werd te concreet. In elke ademteug van mijn kinderen neem ik ons lakse beleid persoonlijk.

Op Autoloze Zondag kelderen de fijnstofmeters zoals decibels en verkeersgevaar tot Niveau Leefbaar. Dat iedereen maar half kan fietsen, zou één Zondag per maand al oplossen. Ik bestelde koffie op een heerlijk stil Sint-Katelijne. De kinderen mochten een straat verder hun ijsje halen. Het schokte me hoe veilig hun afwezigheid voelde.

Toen was het opeens 19.04, en de stad vatte in één seconde de aanhoudende ronk van auto’s aan tot een achtergrondbrul van 364 dagen. Zoals elk jaar gaf ik met tegenzin de straat af.
We reden veel voorzichtiger naar huis, ik voelde iets van rancune en dacht aan Café Filtré. Misschien, heel misschien zouden de dingen nu veranderen. Ik hoopte het al zo lang.

COLUMN Celia schiet met scherp

Een keer per week zet Celia Ledoux de stad in haar blootje in haar column.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?