Laptopia: Hallepoort

Hallepoort.

Hoor de automobilisten toch eens klagen dat ze uit de stadskernen worden weggepest. Was het vroeger dan beter? Wie toen met het paard en de kar van de firma de stad in wilde, moest eerst beleefd kloppen op de poort en vragen of hij door mocht. En de stadstol die we nu maar niet ingevoerd krijgen, was toen een vanzelfsprekendheid die werd afgedwongen met goedendag en hellebaard. Wilde je de lusten van de stad, dan betaalde je ook de lasten, anders bleef het smeedijzeren valhekje mooi beneden.

DINSDAG 9 JANUARI, 10 UUR

Het is ook omdat de stedelingen van toen er zo van overtuigd waren dat hun stadspoorten eigenlijk een heel goed idee waren, en dat ze ook later dus nog wel eens van pas zouden kunnen komen, dat ze er in verschillende steden een paar ter illustratie hebben laten staan voor het nageslacht. In de nostalgo-­nationalistische negentiende eeuw werden er dan monumenten van gemaakt die hulde brachten aan het rijke verleden van onze steden, waardoor er aan de Brusselse uitvalsweg naar het ooit ook (echt waar) roemruchte Halle nu een klet van een stadspoort staat, waar je gelukkig al wel letterlijk, maar nog altijd niet figuurlijk omheen kan.

michael bellon

Is de Hallepoort mooi? Het zou kunnen dat u daar nog niet erg lang heeft over nagedacht. Ik vind in ieder geval dat de meer rudimentaire zijde aan de kant van Sint-Gillis meer recht doet aan het idee van de stadspoort als een stapel hoog opgetaste stenen, dan de gepimpte Brusselse kant, die volgens de wetten van de toen gangbare fake architecture werd uitgebouwd met torenlantijntjes en een heel kunstgebit aan valse kantelen. De architect die voor die creatieve restauratie verantwoordelijk was, was Viollet-le-Duc-adept Hendrik Beyaert. In ruil voor zijn visionaire disneyficatie-avant-la-lettre werd die nog een tijdlang met zijn karakteristieke knikker afgebeeld op de bankbriefjes van honderd frank, die omgerekend eigenlijk maar 2,5 euro vertegenwoordigden.

Beyaert voorzag ook kogelvrij dubbel glas voor de schietgaten, een mooi gaasje voor op de verschillende vergeetputten, en nog wat neogotische ornamenten als gargouilles en spitsbogen. Dat maakt van het geheel - dat ondanks de kokende pek die permanent uit de slotgracht van de kleine ring opstijgt nog behoorlijk proper is - toch een beetje een vreemde landmark, die je meer met Brugge of Gent associeert dan met Brussel. Behalve de al evenzeer gefingeerde Grote Markt zijn er in onze zelfverminkende stad nog maar weinig ongerepte zichten op de denkbeeldige middeleeuwen te vinden. We hebben die hele Hallepoort niet voor niets naar de marge geduwd. Wij willen geen Gravensteen of Neuschwanstein als uithangbord.

Nochtans zou zo’n forse burcht best een toeristische troef kunnen zijn. In plaats van een vage bestemming voor vage tentoonstellingen die op maandag gelukkig gesloten zijn, zodat de paar vierkante meter voor de kasteeldeur kunnen worden gebruikt als parking die behalve niet helemaal legaal, ook nog eens helemaal gratis is.

Je zou er bijvoorbeeld een biermuseum in kunnen onderbrengen voor Belgische brouwers die liegen over de eeuwenoude geschiedenis van hun recepten. Je zou er ook veilig en zonder een transparante, democratische indruk te hoeven wekken Europese toppen in kunnen organiseren. Of je kan er Soedanese vluchtelingen in opsluiten, tot we weer vergeten zijn dat we niet zeker weten of ze niet gefolterd zouden worden als we hen naar hun land terugsturen.

Maar bij Sint-Gillis!, misschien kan het toch nog iets middeleeuwser. Zou het geen goed idee zijn om permanent een stelletje re-enacters op de Hallepoort los te laten? Wat soldeniers en galgenaas, bultenaars en rapunzels die spelen met de ophaalbrug of zich snikkend opsluiten in de torenkamer. Die in authentieke klederdracht en met anachronistische halve kokosnoten rondgalopperen op de kasseien, of vanop de borstwering argeloze foutparkeerders in de rug schieten met kruisbogen. Die corrupte burgemeesters van de toren gooien, kinderworkshops ‘Belegeren’ organiseren met katapulten en stormrammen, en de dwaze schapenhekjes in het plantsoen rondom de stadspoort revaloriseren door er de afgehakte koppen van opdringerige Pajotters op te spietsen. Waar blijft de verbeeldingskracht in ons museum- en erfgoedbeleid?

Laptopia

Elke week scant Michaël Bellon met zijn laptop een plek in Brussel die tot de verbeelding spreekt, en geeft hij aan wat er eventueel nog aan kan verbeteren. 
Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees ook

Nieuws uit Brussel in je mailbox?