Brussel zet groene architectuur in de kijker in Washington D.C.

© EC/BRUZZ
| De tentoonstelling wil volop inzetten op 'beleving'. In de 'soft room' kan je luisteren naar verhalen over Brusselse architectuur.

In het National Building Museum in de Amerikaanse hoofdstad Washington D.C. is deze week een tentoonstelling geopend over duurzame architectuur. Niet uit de Verenigde Staten, maar wel uit Brussel, waar enkele bureaus zich tot pionier in het thema ontpopten. De tentoonstelling loopt nog tot eind augustus.

De expo is donderdagavond geopend in aanwezigheid van Urban.brussels, de Brusselse administratie voor stedenbouw, en Brussels.international, de administratie voor buitenlandse betrekkingen. Bevoegd staatssecretaris voor beide thema's Pascal Smet (One.brussels-Vooruit) moest annuleren door een vertraagde vlucht. Hij kwam de expo zaterdag alsnog bezoeken.

Het initiatief voor de tentoonstelling kwam dan ook van het Gewest zelf. De bedoeling is om duurzame architectuur uit de hoofdstad in de kijker te zetten in het buitenland. Met Washington als eerste stop kan het een reizende expo worden, zegt curator Thomas Vilquin. "Het is een heel mobiele tentoonstelling, die we zeker nog naar Brussel willen brengen," vertelt hij. "We hopen dat in 2023 te kunnen doen."

Vilquin is architectuurdocent aan La Cambre Horta-ULB en werd samen met zijn collega Pauline Lefèbvre aangesteld als curator. "Ik ga helemaal akkoord dat Brussel al jaren een pionier is op vlak van duurzame architectuur. Zowel door het beleid als door de creativiteit van enkele kantoren. De zes architectuurbureaus die wij hebben geselecteerd, gaan telkens verder dan wat de wet hen vraagt."

Beleving

De gekozen bureaus zijn Agwa, BC Architects, Ouest-Rotor, Karbon, Conix RDBM Architects en Ney & Partners. In de expo vind je onder meer foto's van hun ontwerpen aan het Rogierplein of de Anspachlaan.

Verwacht verder geen grote foto's van Brusselse gebouwen. In 'What's Already There: Sustainable Architecture from Brussels' kozen de curatoren bewust voor het verhaal achter de renovaties, niet voor het eindresultaat. "We wilden absoluut geen panelen installeren, want duurzaamheid gaat zo veel verder dan esthetiek," zegt Vilquin. "Het ontwerpproces staat centraal. Daarom ligt ook hier de focus op beleving."

Bezoekers kunnen door tijdschriften bladeren met plannen en foto's van Brusselse ontwerpen. Een 'soft room' met kussens dient als kamer voor wie de verhalen liever beluistert. En op een centraal doek liggen ten slotte postkaartjes die bezoekers naar familie of vrienden in de rest van de Verenigde Staten kunnen opsturen. (Lees verder onder de foto's)

Het doelpubliek? "De tentoonstelling is eerder technisch, dus wellicht trekken we vooral architecten. Al vind ik het thema enorm belangrijk voor iedereen. De bouwsector vraagt nog altijd veel energie en grondstoffen en is veruit een van de meest vervuilende sectoren. Tegelijk zijn we er allemaal afhankelijk van: om te wonen, te werken en als deel van ons landschap," zegt Vilquin.

Vastgoed als exportproduct

Dat Brussel veel expertise in huis heeft rond circulair bouwen, wil het Gewest ook buiten Washington uitdragen. In een prinselijke handelsmissie naar de Verenigde Staten, die zondag start in Atlanta, zal het Brussels gewest onder meer inzetten op het promoten van duurzame bouwbedrijven. Zo'n missie biedt, als alles goed gaat, kansen voor samenwerking buiten de Belgische grenzen.

'What's Already There: Sustainable Architecture from Brussels' loopt nog tot 29 augustus in het National Building Museum in Washington D.C. en komt in de loop van 2023 naar Brussel.

Meer nieuws uit Brussel