interview

Jazz Jette June viert twintig jaar Flat Earth Society

© Saskia Vanderstichelen

Flat Earth Society bestaat twintig jaar, maar voelt toch een beetje als nieuw. Er is een blik verse muzikanten opengetrokken en voortaan repeteert de dwarse bigband ook in Werkplaats Walter, waar we met orkestleider Peter Vermeersch en drummer Teun Verbruggen herinneringen ophalen voor ze op Jazz Jette June een best of spelen.

De ene draagt een iconisch T-shirt van Sonic Youth, gekocht tijdens een recente improtour in Japan, de andere trekt speciaal voor de fotosessie een kleurrijk effen hemd van de kringloopwinkel aan. Flat Earth Society (FES), dat volgens de legende in februari 1999 zijn eerste concert zou hebben gegeven in de Cartoons in Antwerpen, is trouw gebleven aan de oude recyclage-idealen. Maar vergis je niet, gekscherend op een dunne koord tussen avant-garde en variété, geven ze de luisteraar nog steeds graag spiegeltjes mee. Voor de zelfreflectie na de festiviteiten.

“Zelf herinner ik me dat eerste concert nog nauwelijks,” is Peter Vermeersch eerlijk. Teun Verbruggen, die het vijftienkoppige combo pas in 2003 vervoegde, vindt het frappant dat hij als jonge gast ook vaak rondhing in de Antwerpse stamkroeg van Tom Barman. “Ik heb dat eerste concert niet gezien, maar was wel zwaar fan van X-Legged Sally, de vroegere groep van Peter. Toen hij me enkele jaren later belde (op aanraden van pianist Peter Vandenberghe, tp) heb ik meteen toegezegd. Na één concert kwam hij me al zeggen dat we nog veel plezier gingen beleven.” Vandaag waren ze op de repetities van hun best-ofset voor het eerst met meer nieuwe dan oude bandleden, bedenkt de drummer zich later. Dik vijftien jaar na zijn entree rekent hij zich bij de oude garde.

Kan jij je je eerste repetities bij FES nog herinneren, Teun?
Teun Verbruggen: Het was afzien. Ik kwam van bij Kris Defoort, maar met de FES-ritmesectie repeteerden we zonder partituren muziek die ik nog nooit gehoord had. Heftig. En op mijn eerste repetitie met de hele groep zat ik bij saxofonist Michel Mast. Die kijkt altijd kwaad, maar dat wist ik toen natuurlijk nog niet, dus ik dacht: ‘Shit, de oude garde uit de freejazz moet me niet.’ (Lacht)

Peter, bij het vorige jubileum, dat jullie niet vierden op jullie tiende maar op jullie dertiende verjaardag, zei je dat niemand vervangbaar is, en nu zit je met een halve nieuwe band.
Peter Vermeersch: Tegenwoordig gebruik ik de boutade: niemand is vervangbaar, maar niemand is ook onmisbaar. Waarmee ik bedoel dat als je iemand vervangt je een andere persoonlijkheid in de plaats krijgt. Ons oude repertoire krijgt daardoor nu een nieuwe dynamiek. Het verloop was organisch. We zijn nooit een voetbalteam geweest. Ik heb ook altijd geweigerd om audities te doen. Muzikanten selecteer ik op vertrouwen en op feeling.

Verbruggen: Hij heeft er de voelsprieten voor. Qua karakter past ook lang niet iedereen in deze band. Het is geen telefoonorkest, waarin je gewoon je partij komt spelen en weer weg bent. Je moet uit een bepaalde soort hout gesneden zijn. Tijdens de repetities heb ik ook gemerkt dat sommige automatismen zijn weggevallen. Waar Luc (Van Lieshout, tp) vroeger met zijn trompet schetterde, speelt onze nieuwe trompettiste Pauline Leblond veel zachter. Het worden andere stukken, omdat ze gespeeld worden door andere muzikanten. Eigenlijk is FES een andere groep geworden.

Zijn jullie, nu de repetities in Anderlecht plaatsvinden, een Brusselse band geworden?
Vermeersch: Het belangrijkste is dat we met die vaste stek in Brussel en een handvol Brusselaars in de band eindelijk van dat gezeik van de Gentse en de Antwerpse scene af zijn. Ik heb dat nooit gesnapt, want ik kwam vroeger ook al vaak in Brussel. We hebben achtereenvolgens in het Fort van Mortsel, in de Vooruit in Gent en in De Vette Pistons in Gentbrugge gerepeteerd. De muzikanten zijn dus altijd naar Gent moeten komen, en daarvoor naar Antwerpen. Repeteren in Brussel is voor mij relaxter, want dan kan ik met de trein komen.

Welk hoogtepunt uit twintig jaar FES koesteren jullie?
Verbruggen: De Europese tournee in het voorprogramma van Fantômas, de band van Mike Patton (zie ook Faith No More en Mr. Bungle, tp), was zowel op muzikaal als op menselijk vlak een voltreffer.We mochten in een hypermoderne toerbus reizen. De chauffeur had vooraf wel gezegd dat je het toilet enkel op de autosnelweg en in kleine stukjes mocht doortrekken. Maar ik had dat niet gehoord en toen Michel in het centrum van Turijn riep: “Hey Teun, trek eens aan die hendel!” was de binnenstad dus besmeurd met een gigantisch Flat Earth Society-remspoor. (Lacht)
Vermeersch: Mij is die tournee vooral bijgebleven omdat Mike ons supercorrect behandelde. Hij stond erop dat we soundcheckten en betaalde ons elke avond uit. In de media speelt hij soms de asshole, maar in werkelijkheid is hij een lieve, inspirerende gast zonder kapsones.

Verbruggen: Het klinkt misschien raar, maar het eerste wat ik hem vroeg, was hoe hij het aanpakte met de vrouwen. Ik wilde niet dat het uit zou raken met mijn lief omdat ik zoveel op de baan was. Hij voelde mijn probleem heel goed aan en nam alle tijd om me gerust te stellen. Dat heb ik erg geapprecieerd. Ik heb hem ook weleens een zaal vol bikers horen vertellen dat hij die avond enkel ballads zou spelen. (Lacht)
Vermeersch: Dat doet me denken aan mijn eerste bandje, Union, toen je nog moest kiezen tussen disco of punk. Ik vond ze allebei leuk. Toen we openden voor Bauhaus, besloten we alleen disco te spelen. Iedereen begon met dingen te gooien.

Mensen op het verkeerde been zetten, is dat uiteindelijk niet het handelsmerk van FES geworden, en ook de blijvende uitdaging?
Vermeersch: De dag voor het einde van de wereld was aangekondigd speelden we in New York. De bandnaam indachtig had ik tegen het publiek gezegd dat wij safe waren als de wereld verging, en dat iedereen die onze plaat kocht ook op de ‘goede’ lijst kwam. We hebben toen heel veel platen verkocht. (Lacht) Dat is nu anders. Jonge mensen benaderen muziek op een heel andere manier dan twintig jaar geleden. Platen kopen ze sowieso amper.
Eerder dan wat we muzikaal bekokstoven, zien we het als een uitdaging om ons kenbaar te maken bij een publiek dat van toeten noch blazen weet. Verder vind ik op dagelijkse basis doen waar we mee bezig zijn belangrijker dan hoge pieken opzoeken. Dat zelfs Mike Patton het met zijn nieuwe band Dead Cross nu even wat moeilijker heeft, is voor ons het ultieme bewijs dat iedereen weleens een lastig moment doormaakt. Ons motiveert het vooral om niet te veel te zagen en ons ding te blijven doen.

JAZZ JETTE JUNE 21/6, 17 > 0.00, verschillende locaties in Jette

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees ook

Nieuws uit Brussel in je mailbox?