interview

Nicholas Lens over zijn nieuwe samenwerking met Nick Cave: 'De wisselwerking was groter'

Nicholas Lens en Nick Cave bij hun samenwerking voor 'Shell shock' in 2014© Sebastien Forthomme La Monnaie De Munt

“Kunst is de hoogste vorm van hoop,” zei de Duitse beeldend kunstenaar Gerhard Richter ooit. De voorbije maanden klonken we ons meer dan ooit vast aan die hoop, en deze week komt ze in de vorm van een album van Nicholas Lens en Nick Cave. De Brusselse componist en de Australische rockgod bedachten samen Litanies, een intimistische kameropera die geboren werd in de louterende luwte van de lockdown.

NICHOLAS LENS

  • Geboren in 1957, groeit op in Ieper
  • Volgt humanoria in Etterbeek en studeert aan het conservatorium van Brussel
  • Overweegt midden jaren 1980 onder zijn eigen naam een carrière als Nederlandstalige popzanger met de single ‘Eva’
  • Zet in 1994 geroutineerde operastemmen naast het vrouwenkoor van Le Mystère des Voix Bulgares in Flamma flamma
  • Regisseert en schrijft in 2005 de kunstfilm Love is the only master I’ll serve
  • Werkt in 2012 samen met de Zuid-Afrikaanse auteur J.M. Coetzee voor de opera Slow man
  • Gooit in 2014 hoge ogen met de opera Shell shock, Nick Cave schrijft het libretto
  • Componeert dit voorjaar de ‘lockdownopera’ Litanies, Nick Cave levert opnieuw de teksten

Zes jaar geleden blendden de Nicholas'en Lens en Cave, die buiten hun voornaam ook het geboortejaar 1957 delen, al een keer hun breinen. Cave schreef toen het libretto voor Lens' opera Shell shock, een dramatisch maar niet van hoop verstoken relaas over de vergeten stemmen van de Groote Oorlog. Een majestueus, door de Antwerpse choreograaf Sidi Larbi Cherkaoui van een choreografie voorzien werkstuk dat toen in première ging in De Munt en later ook werd opgevoerd in Parijs.

Die samenwerking moet Cave, een koele minnaar van opera nochtans, goed bevallen zijn, want toen Lens hem dit voorjaar opnieuw contacteerde om voor hem twaalf poëtische litanieën te schrijven, zei hij meteen ja. Ook al moest hij na het telefoontje van Lens even googelen wat litanieën eigenlijk zijn. Om dan snel tot het besef te komen dat hij al zijn hele leven wijdt aan zulke smeekbeden.

“Nicks gebruikelijke eerlijkheid,” lacht Nicholas Lens terwijl hij ons per video call een blik gunt in zijn stek in de Dansaertwijk. “Toen wist ik dat het opnieuw goed zat. Na Shell shock wilde Nick al meteen iets nieuws maken, maar toen was er de tragedie in zijn gezin en brak er een heel andere periode in zijn leven aan. We zagen elkaar nog wel, maar dan niet professioneel.” Cave, een workaholic die zich met een gecancelde wereldtournee verzand zag in de vreemde malaise tussen Apocalyps en stierlijk verveling, zag een lichtpunt in het aanbod van Lens. “Toen ik begin maart in een lamgelegd Brussel arriveerde na een trip naar Laos, dacht ik zelf ook: wat nu? Twee opera's van mij werden voorlopig aan de kant geschoven. Ik had niets omhanden.”

Lens herontdekte zijn eigen stad, waar hij als vijftienjarige knul uit Ieper terechtkwam en die hij intussen deelt met Venetië. “Ik ben beginnen rond te rijden met de fiets. Het weer was bijzonder aangenaam, de temperaturen abnormaal warm voor de tijd van het jaar.” Zo verzeilde hij onder meer in de Jardins du Fleuriste, aan de voet van het Koninklijk Paleis in Laken. “Ik zit vaak in het buitenland, en dan vind ik hier zo'n prachtig park, op een paar kilometer van mijn deur. Met een adembenemend uitzicht over Brussel. En het was er heel stil, dat vind ik altijd erg aangenaam.”

Die stilte voerde Lens in gedachten terug naar de tijd die hij de voorbije jaren in Japan doorbracht. “Ik ging er net zoals zoveel Europeanen op zoek naar het oude Japan, zoals we dat kennen van de landschappen van Hiroshige en Hokusai. Kunstenaars die ik had leren kennen door Kuifje te lezen, Hergé had voor zijn klare lijn goed naar hen gekeken. Die tableaus van Hiroshige waar figuren voorovergebogen met hun grote hoeden door de zwarte, striemende regen slenteren, zijn er helaas niet meer, alles is volgebouwd.” Maar Lens verloor er wel zijn hart aan de oude tempels in de Kanagawa-prefectuur, ten zuiden van Tokio.

Hij sloot er aan bij de monniken die om vijf uur 's ochtends hun dag op gang bidden. “Ik heb niets met georganiseerde religies, maar ik hou wel van die vorm van verhoogd bewustzijn. Dat hoeft niet door gebed of meditatie, een bakker die in de stilte van de nacht aan zijn brood begint, kan dat net zo goed bereiken. Het fijne is dat die tempels ginds sober zijn, ze hebben niet het protserige van sommige goud geschilderde tempels in Kyoto. Dat komt omdat de oorspronkelijke bevolking sterk verbonden was met de samoerai, die tempels waren vaak de laatste etappe voor de dood. Het zijn plekken die je nopen tot verstilling.”

1733 Nicholas Lens
© Saskia Vanderstichele

Een stuk dat zichzelf schrijft
Hoe inspirerend de stilte in Brussel ook was, uiteindelijk was ze heel anders. “Ginds heerst al eeuwenlang een natuurlijke stilte, niemand doet daar moeite voor,” verduidelijkt Lens. “Hier voelde die stilte geforceerd, maar daarom niet minder verrassend of prettig.” Met zijn andere schrijfpartner, de Zuid-Afrikaanse auteur J.M. Coetzee, heeft hij het er vaak over: hier in het Westen word je om de haverklap geconfronteerd met geluid waarom je niet gevraagd hebt. “Audio pollution noemen wij dat. Dan heb ik het niet over het verkeer, maar over muziek die je overal hoort, vaak in slechte kwaliteit. Ik hoor de hele tijd muziek in mijn hoofd, en op plekken waar ik die kan afzetten krijg ik geluid van buitenaf over me heen. Zeer storend. En nu was er plots die stilte. Zeker ook nu, met de curfew, hoor je 's avonds niets meer. Dat triggerde mijn muzikale herinnering – ik denk niet in woorden, maar in muziek – aan Japan: ik wilde die stilte vertalen in muziek.”

Het idee voor Litanies werd in Japan verwekt, het resultaat in Brussel gebaard. “Zonder de lockdown was die muziek wellicht in mijn hoofd blijven zitten,” krabt Lens zich door de krullen. “Voor schrijvers en mensen die van niets iets maken, is de lockdown bijna een zegen. De confrontatie met jezelf die je sowieso hebt als je in een schrijfperiode bent, is veel langer en veel groter. Een tijd als deze nodigt je uit om een werk dat je allang wou maken, eindelijk te maken.”

Litanies is voor Lens dan ook een buitenbeentje. “Ik wilde het heel eenvoudig houden, zonder de complexe ritmiek en tonaliteit van mijn andere werken. Een opera als Shell shock of Slow man schrijf je als een theaterstuk. De dramaturgie is groots, er werken tot wel 120 mensen aan mee. Litanies is veel intiemer, bijna letterlijk een opera da camera, aangezien hij in één kamer is opgenomen. Noodgedwongen, ook. Omdat de studio's dicht waren, heb ik bijna alles hier bij mij thuis ingeblikt. Dat was intens, omdat je tegelijkertijd componist, producer en engineer bent. Met de beperkte muzikale bezetting die ik hanteerde, kreeg je haast vanzelf dat intimistische, bijna familiale karakter, zonder dat ik daar naar op zoek was. Een project schrijft soms zichzelf.”

Dat is handig. En dan schuift nog eens een van de beste songschrijvers van de voorbije veertig jaar bij aan tafel! “Nick zegt altijd dat ik hem instructies moeten geven, maar dat doe ik niet,” zegt Lens. “Hij had goed geluisterd naar wat ik wilde vertellen. Nick is heel goed in het aanbrengen van structuur in chaos. Hij heeft daar veel ervaring mee, zijn eigen leven is bij momenten ontzettend chaotisch geweest. Die orde had hij simpelweg nodig om te overleven.”

Zo vader, zo dochter
In een week tijd werkte Cave de basis en de structuur uit voor twaalf teksten die lezen als gedichten over de geboorte, bloei, neergang en wedergeboorte van een mens. “Smeekbeden aan een goddelijke maker die een soort kosmische erkenning eisen,” zoals hij het zelf verwoordt. “Nick heeft zijn teksten heel abstract gehouden, zodat mensen hun eigen narratief erin kunnen leggen. Gedurfd simpel ook. Met vragen als 'Where are you?', die ogenschijnlijk heel eenvoudig zijn, maar inhoudelijk voor iedereen een andere betekenis hebben.” De teksten en de muziek vormen elkaars echo, en resulteren in een soort gesofisticeerde simpelheid met eenvoudige melodieën en heel veel herhaling.

“I went down / To the quarantined city / And found / And found a piece of me,” klinkt het in 'Litany of gathering up', “When I saw the crystal river I was no longer me.” Je kan er een wedergeboorte in lezen na een groot trauma, zoals Nick Cave er één beleefd heeft toen zijn vijftienjarige zoon Arthur in 2015 van een klif stortte in Brighton. Of de nieuwe mens die we geworden zijn na de cesuur genaamd corona. “Ik wil niemand sturen in zijn interpretatie,” benadrukt Lens nog een keer. “Er zijn altijd belangrijke periodes in je leven, waarbij je niet per se iemand anders wordt, maar wel dingen anders gaat doen of anders gaat denken. Noem het aanvaarding. Elke dag creëer je een nieuwe versie van jezelf.”

De tekstregels hierboven worden tussen gong, fluit en strijkers troostend fluistergezongen door de dochter van Nicholas Lens, de 23-jarige Brussels-Berlijnse schilder Clara-Lane Lens. “Dat was helemaal niet de bedoeling,” wuift haar vader bijna verontschuldigend. “In het begin van de crisis was er nog veel onzekerheid over hoe gevaarlijk dat virus nu precies was. Clara-Lane is toen met een van de laatste vliegtuigen terug naar Brussel gevlogen. Ik legde haar uit dat ik aan een opera aan het werken was en dat ik een vrouwenstem nodig had, maar dat ik geen zangers naar de studio kon halen. Dus vroeg ik haar om te zingen. Ze heeft een ongelofelijk muzikaal talent, maar ze heeft dat nooit willen uitspelen. Toen ze zestien was, heb ik wat dingen met haar opgenomen. Platenfirma's wilden dat uitbrengen, maar zij paste. Voor Clara-Lane is opera ook iets heel gewoons, ik ging al naar De Munt met haar toen ze nog maar drie, vier jaar was. Goed, 'Je gaat het niet gebruiken?' vroeg ze. 'Nee, echt niet. Het is een demo.' Maar zoals dat gaat met die vloek van de demo: de magie van de eerste opname krijg je vaak niet meer terug wanneer je het 'voor echt' inblikt. Ik heb pro's laten komen, grote namen die ik niet ga noemen, maar die bereikten dat naturel niet meer. Ze zongen misschien technisch beter, maar ze maakten er een rol van, ze interpreteerden. Ik heb dagen geprobeerd, het heeft me een fortuin gekost, maar uiteindelijk heb ik de oorspronkelijke opnames behouden. Wat je nu hoort, zijn eerste takes, de pure essentie.”

De drie andere stemmen die Caves smeekbeden tot leven wekken zijn die van operazanger Denzil Delaere, de Amerikaanse sopraan Claron McFadden en... Nicholas Lens zelf. Maar daar wil de componist, die zichzelf graag als 'shadow player' omschrijft, het liever niet over hebben. “Ik verdwijn in het niets naast Denzil, met zijn uitzonderlijke tenore di grazia, die nog aan geloofwaardigheid wint door de tegenstelling met de jongemeisjesstem van Clara-Lane, en naast Claron.” Dat is overdreven, Lens hij heeft een mooi, rijp en tegelijk broos timbre dat enigszins aanleunt bij dat van zijn bloedbroeder, Nick Cave. In de jaren 1980 ambieerde Lens zelfs een carrière als Nederlandstalige popzanger. “Dat was 35 jaar geleden, ik wist toen nog niet wie ik was,” schampert hij daar vandaag over. “Ik vond die commerciële wereld beangstigend. De akkoordenstructuren die ik schreef voor sessiemuzikanten waren blijkbaar ook te weird. Ik heb dat snel voor bekeken gehouden, maar ik blijf daar aan herinnerd worden.” (Lacht)

1733 Nicholas Lens2 darker
© Saskia Vanderstichele

Jimi Hendrix
Lens keerde terug naar zijn roots, de hedendaagse klassieke muziek. Zelfs als twaalf-, dertienjarige was hij gek op Gustav Mahler. Kindertotenlieder en Lieder eines fahrenden Gesellen, gezongen door de Duitse überbariton Dietrich Fischer-Dieskau, kende hij vanbuiten. “Op een dag had ik iets mispeuterd. Ik moest thuisblijven terwijl mijn broer en drie zussen met mijn ouders op uitstap gingen. In onze woonkamer stond zo'n platendraaiermeubel van Telefunken in van dat lelijk nephout. De speakers waren heel beperkt, maar als je jong bent, wil je de geluidstrillingen vóélen. Ik opende die klankkast en stak mijn hoofd erin, omdat het volume dan verdrievoudigde. Zo zat ik te luisteren, poep omhoog, Mahler loeihard. Tot de muziek stopte en er een onwezenlijke stilte neerdaalde. Ik haalde mijn hoofd uit dat ding en zag mijn familie met open mond in de deuropening staan. (Lacht) Er heeft daarna nooit iemand over dat voorval gerept.”

Lens' muzieksmaak was anders dan die van zijn leeftijdsgenoten, maar hij was ook een kind van zijn tijd. “Thuis luisterden we enkel klassiek, maar bij vrienden ontdekte ik Jimi Hendrix, Black Sabbath en David Bowie. Die invloeden heb ik altijd laten spelen, zelfs in mijn operatieve werk. Misschien is dat ook de reden waarom ik het idee had om iemand als Nick te betrekken in mijn wereld, voor mij voelt dat heel natuurlijk aan.”

Met wat verbeelding zou je Litanies Lens' popalbum kunnen noemen, met zijn intimistische eenvoud sluit het werk aan bij het postminimalisme dat vandaag van nieuwe klassieke musici bijna popsterren maakt. “Bij Shell shock heeft Nick een grote pas in mijn richting gezet, nu heb ik het omgekeerde gedaan,” zegt Lens. “Ondanks de lockdown was de wisselwerking ook veel groter. Nick vond het prettig om aan een thema-album te werken, zoals dat in de jaren 1970 onbeschaamd werd gemaakt. Een reis die we de luisteraar bieden. Litanies is er in de eerste plaats om zichzelf. Het is de bescheiden betrachting dat de luisteraar net als die Japanse monniken in een soort van trance komt, een soort van menselijke verhevenheid waarbij je vergeet wie de makers zijn. Dat je erin onderduikt en je laat gaan. Als dat gebeurt, is dit werkstuk geslaagd.”

Litanies verschijnt op 4 december bij Deutsche Grammophon

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?