Brusselse oprichters Beerfood zijn motivatie kwijt en stoppen

© Beerfood
| Alan Dartevelle en Rodolphe Paternostre, de oprichters van Beerfood, hopen iemand te vinden die de productie van crackers, gemaakt van bierdraf, verderzet.

Rodolphe Paternostre en Alan Dartevelle, de bedenkers van de Beerfood-crackers gemaakt van bierdraf, stoppen ermee. De motivatie om hun zaak verder uit te bouwen is weg. Met de feesten in het vooruitzicht hopen ze toch nog hun flinke stock de deur uit te krijgen.

Draf zijn de graanresten van mout die overblijven als de brouwer het bier filtert. Deze afvalstof wordt vaak gewoon afgevoerd terwijl die nog veel voedingsstoffen bevat. Jammer, vond jurist en amateurbrouwer Rodolphe Paternostre en hij begon vijf jaar geleden samen met Alan Dartevelle, consultant in aeronautica, te zoeken hoe dit afvalproduct gerecycleerd kon worden. Na veel geëxperimenteer kwamen ze uit bij aperitiefcrackers.

Die worden sinds 2,5 jaar in drie verschillende smaken geproduceerd en verkocht in een aantal delicatessenzaken, souvenirwinkels en bij traiteurs in Brussel en Wallonië. Paternostre had intussen zijn job als specialist circulaire economie en afvalrecht bij Leefmilieu Brussel opgegeven om zich fulltime aan de vzw Beerfood te wijden, voor Dartevelle bleef het een activiteit voor ‘na de uren’.

De coronacrisis, die amper enkele maanden na de start uitbrak, zorgde ervoor dat het duo al snel zijn bedrijfsplannen moest aanpassen. “We konden plots veel minder leveren aan de toeristenwinkels, hotels en andere klanten,” vertelt Paternostre. “We zijn ons toen ook gaan bezighouden met het samenstellen en leveren van aperitiefmanden, onze crackers gecombineerd met een tapenade van een Brusselse artisanale producent en wat Brusselse biertjes. Ideaal voor de vele virtuele apero’s.”

Uiteindelijk bleek deze nieuwe activiteit toch niet zo stabiel. “De mensen gingen weer terug naar hun werk. Inmiddels zijn er nog nauwelijks virtuele aperitiefmomenten,” zegt Paternostre.

Relatief duur

De Beerfood-oprichters kwamen er ook achter dat de markt waarin ze opereren niet de makkelijkste is en dat het niet eenvoudig is om hun product rendabel te krijgen. “Draf als grondstof is natuurlijk heel goedkoop. Maar om er onze crackers van te maken en die bij de klant te krijgen, is er veel mankracht nodig,” legt Paternostre uit. “Elke schakel neemt zijn marge en zo wordt het toch nog een relatief duur product. Niet elke consument is bereid om vier euro voor een zakje crackers neer te tellen.”

Omwille van de kostprijs bleek het eveneens moeilijk om te leveren aan de horeca en ook de overheidsinstellingen werken volgens Paternostre niet altijd mee. “We mochten een offerte doen voor aperitiefmanden met Belgische producten voor het kabinet van de eerste minister. Onze offerte werd uiteindelijk afgewezen, niet vanwege de prijs, maar omdat er meer Brusselse dan Vlaamse en Waalse producten in de mand zaten.”

Moeilijk te accepteren, vond hij. “Als zo’n overheidsdienst ons al niet steunt, wie dan wel? Wij steken ons geld, onze tijd en onze energie in een project dat positief is voor de samenleving maar worden daarvoor niet erkend en niet beloond. Iedereen heeft wel de mond vol van circulaire economie. Maar als je dan met een goede oplossing komt, word je niet gesteund.” Kwam ook nog bij dat het Voedselagentschap buitensporige maatregelen oplegde aan Beerfood, althans volgens Paternostre.

Ontmoedigd

Hierdoor ontmoedigd, maar ook gewoon moe van enkele jaren keihard werken, besloten de initiatiefnemers om er in januari mee te stoppen en elk met eigen, nieuwe activiteiten verder te gaan. “De motivatie is weg,” zegt Paternostre. “Wij zijn eigenlijk changemakers. Onze passie was een oplossing te zoeken voor afval, in de vorm van een lekker product. Daar zijn we in geslaagd. We hebben de afgelopen jaren een merk gecreëerd en een heel productieproces op poten gezeten. Nu zitten we in de fase dat we heel veel met marketing en verkoop moeten bezig zijn, we moeten meer klanten zoeken, van bedrijf naar bedrijf gaan om die te vinden. Maar dat is niet echt ons ding.”

Voor ze de lier aan de wilgen hangen, hopen ze eerst nog hun voorraad – drieduizend zakjes crackers – te kunnen verkopen. En ze willen graag iemand vinden die de zaken voortzet. “Het is een heel mooi product, dat zeker rendabel te krijgen is. Het komt erop aan de verkoop op te drijven en te profiteren van schaalvoordelen. Wij hebben daar helaas de puf niet meer voor.”

Meer nieuws uit Brussel

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?