Akkoord over terugbetaling zorgverstrekking long covid

© Belgaimage
| Frank Vandenbroucke (Vooruit), vicepremier en minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid

Patiënten die maanden na een besmetting met het coronavirus nog steeds met uiteenlopende symptomen kampen - zogenaamde long covid - zullen binnenkort een beroep kunnen doen op terugbetaalde zorg. Een werkgroep binnen het Riziv heeft een akkoord bereikt over een zorgtraject voor die patiënten, meldt minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke vrijdag. Zowat 13.000 mensen zouden in aanmerking komen onder deze overeenkomst.

Verschillende patiënten blijken drie maanden na hun infectie met het coronavirus nog met symptomen te kampen. Ze klagen aan dat hun lijden niet wordt erkend en dat zij geen recht hebben op gecoördineerde en aangepaste zorg.

"Tot nog toe ontbraken immers wetenschappelijke richtlijnen om een adequaat en uniek zorgtraject te definiëren voor een post-Covid-patiënt," legt minister Vandenbroucke (Vooruit) uit. Voor die patiënten is nu een zorgtraject gedefinieerd.

Een werkgroep binnen het Riziv zette donderdag het licht op groen voor het eerste deel van een ontwerpovereenkomst, waarin een definitie wordt gegeven van een post-Covid-patiënt - en waarin dus de complexiteit en diversiteit van de problemen van deze patiënten worden erkend. Via dat zorgtraject kan de patiënt kinesitherapeutische, logopedische en/of psychologische zorgen terugbetaald krijgen, eventueel aangevuld met zorg door een diëtist en/of een ergotherapeut.

Huisartsen zullen binnenkort 12 weken na de eerste symptomen of na de positieve test een zorgtraject kunnen aanbieden. Dat kan zowel monodisciplinaire als multidisciplinaire zorg zijn. In dat tweede geval wordt ook een zorgcoördinator aangeduid. "De zorgcoördinator moet zorgen voor het uitbouwen van het partnerschap met de andere eerstelijnszorgverleners en/of de arts- specialist, maar ook voor het begeleiden van de patiënt en het luisteren naar zijn of haar klachten," zegt minister Vandenbroucke.

13.000 patiënten

De werkgroep schat dat het eerste deel van deze overeenkomst ten goede moet komen aan ongeveer 13.000 patiënten. Er wordt voor dit luik naar schatting 7,1 miljoen euro voorzien. Er wordt nog gewerkt aan meer verfijnde richtlijnen voor de diagnose. "Maar voor ons was het belangrijk dat enerzijds huisartsen de diagnose post-Covid kunnen stellen en anderzijds dat patiënten die lijden aan dit syndroom een beroep kunnen doen op concrete zorg," benadrukt de minister.

Het tweede deel van de overeenkomst dat nog in ontwikkeling is, heeft betrekking op neurocognitieve screening en behandeling in samenwerking met de tweede lijn. Vandenbroucke hoopt dat dit tweede deel de komende weken kan worden afgerond, zodat de integrale overeenkomst eind juni groen licht kan krijgen. Op die manier kan ze in juli in werking treden en kunnen patiënten van de beoogde voordelen genieten.

Meer nieuws uit Brussel

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?