Reportage

Op stap met de huisarts: ‘Wie naar de coiffeur kan, raakt ook bij de dokter'

Kris Hendrickx
© BRUZZ
10/05/2022
Updated: 10/05/2022 19.15u

| Huisdokter Marieke onderzoekt mevrouw Bosman in haar keuken tijdens een huisbezoek.

Dat Brusselse artsen maar half zo vaak patiënten bezoeken als Vlaamse, dat wisten we al. Maar een nieuwe studie toont ook dat het aantal huisbezoeken in geen enkel gewest zo snel afneemt als in het hoofdstedelijke. Tijd voor een ronde met mevrouw de ‘docteur’, nu het nog kan. “Hier zie je tenminste hoe de patiënt leeft.”

“Hoe het nog gaat? Ça va, maar de hond heeft me wel weer gebeten. ’s Nachts komt Loena bij me liggen en als ik geen kousen aandoe, durft ze haar tanden in mijn benen zetten. Ik heb ze natuurlijk gestraft en drie uur in het toilet opgesloten, maar ja, toen moest ik zelf naar de wc ...”

We zijn bij Lucia Bosman (81), op de zesde verdieping van een jaren 60-gebouw in de Stalingradlaan. Sinds de dood van haar man 28 jaar geleden, leeft de patiënte van dokter Marieke Wils (28) er alleen met haar hondje. Hoewel, alleen ... De woning telt zoveel sierborden, beeldjes, foto’s en andere snuisterijen, dat ze niet bepaald leeg aanvoelt. En dan hebben we het nog niet over de weelde aan poppen, die zelfs de lege plaatsen in de zetel vullen. Als we binnenkomen loopt net een – luide – aflevering van inspecteur Morse.

De tachtiger krijgt vandaag meer een check-up dan een dringende consultatie. De arts controleert bloeddruk, oren (‘Van dat wondje afblijven’), longen en hart? en stelt vast dat de kleine hondenbeet goed verzorgd wordt. Al snel verschuift het gespreks­onderwerp dan ook naar het leven van Lucia. We leren dat ze nooit kinderen kreeg, ‘mijn man was een kind’, dat ze soms nog naar de Zuidmarkt gaat om fruit en légumen en dat ze niets van koningin Paola moet hebben (‘Te veel mannen’). De bejaarde dame fleurt duidelijk op van het bezoek.

Huisdokter Marieke onderzoekt mevrouw Bosman in haar keuken tijdens een huisbezoek

| Tachtiger Lucia Bosman krijgt vandaag meer een check-up dan een dringende consultatie van huisdokter Marieke Wils. De arts controleert bloeddruk, oren (‘Van dat wondje afblijven’), longen en hart.

Terug buiten legt dokter Wils, actief in wijkgezondheidscentrum Medikuregem, uit dat ze eens om de vier tot zes weken langskomt bij patiënten die niet meer goed ter been zijn. “Als het even kan, vragen we hun om naar de praktijk te komen, voor veel mensen is dat dan tenminste een reden om eens buiten te komen.” Niet iedereen kan die boodschap overigens smaken. “Als u niet langskomt, gaan we naar de spoed!’ horen we soms. Terwijl die mensen daarmee natuurlijk bewijzen dat ze wél mobiel zijn (glimlacht).”

‘Nooit meer naar de Vijfhoek’

Lucia mag dan nog doktersbezoek krijgen, bij steeds minder Brusselaars is dat het geval. In 2011 werden per 1.000 personen 565 huisbezoeken uitgevoerd, in 2019 waren dat er nog 411, een daling met 27 procent. Dat blijkt uit een nieuwe studie van het Brusselse observatorium voor Gezondheid en Welzijn. Het aantal huisbezoeken daalt daarmee nog een stuk sneller dan in Vlaanderen, waar de huisarts in 2019 nog 900 keer ging aanbellen bij de patiënt.

Huisdokter Marieke gaat op huisbezoek bij mevrouw Bosman

| Lucia mag dan nog doktersbezoek krijgen van dokter Marieke Wils (foto), maar bij steeds minder Brusselaars is dat het geval.

Voor die dalende trend zijn er verschillende redenen. Het Brusselse verkeer en de parkeermogelijkheden bijvoorbeeld. Liefst 82 procent van de huisartsen vindt die een obstakel. “Van het Dudenpark in Vorst tot hier in de Lakensestraat heeft me een uur en tien minuten gekost,” zegt een geïrriteerde Michel De Volder, de voorzitter van de tweetalige Brusselse huisartsenkring FBHAV. De Volder is aanwezig bij de voorstelling van de studie van het Observatorium en kwam met de wagen. “Ik kan u garanderen, in de toekomst kom ik niet meer naar het centrum voor huisbezoeken.”

Diezelfde mobiliteit blijkt amper een probleem voor Marieke Wils. Van aan het wijkgezondheidscentrum in Kuregem tot op de – deels door werken geblokkeerde – Stalingradlaan is ze welgeteld acht minuten onderweg, met de fiets. We leggen het traject samen af en ons oog valt op een detail: mevrouw de dokter beschikt zelfs over een lederen dokterstas mét speciale fietsbevestiging. Nederlandstalige artsen blijken veel meer te fietsen, we horen het verschillende keren. Dat die artsen vaker in het compacte centrum van de stad actief zijn, helpt daarbij ook.

Huisdokter Marieke onderzoekt mevrouw Bosman in haar keuken tijdens een huisbezoek

| Dokter Wils, actief in wijkgezondheidscentrum Medikuregem, gaat eens om de vier tot zes weken langs bij patiënten die niet meer goed ter been zijn.

Een tweede probleem is de vergoeding en is gelinkt aan de verkeerskwestie. Die vergoeding (bijna 39 euro) ligt voor een thuisbezoek dan wel hoger dan voor een consultatie bij de dokter (26 euro), de lange verplaatsingen zorgen er toch voor dat huisbezoeken uiteindelijk minder renderen, kaart 73 procent van de huisartsen aan. Die redenering geldt overigens niet voor onze huisarts uit Kuregem. Het wijkgezondheidscentrum betaalt zijn artsen een vast loon. “Het was een van de redenen om voor forfaitaire geneeskunde (een systeem waarbij patiënten niet betalen voor consultaties op voorwaarde dat ze bij één centrum blijven, red.) te kiezen,” vertelt de jonge arts. “Ik wou niet door geld gedreven worden.”

Een laatste reden die meespeelt: 56 procent van de huisartsen wil graag een betere balans tussen werk en privéleven. Vooral jongere artsen hechten daar belang aan en het zijn dan ook zij die vandaag minder huisbezoeken doen. “Ik speel harp, ga joggen, ontmoet vrienden, lees boeken of maak tijd voor bijkomende vormingen,” zegt Marieke Wils. “Als solo-arts lijkt me dat moeilijker, dan moet je toch veel tijd investeren in het uitbouwen van een cliënteel.”

De dokterstas van huisdokter Marieke gaat op de fiets mee op huisbezoek

| Mevrouw de dokter beschikt zelfs over een lederen dokterstas mét speciale fietsbevestiging.

Persoonlijke verhalen

Steeds minder huisbezoeken, moeten we dat nu erg vinden? Het antwoord is niet eenduidig. Veel artsen hebben het gevoel dat lang niet alle huisbezoeken strikt nodig zijn. “Ik vraag mijn patiënten vaak of ze nog tot bij de coiffeur raken. Vaak is dat zo, en dan zeg ik dat ze dan ook tot op mijn kabinet raken,” illustreert Els Van Hooste, voorzitster van de Nederlandstalige Brusselse huisartsenkring (BHAK).

“Ik vraag mijn patiënten vaak of ze nog tot bij de coiffeur raken. Vaak is dat zo, en dan zeg ik dat ze dan ook tot op mijn kabinet raken”

Els Van Hooste, voorzitster van de Nederlandstalige Brusselse huisartsenkring (BHAK)

Aan de andere kant veroudert de Brusselse bevolking ook en telt het gewest heel wat mensen die niet de nodige medische zorg krijgen, door socio-­economische drempels. Het gezondheidsplan van minister van Gezondheid Alain Maron (Ecolo) voorziet bovendien in een versterking van de eerstelijnszorg, waar ook de huisbezoeken toe behoren. “Een huisbezoek is meer dan gewoon medische handelingen,” zegt Marieke Wils. “Het staat je toe te zien hoe mensen leven, waardoor je medische problemen ook beter gaat begrijpen.”

Rusthuis Warlandis, Jette. Marie Laure Dries (79) is net haar spullen aan het ordenen als we binnenstappen in het gezelschap van Nathalie Vanbeylen (44). Ze wijst naar een door en door versleten teddybeer op haar bed en vervolgens naar een klein kinderstoeltje op de grond. “Dat is de knuffel waarmee ik in de kelder ging schuilen tijdens de bombardementen in de oorlog. En dit is het stoeltje waar ik op zat.”

Patiënten praten in hun vertrouwde omgeving ook makkelijker over persoonlijke onderwerpen

Vaststelling in de studie over huisbezoeken

Nathalie Vanbeylen neemt de bloeddruk van Marie Laure Dries, luistert naar klachten over een loskomend kunstgebit. Dat dient eigenlijk met lijm bevestigd te worden, maar de rusthuisbewoner lust de lijmsmaak niet. De arts stelt een tandartsbezoek voor om een alternatief te vinden. Voor en na de medische kwesties komen ook hier snel andere verhalen naar boven. Marie Laure vertelt hoe haar moeder haar pop vroeger kapot gooide, hoe diezelfde moeder meedeelde dat ze – vergeefs – over de kasseien ging fietsen om de zwangerschap met de kleine Marie Laure af te breken. Net als bij Lucia blijkt al snel dat een (rust)huisbezoek vaak meer is dan een medische aangelegenheid. Het is een vaststelling die ook in de studie over huisbezoeken terugkomt: patiënten praten in hun vertrouwde omgeving ook makkelijker over persoonlijke onderwerpen.

Marie Laure Dries (79) wordt onderzocht door haar huisarts Nathalie Vanbeylen in rusthuis Warlandis in Jette

| Marie Laure Dries (79) wordt onderzocht door haar huisarts Nathalie Vanbeylen in rusthuis Warlandis in Jette.

Lokroep van de stad

Ook Nathalie Vanbeylen merkt hoe het aantal huisbezoeken afneemt, vooral bij collega’s die later arts werden. Het past in die eerder vermelde trend naar een betere balans tussen werk en privéleven. Door diezelfde trend kloppen artsen vandaag minder patiëntenuren dan vroeger. Dat blijkt ook uit de studie: artsen tussen 55 en 64 jaar werken elke week bijna 40 uur, terwijl hun collega’s die jonger zijn dan 35 jaar zes uur minder patiënten zien per week.

“Het is een van de grootste uitdagingen waar we vandaag mee geconfronteerd worden,” zegt Michel De Volder. “Ons ledental schommelt al een aantal jaar rond 1.500, maar die artsen presteren wel steeds minder patiëntenuren, waardoor de druk op onder meer de spoeddiensten van de ziekenhuizen groeit.”

Een bloeddrukmeter en stetoscoop van een huisdokter tijdens een huisbezoek

| Bloeddruk en hartslag kunnen thuis gemeten worden tijdens een huisbezoek van de dokter. Niet meer vanzelfsprekend

Aan Nederlandstalige zijde ziet het plaatje er wat anders uit, blijkt op navraag. Terwijl er in 2018 nog een groot tekort aan Nederlandstalige artsen was, zit het aantal leden van de BHAK al enkele jaren in de lift. Telde de kring in 2017 nog 95 leden, dan waren dat er vorig jaar al 139, een stijging met bijna 50 procent. “We hebben de laatste jaren heel wat artsen die praktijkopleider zijn en die brengen op hun beurt weer artsen in opleiding mee, van wie er een groot deel in Brussel blijven,” zegt voorzitster Els Van Hooste.

Zowel Van Hooste als BHAK-coördinator Hicham Vanborm merkt ook hoe de stad de voorbije jaren steeds meer aantrekkingskracht uitoefent op jonge Nederlandstalige artsen. “Toen ik arts in opleiding was in Brussel, in 2001, kreeg ik geregeld de vraag wat ik in Brussel te zoeken had,” herinnert Van Hooste zich. “Vandaag lijkt dokter in de stad zijn net hip.”

Artsentekort opgelost dus? Niet helemaal, want de Nederlandstalige artsen zijn erg ongelijk verdeeld in het gewest. “Gemeenten als Ukkel, Watermaal-Bosvoorde of de Woluwes hebben amper Nederlandstalige artsen, terwijl er in Anderlecht wel twintig zijn,” zegt Vanborm. Bovendien zijn die artsen ook in trek bij een anderstalig publiek, waardoor nieuwe Nederlandstalige patiënten er niet altijd meer bij kunnen.

Een artsentekort, het is een probleem dat Lucia Bosman niet kent. Haar vaste arts, die heeft ze al en ze kijkt al uit naar het volgende bezoek. Voor de zorgen én de babbel. “(Met enig gevoel voor dramatiek) U merkt misschien dat ik niet altijd mijn woorden vind, ik spreek anders enkel met de hond.”

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Lees meer over: Brussel , Gezondheid , huisdokter , huisbezoek , Marieke Wils , medische zorgen , BHAK , Nederlandstalige Brusselse Huisartsenkring , Wijkgezondheidscentrum Medikuregem

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie

Site by wieni