Zo'n 86 procent van de leerkrachten ziet leerachterstand bij leerlingen

© Bart Dewaele
| 1732 Comeniusschool-6

Ongeveer 86 procent van alle leerkrachten merkt een leerachterstand bij leerlingen op, waarvan 12 procent bij alle leerlingen. De achterstand is het grootst bij lezen en wiskunde, blijkt uit een bevraging van Bingel, het digitaal leerplatform voor het basisonderwijs van de educatieve uitgever Van In.

Zo'n 84 procent van de leerkrachten merkt een leerachterstand op voor wiskunde en 44 procent spreekt over een grote leerachterstand voor dat vak. 80 procent merkt een leerachterstand op voor lezen, 47 procent spreekt over een grote leerachterstand. Ook bij taal, spelling en schrijven stellen meer dan drie op de vier leerkrachten een achterstand vast. Bij Frans en WO gaat het om 64 en 55 procent.

Bijna 70 procent van de ondervraagde leerkrachten zegt de differentiatiemodule in Bingel te gebruiken. Een jaar geleden was dat nog 57 procent. Met de module kunnen leerkrachten oefeningen op maat voor elke leerling klaarzetten. Differentiatie wordt actief ingezet om leerachterstand bij te werken, maar ook om andere leerlingen meer uitdaging te geven.

Digitale invloed van coronacrisis

De leerkrachten gebruiken de differentiatiemodules veruit het meest om oefeningen klaar te zetten voor wiskunde. Van alle leerkrachten die de modules gebruiken, gebruikt 71 procent ze voor wiskunde, 39 procent voor spelling en 33 procent voor taal.

Zo'n 44 procent van de bevraagden zegt dat door de coronacrisis het ICT-beleid op school is veranderd. Alle leerkrachten hebben internet in de klas. Meer respondenten dan in 2019 hebben nu toestellen op school.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?