Brussel heeft opvallend meer spijbelaars dan Vlaanderen

© Didier Lebrun

Voor het derde jaar op rij is het aantal spijbelaars gestagneerd. Dat maakte minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V) bekend. Opvallend is echter dat het Brussel Hoofdstedelijk Gewest het beduidend slechter doet dan de Vlaamse provincies.  Vooral Evere springt in het oog. 

Met 6,6 procent is het aantal spijbelaars, scholieren die minstens dertig halve dagen afwezig, in Brussel meer dan dubbel zo hoog als in Oost-Vlaanderen. Die provincie komt op de tweede plaats met 3,1 procent. Vlaams-Brabant heeft het minste spijbelaars met slechts 1,9 procent.

Slechte score Brussel 

Brussel scoort dus hoog, maar bij nader inzien scoren alle steden hoog. De resultaten van steden als Antwerpen en Gent worden echter uitgevlakt door de meer rurale gebieden in de provincie. Apart halen Gent en Antwerpen, respectievelijk een score van 5,3 en 5,4 procent.

Een groot deel van het verschil moet dus in deze context gezien worden, toch blijft Brussel lichtelijk hoger scoren dan Antwerpen en Gent.

ASO, TSO en BSO

Opmerkelijk is toch dat in Brussel vooral Evere slecht scoort. In het secundair onderwijs spijbelt daar 27,4 procent van de leerlingen. Dit is veel hoger dan in de rest van Brussel, waar Sint-Jans-Molenbeek en Ukkel op de tweede plaats komen met slechts 12,8 procent. Alle andere Brusselse gemeenten scoren onder de tien procent. 

Minder opmerkelijk is het, wanneer je weet dat je in Evere enkel BSO kan volgen in het Nederlandstalig onderwijs. Want spijbelen is voornamelijk een probleem in het (deeltijds) beroeps secundair onderwijs. 

In het Brussel Hoofdstedelijk Gewest ligt het percentage spijbelaars in de tweede en derde graad ASO slechts op 1,2 procent. Dit aandeel stijgt voor het TSO naar 9,5 procent en voor het BSO komt dat zelfs op 21,7 procent.

In het deeltijds beroeps secundair onderwijs zitten er zelfs uitschieters tussen tot 92 procent in Brussel-Stad en ook in Antwerpen en Gent gaan die naar 50 en 65 procent.  

CLB grijpt sneller in

“De reden dat de cijfers de laatste jaren stagneren, kan liggen aan de nieuwe aanpak van de minister van Onderwijs. Sinds het schooljaar 2016-2017 wordt er sneller ingegrepen door het CLB. Van zodra een leerling vijf halve dagen onwettig afwezig is, wordt het CLB ingeschakeld voor een gesprek tussen school, ouder en leerling", klinkt het bij het kabinet van Crevits.

Zelfs één dag spijbelen kan namelijk de kans vergroten op zittenblijven en vroegtijdig schoolverlaten. 

“Spijbelen kunnen we niet aanvaarden. Jongeren die spijbelen blijven vaker zitten of halen geen kwalificatie. Ouders hebben de verantwoordelijkheid om samen met de school en het CLB ervoor te zorgen dat hun kind in de klas zit en te beseffen dat er niet zoiets bestaat als een dagje onschuldig afwezig te zijn.” aldus minister Crevits. 

Een reden misschien, waarom er de laatste twee jaar steeds minder mensen definitief van school werden gestuurd.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees ook

Nieuws uit Brussel in je mailbox?