Brusselaars in de frontlinie (10): fietsflik Jurgen Willems

© Jurgen Willems

Elke avond weerklinkt in de straten applaus voor het medisch personeel. Terecht. Maar naast ziekenhuispersoneel staan nog tal van minder belichte beroepen vandaag in de frontlijn. Of het nu kassiersters, welzijns­werkers, apothekers of agenten zijn, allemaal zorgen ze ervoor dat de stad ook in tijden van pandemie niet stilvalt. Vandaag: Jurgen Willems, aanvoerder van de fietsbrigade van Brussel-Hoofdstad Elsene.

Een carrièreflik zou hij zichzelf niet noemen, maar een “plattelandsjongen” in de grote stad wel. Jurgen Willems staat samen met David Stevens aan het hoofd van de fietsbrigade van de politiezone Brussel-Hoofdstad Elsene. Op 17-jarige leeftijd gaf hij de brui aan school wegens “ernstige schoolmoeheid”, een jaar later werd de nét meerderjarige Willems agent in de hoofdstad: “Dat was aanpassen. Ik had nog nooit een dakloze gezien en was helemaal niet gewend aan de drukte.” Maar zoals zijn vrienden en collega’s kunnen getuigen: “Ik ben hier echt opengebloeid”.

Jurgen Willems staat, samen met David Stevens, aan het hoofd van de fietsbrigade van de politiezone Brussel-Hoofstad/Elsene
© Jurgen Willems

16 jaar later heeft Willems er talloze interventies, twee missies in het buitenland (Mali en Kosovo) en een serieuze klimtocht in de politie hiërarchie opzitten. “Toch heb ik mijn aanvankelijke kinderdroom: rijden met de motards, nog niet bereikt. Maar zo is het bij de politie, de organisatie heeft zoveel te bieden.” Willems hecht veel waarde aan hard werken, “je best doen,” zoals hij het zelf omschrijft, toch houdt hij tijdens het werk er liefst een nederige houding op na: “Toen ik hier toekwam als jonge agent leerde ik dat het beter is om je zo eenvoudig mogelijk op te stellen. Ik ben hier niet om iemand de les te spellen, en ik neem dat mee in mijn omgang met burgers. Ik heb nog steeds veel te leren”.

Willems spreekt met veel liefde over zijn werkterrein, en over de veranderingen die de stad en het korps in zijn tijd heeft meegemaakt: “Als ik jonge agenten aan de Beurs vertel dat er hier vroeger 4 rijstroken waren, valt hun mond open. Dat zou ik mijn beste herinnering aan het werk noemen: de vooruitgang in leefbaarheid die in sommige wijken is gemaakt”.

Het coronavirus heeft voor de fietsbrigade de planning danig in de war gestuurd. Van shifts van 8 uur gaan ze nu naar 12, altijd met dezelfde collega’s om besmetting te vermijden. Bovendien moeten ze naast hun verkeersveiligheidstaken nu ook de mensen aanspreken over de coronamaatregelen. Willems blijft er rustig onder, aanpassen aan crisissen is deel van de job: “Maar we mogen nooit onze core bussiness uit het oog verliezen. Het is niet omdat we in een pandemie zitten, dat we snelheidsduivels zomaar hun ding laten doen. Lege straten nodigen uit, je moet het niet verder zoeken dan dat.”

Maar hij staat wel positief tegenover hoe de Brusselaars zich aan de crisis aanpassen. “Ik heb de indruk dat iedereen het wel begrepen heeft”. Het applaus vindt hij een mooi signaal: “Maar mijn werkmotivatie is persoonlijk en daar heb ik geen applaus voor nodig. Bovendien zijn de echte helden de zorgverleners, en ik heb altijd respect voor hen, het hele jaar door.”

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Lees ook

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?