Brusselse jeugdorganisaties staan te popelen om de natuur in te trekken

© Ivan Put

Zomerkampen en speelpleinwerking kregen op vrijdag een groen licht van de regering. Daarmee viel een hele last van de schouders van de Brusselse jeugdwerking. Maar, met deze nieuwe openingen komen ook nieuwe zorgen. Over één zaak zijn de Brusselse jeugdorganisaties het eens: “We moeten de natuur in”.

“Dit is een enorme opluchting,” zegt Frank Iseborgh, jeugdwerker in het jeugdhuis van D’Broej in Molenbeek. “De noodzaak van deze beslissing valt niet te onderschatten. We merken nu al de zware gevolgen van de coronacrisis onder onze kinderen en jongeren. Het tekort aan openbare ruimte en de kleine en soms slechte omstandigheden waar onze kinderen in leven is geen geheim. Dit is echt een bevrijding.”

Het nieuws werd vrijdagavond onder de vrijwilligers van de deelwerking op groot enthousiasme onthaald. “De Whatsapp-groep stond vol met berichtjes van onze medewerkers: wanneer kunnen we starten?”

Hoe dat allemaal zal gebeuren is bij D’Broej nog niet geheeld duidelijk maar één ding is zeker: “We gaan de natuur in, en we gaan de tijd en ruimte nemen om te verwerken wat er de voorbije maanden is gebeurd."

Niet genoeg ruimte

Bij Het Kompas, een huis voor kinderen in Kuregem, horen we hetzelfde soort enthousiasme, maar ook bezorgdheid. “De inschrijvingen lopen nu al binnen. Wij ontvangen normaal gezien tot 90 kinderen in onze zomerwerking. Om een maximum aantal gezinnen tegemoet te komen, zullen we dus anders moeten werken,” zegt coördinatrice Hayat El Aroud.

“We gaan de zomerwerking die normaal drie weken duurt verlengen naar vier en de kinderen opsplitsen. Een groep komt de eerste twee weken, een andere vult de volgende twee weken. We hebben hier gewoon niet genoeg ruimte om meer te doen.”

Hayat wil ook dringend de natuur in met haar deelnemers, “maar het is nog niet geheel duidelijk hoe we dat moeten doen”, vraagt ze zich af. “Het Zoniënwoud is al minstens een reis van een uur via het openbaar vervoer. We kunnen niet met 40 kinderen de tram instappen. Daarom hebben we gevraagd aan de gemeente om ons te ondersteunen met het transport.”

Bij de Brussels Boxing Academy zitten ze met dezelfde zorg. Normaal gaat de organisatie op kamp in het buitenland met ongeveer 80 kinderen. Nu zijn ze op zoek naar een terrein in de natuur. “Wij kiezen voor de fiets,” zegt coördinator Mohamed Maalem, “maar de andere details moeten we nog uitwerken”.

Bange ouders

Zowel Hayat en Frank vragen zich ook af hoe de ouders zullen reageren, en welke impact dat zal hebben op het aantal deelnemers. “Hier in Kuregem zijn er nog veel bange ouders en kinderen. Ik voorzie nog veel lange telefoongesprekken.”

“Anderzijds zullen er veel kinderen in het land zijn die normaal gezien op vakantie zijn,” zegt Frank. “Het is nog niet duidelijk of we dus meer of minder inschrijvingen zullen hebben,” aldus Hayat, “ik vrees er een beetje voor dat het ‘wie eerstkomt, eerst maalt’ zal worden”.

Ondersteuning van lokale overheden zal dus essentieel worden. Om transport te regelen, toegang tot propere parken of extra terreinen te vinden. Schepen van openbare ruimte Susanne Mûller-Hübsch (Groen) heeft Hayat al aangesproken om van de straat van de vzw een speelstraat te maken. “Een superidee, maar ik hoop dat we toch verder de stad uitgeraken dan dat”.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?