Dierenasiel ziet steeds vaker Brusselaars met 'syndroom van Noach'

© Help Animals
| Een inbeslagname van een verwaarloosd dier door Help Animals.

Het Brusselse dierenasiel Help Animals ziet steeds vaker mensen met het 'syndroom van Noach'. Het is een psychologische aandoening waarbij mensen zeer veel dieren in huis nemen, maar er niet goed voor kunnen zorgen, met negatieve gevolgen voor het dierenwelzijn. “Wij nemen de dieren mee om te verzorgen, maar de mens in deze situatie moet ook geholpen worden.”

De vestigingen van Help Animals in Anderlecht en Kasteelbrakel krijgen sinds enkele maanden meer oproepen in verband met het syndroom van Noach. “We krijgen 2 à 3 oproepen per maand, dat is veel meer dan vroeger,” laat Fabrizio Follacchio, directeur van Help Animals, weten.

Zo werden in april bijvoorbeeld 19 vogels en vijf honden gered uit een woning in Etterbeek.

“Ik heb het gevoel dat de mensen meer begaan zijn met dieren, dat ze meer over dierenwelzijn praten en dat de mensen er meer mee bezig zijn. Er is een soort mentaliteitswijziging. Want eigenlijk is deze aandoening niet nieuw, die is er al altijd geweest, maar het kwam minder aan bod.”

“Wanneer we ter plaatse gaan om de dieren op te halen bij een persoon met het syndroom van Noach, lichten we altijd de politiediensten en dierenwelzijn in. Samen met hen gaan we langs. Bij een inbeslagname doet het altijd een beetje pijn, want wij nemen de dieren mee om te verzorgen, maar de mens in deze situatie moet ook geholpen worden.” De mensen die aan dit syndroom lijden, zijn zich er vaak niet bewust van dat hun dieren in zorgwekkende omstandigheden leven.

Daarbij komt ook kijken dat veel van deze mensen vaak zowel aan het syndroom van Noach als aan het syndroom van Diogenes lijden. Bij dit laatste is er sprake van het obsessief verzamelen van objecten, zelfverwaarlozing en sociale afstandelijkheid. Vaak speelt eenzaamheid ook een belangrijke factor. Dat is meestal de reden waarom mensen voor het gezelschap van dieren kiezen.

Doordat de verzorgers van Help Animals er meer mee in contact komen, praten ze er onderling ook meer over. “We moedigen onze verzorgers en ander personeel aan om hierover te praten, het laat vaak een indruk na. Ook nemen ze deel aan info- en vormingsmomenten met professionals en dokters om op de hoogte te blijven van hoe ze hiermee om kunnen gaan.”

Meer nieuws uit Brussel

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?