Reportage

In het spoor van de Roma: 'Brussel is een tolerante stad'

Tom Peeters
© BRUZZ
09/11/2023

| Florin en Sorin, zelf Roemeense Roma, zijn allebei bemiddelaar bij vzw Foyer. Hun boodschap voor Roma-ouders: “School is hét wapen tegen honger en discriminatie.”

“Kom eerst eens kijken hoe wij leven,” riepen Brusselse Roma na de stigmatiserende uitspraken van Conner Rousseau over hun gemeenschap. De Vooruit-voorzitter liet zich voorlopig nog niet zien of horen in Brussel. Daarom trok BRUZZ langs de drie belangrijkste groepen. “Hier hoeven we niet te verbergen wie we zijn.”

Waar komen Roma vandaan?

Roma zijn oorspronkelijk afkomstig uit India. Ze hebben zich in verschillende migratiegolven gedurende enkele honderden jaren verspreid over de hele wereld. In België wonen naar schatting 35.000 Roma. Exacte gegevens ontbreken, want Roma is een etniciteit, geen nationaliteit. Er zijn in Brussel vermoedelijk 12.000 Roma, voornamelijk uit Roemenië en Bulgarije. Roma uit Syrië – zogeheten Doms – vormen de derde grootste groep in de hoofdstad.

Een derde van de Roma in België leeft in Brussel, en het merendeel van de Roma-families vindt zijn thuis in de wijken van de zogenoemde 'arme sikkel' net buiten de Vijfhoek: Anderlecht, Molenbeek, Sint-Joost en Schaarbeek. Zo ook Sorin Pavel (29). De Roemeen woont met zijn ouders, echtgenote en vier kinderen samen in één huis in Aumale, Anderlecht. Hij werkt voor het Brusselse integratiecentrum Foyer in Molenbeek, waar hij sinds vorig jaar als bemiddelaar de communicatie tussen Roma-families en publieke instanties faciliteert.

Aan het kruispunt bij metrohalte Ribaucourt roert Sorin met de punt van zijn paraplu in een regenplas. “Normaal loopt het nu vol met Roma, maar het slechte weer houdt iedereen binnen.” Voor hij zijn kantoor binnenstapt, maakt hij een snelle tussenstop bij een van zijn klanten in de buurt van de neogotische Sint-Remigiuskerk. Costin – zijn echte naam wil hij hier niet vermeld zien en de Roemeense Roma wil ook niet op de foto – woont al twintig jaar in Brussel. Op de breedbeeldtelevisie in het kraaknette appartement speelt een video van een knisperend haardvuur. De koekjes op de weelderig gedekte eettafel smaken voortreffelijk.

“Ik weet dat onze reputatie als Roma niet altijd even positief is. Maar zelf merk ik weinig van de vooroordelen”

Costin woont al twintig jaar in Brussel

Costin deelt zijn verhaal over zijn jeugd waarin bedelen soms nodig was, maar vertelt ook over hoe hij op zijn zestiende begon te werken en vandaag de trotse eigenaar is van het appartement. “Ik weet dat onze reputatie als Roma niet altijd even positief is. Maar zelf merk ik weinig van de vooroordelen. Voor wie zich aanpast is Brussel een tolerante stad.”

Bedelende pendelaars

Roemenen vormen de grootste groep van de Brusselse Roma-bevolking. Ze kwamen voor het eerst in de jaren 1990 naar Brussel, en een tweede golf volgde na de overgang naar het nieuwe millennium. De ouders van Sorin behoorden tot de tweede groep, net als die van zijn neef Florin (28), ook een bemiddelaar bij de Foyer. Hun levenspaden blijken parallel te lopen.

Ze zijn allebei opgegroeid in hetzelfde dorpje in het zuiden van Roemenië, en beiden voltooiden hun humaniora niet. Als tieners bedelden Sorin en Florin in Brussel op straat omdat hun ouders de taal niet spraken en indertijd nog niet mochten werken. “Als ik moest kiezen tussen bedelen of stelen, dan wist ik het wel,” zegt Sorin nu over die periode. Vandaag keuren ze bedelen stellig af. Geen haar op hun hoofd dat eraan denkt om het bij hun kinderen aan te moedigen.

Het cliché wil dat van alle Roma-groepen de Roemenen de hardnekkigste bedelaars zijn. Sorin en Florin ontkennen dat niet, maar ze willen het probleem ook nuanceren. In de gemeenschappen en families die zij begeleiden, groeit langzaam het besef dat bedelen geen waardige manier van geld verdienen is. “Het komt al minder voor dan in het verleden. Ik ken bijna niemand die het nog doet,” beweert Sorin. Waarom lijkt dat dan niet zo, en al zeker niet in de Vijfhoek, waar ook kinderen worden ingeschakeld, terwijl dat sinds vorig jaar wettelijk verboden is? Florin: “Dat zijn geen Roemenen die de intentie hebben om in Brussel te blijven.”

Een tentenkamp van Roma aan Thurn & Taxis in 2016

| Een tentenkamp van Roma aan Thurn & Taxis in 2016. Expert Koen Geurts toen: “Dergelijke kampen zijn slecht voor het imago van de Roma die wel goed geïntegreerd zijn, en dat is in Brussel de meerderheid.”

Pendelaars, zo noemt coördinator bij Foyer Koen Geurts die bedelaarspopulatie. Ze reizen van Boekarest naar België voor 20 euro, verblijven enkele weken of maanden, en vertrekken dan weer. Als ze in Roemenië al werk zouden hebben, moeten ze rondkomen met een gemiddeld maand­salaris van 300 of 400 euro, een bedrag dat ze in een week bij elkaar kunnen bedelen.
“Het grote probleem is dat we die mensen niet kunnen begeleiden,” zegt Geurts. “We hebben geen informatie over hun verblijfplaats of we komen er pas achter wanneer het te laat is. Ze tonen nauwelijks interesse in begeleiding en wensen simpelweg met rust gelaten te worden. De meesten houden zich wel aan het verbod op bedelen voor minderjarigen.”

Schoolverzuim

Een ander stereotype is het hardnekkige schoolverzuim bij Roma-kinderen. In de beginjaren was het absenteïsme alarmerend hoog in alle Roma-groepen. Florin behoort ook tot de groep schoolverlaters: hij stopte rond zijn zeventien. “Ik nam het besluit om te gaan werken om mijn verblijf in België te stabiliseren en omdat ik op dat moment al getrouwd was en een kind moest onderhouden.” Vandaag heeft hij geen spijt over zijn keuze, hij heeft zijn weg gevonden. Bij elk huisbezoek verkondigt hij wel steevast dezelfde boodschap: “School is hét wapen tegen honger en discriminatie.”

“Vroeger was er veel schoolverzuim, nu lopen ouders ons achterna en vragen ze om hulp om een geschikte school te vinden”

Sorin Pavel, medewerker Foyer

Sorin, zelf Roemeense Roma, is bemiddelaar voor de gemeenschap bij vzw Foyer

Hun inspanningen en die van andere brugfiguren lonen, want het schoolverzuim bij kinderen uit Roma-families is teruggelopen. Vroeger moesten bemiddelaars van de Foyer achter ouders aanlopen om hun kinderen in te schrijven op een school. Sorin: “Nu lopen ouders ons achterna: help ons, we zijn te laat, we vinden geen goede geschikte school meer.”

Dat betekent niet dat het probleem van de baan is. Koen Geurts: “Roma zijn heel pragmatische mensen. Ze willen eerst dingen zien veranderen, om het dan pas te geloven. Van het idee dat onderwijs goed voor hen is, hebben de meeste Roma maar weinig gemerkt in Roemenië. Wie naar school ging, werd vaak gediscrimineerd op de arbeidsmarkt. Roma met een universitair diploma die geen werk vonden, stonden op de Vossenmarkt antiek te verkopen. We hopen dat ze erin gaan geloven, zodra we hen daadwerkelijk kunnen laten zien dat ze kunnen profiteren van scholing. Dat proces is momenteel in volle gang, met steeds meer jongeren die hun middelbareschooldiploma behalen en werk vinden.”

Bulgaren in Schaarbeek

Bulgaren zijn de tweede grootste Roma-­groep in Brussel. De Bulgaarse Roma worden gezien als de groep die zich het snelst settelt doordat ze kunnen terugvallen op een Turks netwerk voor werkgelegenheid. De meeste Bulgaarse Roma spreken immers Turks. Het nadeel van die afhankelijkheidsrelatie, aldus bemiddelaar Mehmed (39), is het risico op misbruik en uitbuiting. Een aanzienlijk deel van de begeleiding door Bulgaarse Roma-­bemiddelaars richt er zich daarom op de arbeidssituatie van hun cliënten te reguleren.

Mehmed is onderweg naar Zlatka en Asen (allebei 34); de twee Bulgaarse Roma hebben een hulpvraag over de kinderbijslag voor hun drie schoolgaande kinderen. Op de eettafel in de kleine woonkamer staan nootjes, koeken, cola en koffie. Terwijl andere Bulgaarse Roma het kleine en overmatig verwarmde appartement binnenstromen, ontpopt Mehmed zich als een voortreffelijke tolk.

Waarom het gezin een jaar geleden naar Brussel verhuisde? “Voor de toekomst van de kinderen, omdat de scholen hier beter zijn,” antwoordt de vrouw. Zlatka werkt in een Turks restaurant en haar man rijdt voor een Turks bedrijf meubelen rond als vrachtwagenchauffeur. Wat deden ze in Bulgarije? “Vroeger woonden we in een dorp en werkten we seizoensgebonden in de landbouw. Het gebrek aan werk was een belangrijke factor voor de verhuizing. Brussel biedt Roma een compleet andere omgeving aan, waar we niet hoeven te verbergen wie we zijn. In ons vorige dorp werden we geconfronteerd met veel discriminatie, met werkgevers die voortdurend excuses gebruikten om ons geen werk te geven.”

1865 Roma Intercultureel bemiddelaar Mehmed Mehmed Zlatka en Rosein Bulgaren Roma Noord 2

| Het gezin van Zlatka en Asen (niet op de foto) in gesprek met bemiddelaar Mehmed. “Ik wil zo veel mogelijk werken, zodat mijn kinderen alles hebben wat nodig is om verder te integreren,” zegt Zlatka.

En hoe valt de integratie mee? Goed, beweert Zlatka, al verloopt dat proces alsnog hoofdzakelijk via de kinderen. Zij leren Frans en Nederlands op school. “Ik ben bang dat ik te oud ben om een andere taal te leren. Ik heb er ook geen tijd voor. Ik wil zo veel mogelijk werken, zodat mijn kinderen alles hebben wat nodig is om verder te integreren.”
Op een dag, in de zachte armen van voorspoed gewiegd, hoopt het Bulgaarse gezin te kunnen vertrekken uit de lamentabele flat die ze betrekken voor 700 euro per maand en die veel te krap is voor een gezin van vijf.

Getraumatiseerde Syriërs

Na Roemenen en Bulgaren zijn de Syrische Doms, afkomstig van het Midden-­Oosten, de derde grootste Roma-groep in Brussel. Ze vluchtten voor de oorlog in hun thuisland, waar ze door hun status als tweederangsburgers nóg meer gevaar liepen dan andere Syriërs. Naar schatting wonen in Brussel ongeveer 1.500 Doms. Een aanzienlijk deel van hen vond een thuis in Anderlecht, met name in Kuregem.

1865 Roma Intercultureel bemiddelaar Mehmed Mehmed Zlatka en Rosein Bulgaren Roma Noord 7

| Bemiddelaar Mehmed op bezoek bij het gezin van Zlatka en Asen (hier met zijn zoon Rosein). Vandaag helpt Mehmed hen met een vraag over de kinderbijslag.

De Syrische Dom Tamin Alchiori (34) werkt voor het CRIPA, de gemeentedienst die zich het lot van nieuwkomers aantrekt. Een bezoek samen met hem aan een Dom-familie was uitgesloten, omdat het wantrouwen in de getraumatiseerde gemeenschap te groot blijkt. Het integratieproces van de Syriërs verloopt niettemin vlotter dan verhoopt, weet Alchiori.

“Ze leren de taal en schrijven zich in voor inburgeringscursussen. Veel Doms hebben werk gevonden als Uber-chauffeur, tuinman of conciërge. Jobs met een grote zelfstandigheid vinden ze erg belangrijk. Het schoolverzuim laat bemoedigende vooruitgang zien. De eerste Doms zijn hier sinds 2015. De eerste generatie studeert dit schooljaar af aan de middelbare school. Dat wordt erg interessant. Kunnen zij pioniers worden voor hun gemeenschap?”

De Foyer heeft vergelijkbare ervaringen met Roma uit Syrië. Maar Koen Geurts, die al twintig jaar aan opbouwwerk doet, weet ook hoe hard het trekken en duwen zal blijven: “We zijn er nog lang niet. De Roma komen van ver. Elk klein stapje vooruit is een succes.”

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Lees meer over: Brussel , Samenleving , roma , diversiteit , vzw Foyer

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie

Site by wieni