Mohamed El Bachiri en Kristien Hemmerechts roemen de kracht van dialoog

© Saskia Vanderstichele

Een jaar na de terreuraanslag waarin Mohamed El Bachiri’s vrouw en soulmate stierf, bruist de stuwkracht van zijn liefdesrelatie over de gemeenschappen heen. “Tolerantie zal de maatschappij van morgen tekenen. Wat uiteindelijk telt, is de open houding van de man en de vrouw, die de andere niet beoordeelt. Elke vrouw beslist zelf waar ze staat en wat ze doet, hoofddoek incluis. Iedereen is haar respect voor haar keuzes verplicht.”

Met zijn ‘liefdesboodschap’ tijdens TEDx-Hilversum in Nederland, raakte metrobestuurder Mohamed El Bachiri (°1980) in één dag bekend als Marokkaanse Belg, geboren in Brussel, moslim, Molenbekenaar, vader van drie zoontjes en weduwnaar van Loubna Lafquiri, die tijdens de terreuraanslag van 22 maart 2016 omkwam. Kristien Hemmerechts, schrijfster en docente aan de KU Leuven, bracht zijn Franse brief ‘Mijn jihad van liefde’ naar het zuiden mee en bezorgde die aan De Standaard. De vertaling sloeg aan. VRT liet El Bachiri in De Afspraak ‘de mooiste kerstboodschap van de eeuw’ verkondigen: een oproep tot respect en liefde voor elkeen. Inmiddels zijn de levenslessen en gedichten van El Bachiri opgetekend door David Van Reybrouck in Een jihad van liefde, uitgegeven bij De Bezige Bij. Als gasthoofdredacteur voor de herdenkingsweek rond 22 maart 2017 opent El Bachiri nog meer deuren voor de vreedzame strijd voor een humane samenleving. “De vrouw, ook in Molenbeek, heeft een belangrijke positie in de maatschappij,” stelt El Bachiri.

 

MOHAMED EL BACHIRI: Of het een man of een vrouw is die spreekt, de maatschappij moet er eenzelfde aandacht voor hebben. Inzake cultuur zie ik op gendervlak geen verschillen. Op enkele nuances in hun kijk op de wereld, is de gelijkheid volledig. Een boek dat me aansprak, toen Loubna nog leefde, was Mannen komen van Mars, vrouwen van Venus. Het prikkelt tot bewondering voor de vrouw. We hangen nog vast aan het historische beeld van de man, de strijder uit de Griekse Oudheid, die het meeste land en de meeste vrouwen moet veroveren. Dat imago blijft onderhuids present, getuige nog Hollywoodfilms waarin de held de strijdlustige is. Het is tijd voor een nieuwe definitie van het woord held, of het de man of vrouw is.

KRISTIEN HEMMERECHTS: Misschien was het vroeger gemakkelijker voor de man: oorlog voeren, zijn vaderland verdedigen, sterk zijn voor zijn gezin. En voor de vrouw gemakkelijker om voor een thuis te zorgen, haar kinderen, haar werk. Wat maakt een man nog ‘moedig’ als hij niet meer vecht? Is de moedige man een ‘papa’? En hoe ervaart men dat in de moslimgemeenschap?

EL BACHIRI: De moslimgemeenschap, als andere religies, blijft patriarchaal, zeker als men terugvalt op teksten. Maar er is de contextualisering. Sommige teksten uit de middeleeuwen stonden de emancipatie van de vrouw wel toe, als je ze leest in hun tijdsgeest. Maar wat was de rol van de vrouw in het Westen, honderd jaar terug, zonder stemrecht? De strijd om het statuut van de vrouw is verre van gestreden. Vandaag is de vrouw de gelijke van de man, in alle opzichten, ook al is zij anders-actief en verschillend. Ik ben moslim met een westerse cultuurorigine, dus met openheid van geest. Mijn relatie met mijn vrouw was er alleszins een van openheid en gelijkheid. Ik denk niet dat ik daarin een uitzondering was binnen de maatschappij en mijn familie.

HEMMERECHTS: De gendergelijkheid is nog niet altijd zichtbaar in de openbare ruimte, als ik de theesalons zie waar alleen moslimmannen zitten.

EL BACHIRI: Mannen willen soms onder elkaar zijn om te discussiëren, en zoeken deze plekken op, net als de pub. Ik zie in Molenbeek stilaan meer salons, ook van het type crêperie, waar beide geslachten komen. Zodra het geloof iets van het hart wordt, dat je in jezelf koestert, en niet iets patriarchaals is wat dicteert, gaan mensen die openheid wel aanvaarden. Voorlopig is de mixité sterker in Marokko dan hier, geef ik toe. Het komt me voor dat de gemeenschapsvorming hier moeilijker spontaan evolueert.

© Saskia Vanderstichele
HEMMERECHTS: Dat neemt niet weg dat de islam een slechte reputatie krijgt door te kennen te geven dat hij de vrouw en haar seksualiteit wil controleren of oriënteren.

EL BACHIRI: De paradox is dat seksualiteit in de islam geen taboe is. Maar er zijn veel islams, ook die islam - zoals in andere religies - die het resultaat is van wat mannen ervan maken door interpretatie. Bovendien is het eerder een teken van zwakte van de man, als hij uit nood aan dominant gedrag zich gaat refereren aan Gods woord. Een argument als ‘een vrouw moet haar man gehoorzamen’ is een dooddoener en getuigt eerder van zwakte dan van evenwaardigheid.

Ook de hoofddoek is zo’n punt waar een man geen oordeel over kan vellen. Het hoort haar toe om hierin een vrije keuze te maken. Sowieso evolueert de discussie daarrond, omdat een godsdienst of visie in de loop der eeuwen evolueert. Dat een man de hoofddoek zou opdringen, is onaanvaardbaar, zelfs vanuit spiritueel standpunt. Sociale druk, maatschappelijke context, en dies meer, komen nog wel aan bod in dit thema. Uiteindelijk moet de dialoog opengetrokken worden. De mening van de vrouw zelf moet op het voorplan treden.

HEMMERECHTS: Eenzelfde conservatisme tegenover openheid rond homoseksualiteit stuit wel tegen de borst.

Anders-zijn

EL BACHIRI: De islam veroordeelt homoseksualiteit niet, hij heeft een Hebreeuwse traditie, op het verhaal van Sodom en Gomorra na. De enige kwestie is tolerantie. Want zodra men de andere als zijn broeder of zuster, zijn zoon of dochter beschouwt, is de aanvaarding compleet. Trouwens, homoseksualiteit houdt op een bepaald punt een lijden in. Het soort lijden dat iedereen ondervindt die zich in een positie bevindt van minderheid en anders-zijn. En anders-zijn is geen vrije keuze van het individu. Vandaar mijn oproep tot openheid en tolerantie, in plaats van stigmatisering en veroordeling. Meer nog, u bent als mens niet uw seksualiteit. Zodra er te conservatief en orthodox gedacht wordt, sluit men zich af van de rede. En nog eens: ook een vrouw herleid je niet tot haar seksualiteit.

HEMMERECHTS: Dat neemt niet weg dat er andere regels over schaamtegevoel zijn in de westerse en niet-westerse cultuur. Zogeheten westerlingen zijn minder tolerant dan we graag geloven. Toen ik in 1988 een echtscheiding aanging, werd ik als dertiger uit kringen geweerd. Het was not done. De emancipatie heeft wel een weg afgelegd, maar heeft nog een lange te gaan.

EL BACHIRI: Ook islamfobie is iets wat meespeelt. Het klimaat is duidelijk nog niet gezond. Mijn vrouw heeft daar als sportlerares veel in trachten bij te sturen bij meisjes. Moslima’s durven soms niet met de fiets te rijden of niet zonder hoofddoek buiten te lopen. De emancipatie is een proces van jaren, maar het gaat de goede richting uit. Molenbeek wordt nog als een soort getto gezien, terwijl er veel actieve vrouwen in associaties bezig zijn en prachtige dingen realiseren.

HEMMERECHTS: Wij denken inderdaad dat we open zijn, hoewel iedereen zich schikt naar de groep waar hij of zij deel van wil uitmaken. Mijn vrienden dragen dezelfde kleren en ontvangen elkaar op dezelfde manier. Onze kinderen doen hetzelfde. We reizen naar dezelfde steden. Wie anders doet, maakt het zich moeilijk in deze maatschappij. Mocht ik in Molenbeek wonen, zou ik me mogelijk ook anders kleden. Zich conformeren hoort erbij, om erbij te horen.

Genadigheid

EL BACHIRI: Focus toch niet op de hoofddoek of het aanpassingsgedrag. Er zijn zoveel andere meisjes die geen hoofddoek dragen. Het gaat toch maar over hoe ze zich willen kleden, meer niet. Uiteindelijk, wat betekent de kijk van de man, en soms ook van de vrouw, op de andere, om die te beoordelen? Men denkt dat moslims eeuwen achterop boeren, terwijl deze situatie amper enkele decennia geleden ook westers was (met het sjaaltje of hoedje naar de kerk, red.).

HEMMERECHTS: Elke groep en samenleving heeft haar conventies en codes. Ik heb veel gereisd en heb geleerd hoe cruciaal respect tonen is. Ik zal bijvoorbeeld de uitdrukking insjallah (Arabisch voor ‘als God het wil’,red.) gebruiken. Je ziet dan een gezicht openbloeien in een glimlach. Het is door respect te tonen dat je makkelijker in gesprek komt met elkaar. Je mag je niet superieur opstellen.

EL BACHIRI: Dit getuigt van wijsheid. Je vraagt beter niet (meteen) wat de afkomst van iemand is, de andere zal er alleen maar van dichtklappen. Enige genadigheid past wel bij nieuwe ontmoetingen. De stap naar openheid moet van beide kanten komen, ook van de kerk, de moskee, de synagoge,... Er is een gemeenschappelijk werk te leveren op dat vlak. En er zijn grotere problemen dan de religie om elkaar te begrijpen, zeker in een samenleving als Molenbeek. Het grote aantal werklozen voelt zich er minder gelukkig. Hoe kunnen verbitterde werklozen in Molenbeek zich deelgenoot voelen van een maatschappij, als ze niet betrokken worden? Mochten die moslims allemaal werken, dan zou de islam wel nog een plaats in hun leven innemen, maar eerder in hun hart en spiritualiteit dan in de samenleving binnen één stad. Want een werkplek voedt de communicatie en ontmoeting. Terwijl de werkloze in het isolement van zijn huis en wijk leeft. Trouwens welke openheid verwacht je van hem? Welke evolutie in zijn houding? Niets. Ook daar zit het probleem.

Broederschap en burgerschap

© Saskia Vanderstichele
HEMMERECHTS: België heeft jaren niets gedaan voor wie toen ‘gastarbeiders’ genoemd werden. Nu kunnen we niet verwachten dat mensen die zich jaren uitgesloten voelden plots transformeren tot verantwoordelijke en actieve burgers. Het was logisch zich op te sluiten in een gemeenschap waar je respect krijgt, en af te zien van de rest. Burgerschap werkt in twee richtingen. Het gaat ook om kansen aanreiken. Onze zogeheten openheid betekent nog te vaak dat de andere zich moet aanpassen, zodat die wordt als de dominante groep.

EL BACHIRI: Assimilatie lijkt me onmogelijk. Want zelfs als ik me zoveel als kan identiek aan jou gedraag, komt er een dag dat ik word ‘herkend’ als Marokkaan om mijn voornaam. Maar integratie moet kunnen én burgerschap. Je kan een andere cultuur in eigen land ook als een bijkomende rijkdom zien. Broederschap en burgerschap houden in dat je dezelfde wetten deelt, en eenzelfde patroon van samenleven volgt in deze westerse maatschappij. Daar hoort een discussie over allochtone afkomst niet in thuis, wel over de mengeling van schoonheid uit de wereld, die gedeeld wordt. Als ik me goed voel bij de andere, hebben zijn oorsprong en gemeenschap geen belang. We zijn allemaal burgers van eenzelfde land en wereld, zeg ik als humanist en pacifist. Vrouwen spelen daarin hun rol. Moslima’s hebben bij ons doorgaans meer gestudeerd dan jongens, hebben hogere diploma’s. Getuige de arbeidsmarkt. Zodra iedereen van jongsaf tot een kritische geest wordt ontwikkeld en iedereen iedereen erkent om zijn intellectuele bekwaamheid, dan zijn we er. De sleutel ligt in de dialoog en het open debat. De staat moet iedereen als volwaardige burger zien. Als die weg moeilijk lijkt, los het dan op met menselijkheid en liefde: daar put je alle kracht uit. Daar kan je altijd op terugvallen als je je verliest in iets, en wanneer je iets wat je o zo dierbaar is, verloren bent.

© Judith Vanistendael

Een jaar later

Op 22 maart liggen de aanslagen op de luchthaven en in metrostation Maalbeek een jaar achter ons. Hoe is de stad ondertussen veranderd? Wat maken de nabestaanden door? En wat zijn de sleutels om uit de huidige crisis te raken? Het zijn maar enkele vragen waarop we in ons dossier "Een jaar later" een antwoord proberen te geven.  Lees hier het volledige overzicht van hoe BRUZZ de aanslagen herdenkt.  
Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees ook

Nieuws uit Brussel in je mailbox?