Parket vraagt vrijspraak voor mensen die migranten onderdak boden

© Ivan Put
| Asielzoekers in de Noordwijk (archiefbeeld).

In het dossier rond mensen die migranten onderdak hebben geboden, eiste het parket donderdag voor de correctionele rechtbank in Brussel de vrijspraak van twee mensen en lichte straffen voor twee andere beklaagden. De acht anderen die worden vervolgd voor mensenhandel en criminele bendevorming riskeren straffen van 20 tot 40 maanden.

Het tweetal voor wie vrijspraak werd gevraagd, zijn Belgen die tussen januari en mei 2017 migranten onderdak hadden geboden.

De magistraten van het parket eisten, daarentegen, erkenning van de schuld van twee andere beklaagden, de journaliste Myriam Berghe en een vrijwilligster van het Maximiliaanpark. Beiden zouden migranten hebben geholpen die zich schuldig maakten aan mensenhandel.

Een van die migranten is een zekere Hassan E., aan wie Berghe haar gsm en laptop leende - volgens het parket een bewijs van medeplichtigheid. Tegen Hassan E. wil het parket dat een celstraf van 20 maanden wordt uitgesproken. Voor de zeven anderen eist het openbaar ministerie celstraffen van één jaar tot 40 maanden: zij worden verdacht van georganiseerde mensenhandel.

Herkwalificatie

De andere beschuldiging, die van criminele bendevorming, moet echter geherkwalificeerd worden. De twee magistraten herinnerden eraan dat een onderscheid gemaakt moet worden tussen drie categorieën: de migranten die slachtoffers zijn, de "helpers" die onderdak bieden, en de mensenhandelaars.

"Wat wij een 'helper' noemen, is een persoon die de toegang, het verblijf of de transit vergemakkelijkt van een mens die hier illegaal verblijft. Dat is verboden, maar er is een voorbehoud, want de hulp wordt uit humanitaire gronden aangeboden", aldus de magistraten. "Laat het duidelijk zijn: er is hier geen sprake van het criminaliseren van mensen die onderdak bieden".

Enkel mensenhandelaars worden vervolgd

Het parket benadrukte voorts dat de gerechtelijke vervolgingen enkel personen betreffen die betrokken zijn bij feiten van mensenhandel, de derde categorie, dus. De vijf beschuldigden die niet in categorie drie vallen, zijn medeplichtig aan mensenhandel, maar hebben niet gehandeld in het kader van een organisatie of vereniging.

"Zij hebben het werk van de mensenhandelaars vergemakkelijkt door hen hulp te bieden", luidde het. Zo wordt hen verweten de mensenhandelaars communicatiemateriaal te hebben bezorgd, wel wetende dat dit gebruikt ging worden om migranten naar Groot-Brittannië te smokkelen.

Twee van die vijf moeten volledig vrijgesproken worden, stelde het parket, bij de drie anderen is volgens de magistraten bewezen dat zij voormeld soort hulp hebben geboden. Voor hen wordt een lichte straf geëist.

Vrijdag wordt het proces voortgezet. Dan komen de advocaten van de verdediging aan het woord.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Nieuws uit Brussel in je mailbox?