VGC-raad wil taalregels secundair versoepelen

© Saskia Vanderstichele

Kinderen die al in het Nederlands naar de lagere school gingen, moeten voortaan ook voorrang krijgen als ze inschrijven voor het secundair, ook al halen hun ouders niet het vereiste taalniveau. Dat vinden Open VLD, SP.A, CD&V en Groen. De N-VA is tegen.

In het secundair onderwijs wordt vanaf volgend jaar een nieuwe inschrijvingsregel gehanteerd. Om gebruik te kunnen maken van de voorrangsregel voor Nederlandstaligen, moet minstens een van de ouders een niveau B2 in het Nederlands behalen. Vroeger was dat B1. Dat is het gevolg van een Vlaamse decreetswijziging in april.

Binnen de VGC-Raad vinden CD&V, SP.A, Groen en Open VLD echter dat er te weinig rekening wordt gehouden met de Brusselse context. Er zijn bijvoorbeeld heel wat leerlingen van wie de ouders geen B2 halen, maar die zelf wel al negen jaar in het Nederlands naar school gaan.

Raadsleden Khadija Zamouri (Open VLD), Fouad Ahidar (SP.A), Paul Delva (CD&V) en Bruno De Lille (Groen) hebben daarom een voorstel tot resolutie klaar. De Raad wil de Vlaamse regering daarmee vragen meer rekening te houden met de schoolloopbaan van het kind om te bepalen wie in de voorrangsgroep ‘Nederlandstalig’ mag, en wie niet.

Liesbet Dhaene van oppositiepartij N-VA steunt het voorstel allerminst. “Door ook voorrang te geven op basis van de schoolloopbaan, komt zowat iedereen in aanmerking voor de voorrangsregel. En als iedereen voorrang krijgt, dan is er geen voorrang meer. Bovendien is het een slecht signaal voor alle ouders die jaren moeite hebben gedaan om wél Nederlands te leren. Zij moeten beloond worden.”

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Lees meer over

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?