CEO Union Saint-Gilloise: 'Misschien een stadion op een andere locatie'

© Ivan Put
| Philippe Bormans

Philippe Bormans moet nog 31 worden en is sinds de komst van de nieuwe eigenaar Tony Bloom CEO van Union Saint-Gilloise. Hij was in 2014 al de jongste CEO ooit in het Belgische profvoetbal, toen bij Sint-Truiden. De Limburger moet Union klaarstomen voor een stabiel verblijf in de hoogste klasse.

U bent in functie als CEO sinds augustus vorig jaar. Is de populariteit van Union voor u een verrassing?
Phlippe Bormans: Ik was wat verrast, ja. Ik kende de club al, ik wist dat het potentieel enorm is en het aantal fans neemt nu ook toe. Soms zijn de supporters wisselvallig. In de competitie speelden we op zondag een topmatch en dan waren er 2.000 fans. Drie dagen later op een weekdag tegen Knokke in de beker kwamen er twee keer zoveel mensen kijken. Soms ligt het aan het weer, soms ook niet. We hebben iets minder dan 1.000 abonnees, dus het merendeel van de fans koopt een ticket op de matchdag. En dan is er de halve finale in de beker tegen KV Mechelen. Iedereen wil die match mee­maken, zelfs als ze meer dan twee uur moeten aanschuiven voor een ticket in voorverkoop. Het stadion zal, net als voor de wedstrijd tegen Genk, voor de tweede keer dit seizoen uitverkocht zijn (met 6.500 fans, red.).

Philippe Bormans, CEO van Union-saint-Gilloise lg

Er is wel nog een probleem met het stadion, want jullie kunnen nog niet alle vernieuwde tribunes gebruiken.
Bormans: Om veiligheidsredenen blijft een deel van de historische staantribune gesloten. Het duurt even om met verschillende instanties zoals gemeente en politie te overleggen, dat geef ik toe. Maar we geven iedereen de tijd om positie te kiezen, want wij willen naar eerste klasse. Daarvoor moeten we dit stadion en de ruimte eromheen optimaal inrichten voor een maximaal comfort.

Veel comfort is er niet in het, nochtans vernieuwde, Mariënstadion. Dat vinden de Union-fans niet erg, maar botst u hier niet op de limieten van de locatie?
Bormans: Deels klopt dat. We zijn nu een ‘product’ aan het ontwikkelen voor wie naar wedstrijden van Union komt kijken. Het sportieve staat daar los van. Het gaat om het comfort voor de mensen: bereikbaarheid van het stadion, voldoende toiletten, vlotte ticketcontroles en korte wachttijden bij eet- en drankstanden. De supporters zullen we daarvoor niet extra laten betalen, want winst maken op de kap van een supporter, dat doe je niet. Iedere club in deze reeks maakt verlies. Geld krijg je binnen door extra sponsors en partners aan te trekken.

De grote vrees van de Union-supporter is om deze plek en dit stadion weer te moeten verlaten. Is dat de komende vijf jaar een optie?
Bormans: Het is een optie die we openhouden. Willen we hier blijven? Heel graag. Mag het ons belemmeren in onze groei als profclub naar eerste nationale? Nee. We zullen in elk geval tijdig met iedereen in dialoog gaan. Maar eerst en vooral: terug naar de Heizel voor de bekerfinale. En dan zal je zien dat ook Union gesteund zal worden door twintigduizend supporters in het Koning Boudewijn­stadion (glimlacht).

De oude garde supporters van Union Saint-Gilloise
© Ivan Put
| De oude garde supporters van Union Saint-Gilloise.
Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Nieuws uit Brussel in je mailbox?