interview

Laurent d'Ursel (Doucheflux): 'Dakloosheid is een misdaad tegen de menselijkheid'

Graaf Laurent d'Ursel, directeur en bezieler van daklozencentrum DoucheFLUX. Zelf onder de douche voor de foto? Geen probleem.© Ivan Put

Energiek, ontvlambaar, grappig, onvermoeibaar. Een tweede personage zoals Laurent d'Ursel (60) zal u niet snel ontmoeten. De excentrieke kunstenaar die zich ook graaf mag noemen, is de bezieler van daklozencentrum Doucheflux. “Het eeuwenoude cliché dat je dakloosheid niet kan oplossen moet de prullenmand in.”

Wie is Laurent d'Ursel?

  • Laurent d’Ursel 60 jaar graaf geboren in Brussel,
  • Woont al 35 jaar in Sint-Gillis
  • Opleiding als econoom en filosoof
  • Kunstenaar
  • Oprichter van betogingscollectief Manifestement
  • Oprichter en onbezoldigd directeur van DoucheFLUX
  • Leraar Frans als vreemde taal

Wat is Brussel Helpt?

  • ‘Brussel Helpt’ is de jaarlijkse solidariteitsactie van BRUZZ in samenwerking met zijn Brusselse partners. Dit jaar steunt Brussel Helpt de organisatie DoucheFLUX
  • Op zaterdag 30 november organiseert BRUZZ De Grootste Spaghettislag ter Wereld in het kader van Brussel Helpt. We nodigen alle Brusselaars uit om op die dag op verschillende locaties in Brussel spaghetti te eten.
  • Ga naar brusselhelpt.be en kies waar u wil gaan eten. De spaghetti wordt verkocht voor 10 euro per portie. U kunt nog bestellen tot 28 november. De opbrengst gaat integraal naar DoucheFLUX
  • Vanaf 18 november ook op BRUZZ tv
  • Brussel rekent op uw steun!

Als u nog eens door Sint-Gillis wandelt en u kruist een fietser met een licht verbeten uitdrukking op het gezicht en Crocs aan zijn blote voeten, twijfel dan niet: u zag net Laurent d'Ursel langsrijden op weg om één van zijn vele missies tot een goed einde te brengen: de graaf is naast plastisch kunstenaar ook leraar Frans.

De voorbije jaren gaat het allergrootste deel van zijn tijd echter naar Doucheflux, het centrum voor daklozen waar hij de voorbije acht jaar voor vocht en directeur van is. Vandaag is het centrum in de Veeartsenstraat in Kuregem open en een schot in de roos. De twintig douches worden gretig gebruikt, de lockers zijn een succes en als we binnenstappen is er net een kapper aan het werk (1 euro per kapbeurt).

Maar Doucheflux is meer dan een dienstencentrum. De organisatie trekt ook hard aan de kar om de dakloosheid bovenaan de politieke agenda te krijgen. “Want dakloosheid is een gevolg van ons systeem, niet de individuele fout van de giganten.” Giganten? “Dakloze is denigrerend, in werkelijkheid zijn het Geweldige Individuen in Gigantische Armoede maar Niet zonder Trots.”

U bent graaf. Groeide u ook op in een milieu waar dat duidelijk was?
Laurent d'Ursel: Mijn ouders hebben mij nooit een expliciete boodschap gegeven. Ik leg het even uit met een anekdote. Toen ik negen jaar was, en op het prestigieuze Sint-Pieterscollege aankwam, zei een leraar me tijdens de eerste speeltijd: 'D'Ursel, vu qui tu es, tu dois donner l'exemple.' Ik herinner me dat ik toen instortte, op twee manieren. Omdat hij wist wie ik was en – nog erger – omdat ik meteen begreep wat hij bedoelde zonder het uit te leggen.

Graaf Laurent d'Ursel, directeur en bezieler van daklozencentrum DoucheFLUX
© Ivan Put
| 'Met mijn kleren onder de douche? Geen probleem!'

Hebt u vandaag nog contact met uw adellijke familie?
d'Ursel: Ik heb een tiental D'Ursels als neef of nicht, maar heb er amper nog mee te maken. Daar had ik bij de oprichting van Doucheflux trouwens spijt van, want zulke contacten zijn waardevol. Gelukkig kon ik via mijn zus wel een milieu van welstellende mensen bereiken, die ruim een miljoen in dit gebouw hebben geïnvesteerd. Onder meer Philippe Gelück (bekend van Le Chat, red.), is hier mede-eigenaar.

Hoe bent u kunstenaar geworden?
d'Ursel: Ik wou altijd al schrijver worden en schreef al gedichten als tiener. Rond mijn dertigste schakelde ik over naar de plastische kunsten. (Een van de vrijwilligers onderbreekt het gesprek kort voor een praktische vraag, waarop D'Ursel hervat) Dat ging over een zin die we in het groot aan de voorgevel willen bevestigen: 'Le sans-abrisme est un crime contre l'humanité.' Woorden zijn altijd belangrijk gebleven in wat ik doe.

En hoe komt een tamelijk excentrieke kunstenaar uiteindelijk bij de daklozen terecht?
d'Ursel:: Een goeie tien jaar geleden heb ik het collectief Manifestement opgericht, waarmee we onder meer betoogden tegen de dakloosheid (maar ook tegen de dood of voor de aanhechting van België bij Congo, red.). Een paar dingen hebben me aan het denken gezet. Een daarvan was een bezoek aan een daklozencentrum waar een enorme rij stond aan te schuiven, omdat er maar vier douches waren.

Graaf Laurent d'Ursel, directeur en bezieler van daklozencentrum DoucheFLUX
© Ivan Put
| Graaf Laurent d'Ursel, directeur en bezieler van daklozencentrum DoucheFLUX: "Het valt me altijd op hoe verschillend de paden zijn die naar dakloosheid leiden."

En dan zijn er mijn Crocs! Op een bepaald moment stapte ik op een gigant af om hem een flyer te geven voor onze betoging. De man zag mijn Crocs, zijn ogen lichtten op en hij zei iets als 'U bent geen agent, geen straathoekwerker en geen verpleger. Wat hebt u aan te bieden?' Ik begreep toen dat mijn excentrieke kant – die ik zelf trouwens als doodnormaal ervaar – een verfrissende bijdrage kon zijn voor dit publiek. Ik heb geen sociale vorming, maar wel een onbegrensd enthousiasme.

Wat is eigenlijk het profiel van de daklozen die hier komen?
d'Ursel: We zien veel meer mannen dan vrouwen. Voor die laatsten houden we de woensdagnamiddag vrij. Zo'n zeventig procent komt van buiten Europa en een deel van hen zijn transitmigranten. We hebben een akkoord met het Burgerplatform, dat dagelijks een busje migranten naar hier brengt om te douchen. Maar velen komen ook op eigen kracht.Als het slecht weer is, zien we veel minder mensen. Buitenstaanders denken altijd dat de kou het grootste probleem van giganten is, maar in werkelijkheid is het de regen. Zodra je nat bent, is dat verschrikkelijk: je hebt geen plek om van kleren te veranderen of je spullen te drogen.

Graaf Laurent d'Ursel, directeur en bezieler van daklozencentrum DoucheFLUX


Je hoort weleens dat iedereen dakloos kan worden. Merkt u dat hier?
d'Ursel: Het valt me vooral op hoe verschillend de paden zijn die naar de dakloosheid leiden. Natuurlijk zijn sommigen beter beschermd. De kans dat u dakloos wordt, is klein: u hebt een opleiding, een job, een relatie, een vriendenkring, bent mentaal en fysiek gezond. Maar als verschillende van die schakels wegvallen, kan het verkeren.

De mensen die hier komen zijn kwetsbaarder en net dáárom is dakloosheid zo'n misdaad tegen de menselijkheid. Voor hen komt het leven op straat vele malen harder aan. U en ik zouden het à la limite nog als een soort survivaluitdaging beschouwen, maar mensen die al verzwakt zijn, worden snel beschadigd door het straatleven. Iemand vervolgens uit die situatie halen, zal dan ongelofelijk veel geld kosten aan de maatschappij. Daarom zijn we ook zo geëngageerd in de beweging 'Recht op een dak'.

Graaf Laurent d'Ursel, directeur en bezieler van daklozencentrum DoucheFLUX
© Ivan Put
| Graaf Laurent d'Ursel, directeur en bezieler van daklozencentrum DoucheFLUX.

Zijn de activiteiten hier niet eerder een vorm van symptoombestrijding? Doucheflux begeleidt toch niet naar woningen, terwijl experts dat cruciaal vinden. Douches, lockers, een kapper en cursussen, daarmee raak je toch niet van straat?
d'Ursel: Symptoombestrijding is niet het juiste woord. We doen aan dringende hulp. Daarnaast hebben we ook een sociale dienst – een halftijdse sociaal assistente – die wel degelijk probeert om mensen naar huisvesting te begeleiden. Maar ik ga er wél mee akkoord dat dakloosheid op te lossen is. Daarvoor moet je niet enkel op die noodhulp inzetten, maar ook grootschalig op preventie en huisvesting. Voor het eerst hebben we trouwens een Brusselse regering die die inzichten lijkt te delen.

Uit het activiteitenverslag van DoucheFLUX van 2018: vrijwilligers helpen daklozen in het Zuidstation
© DoucheFLUX
| Uit het activiteitenverslag van DoucheFLUX van 2018: vrijwilligers helpen daklozen in het Zuidstation.

Hoe kan het beleid dakloosheid uit de wereld helpen? De voorbije jaren verviervoudigde het aantal daklozen juist in Brussel, bleek deze week nog.
d'Ursel: Jazeker! Daarover bestaat geen enkele twijfel en Finland heeft het bewezen, met een grootschalig huisvestingsprogramma voor giganten. Maar daarvoor heb je een ingrijpende mentaliteitswijziging nodig.

We moeten af van het eeuwenoude cliché dat dakloosheid en extreme armoede een fataliteit zijn, dat het normaal is. Zelfs sommige sociaal assistenten zijn daar nog van overtuigd. 'Het is er altijd al geweest en we moeten de meest extreme kanten wat indijken,' dat soort discours. Met de snelle stijging van het aantal daklozen is die visie niet meer houdbaar. We komen er niet meer met nacht­opvang door Samusocial en wat sociale restaurants.

We moeten dus Finland achterna?
d'Ursel: Ja! En we moeten ook goed begrijpen dat het un fric de malade (een bom geld, red.) kost om mensen op straat te houden. De herhaalde medische zorgen, de nachtopvang, de begeleidingsdiensten … Er circuleren cijfers dat de nachtopvang door Samusocial ruim 1.000 euro kost per maand per dakloze. Daar kan je al een mooi appartement van bekostigen. Via socialeverhuurkantoren kan je al heel wat bereiken hoor.

Beeld VD WEEK Doucheflux BRUZZ ACTUA 1568
© Saskia Vanderstichele

Stel dat Brussel elke dakloze een woning geeft, krijg je dan geen aanzuigeffect? Brussel-Stad klaagt er al jaren over dat de gemeente alle 'miserie' van het land aantrekt. Er zijn zelfs verhalen over daklozen die een treinticket naar Brussel krijgen.
d'Ursel: Natuurlijk moet er een eerlijke verdeling zijn tussen de gemeenten. Want het fenomeen dat u beschrijft klopt. Ik heb hier zelf een Nederlandstalige bezoeker gehad die van het OCMW in Leuven een enkele reis naar Brussel had gekregen.Zelfs binnen Brussel bestaat dat: de RTBF filmde undercover hoe een sociaal assistent in een rijke gemeente een gigant vroeg om naar Brussel-Stad te trekken. 'Daar zijn er meer voorzieningen voor u.' Dat is een van de redenen waarom wij buiten de Vijfhoek wilden zitten. Dat gebied is al verzadigd. Ik begrijp het Brusselse stadsbestuur helemaal. We moeten natuurlijk wel hefbomen installeren. 'U neemt geen daklozen op of hebt geen sociale woningen? Dat maakt dan zoveel euro boete.'

Rond de voetgangerszone verblijven traditioneel heel wat daklozen.
d'Ursel: Ja, maar wat is het probleem? We hebben een experiment gedaan in ons laatste magazine. We hebben een foto genomen van een gigant die met zijn Chimay op een bank is gaan liggen. Vervolgens hebben we de zoon van een vrijwilliger op dezelfde plek gelegd, ook met een Chimay. Onze graficus heeft dan allerlei tussenstappen gecreëerd om de ene foto in de andere te laten veranderen. Eronder stond 'Waar begint het probleem?'

Met de student identificeren de mensen zich, hij voelt alleszins vertrouwd. De dakloze zit in een andere wereld. Of dat hopen we toch.
d'Ursel: We hopen dat we niet tot hetzelfde ras behoren, ja. Er zijn twee kwalen waar giganten tegen moeten vechten: infantilisering en verdierlijking is daar een van. Je herkent het bijvoorbeeld in de overtuiging dat enkel basisbehoeften moeten worden vervuld: 'Als ze kunnen eten, slapen en schijten hebben we het probleem opgelost.'

Opstaan: om van je "bed" naar de lavabo te lopen heb je vier uur nodig
© DoucheFLUX-Julie de Bellaing
| Opstaan: om van je "bed" naar de lavabo te lopen heb je vier uur nodig.

Daarnaast is er de afkeer van voorbijgangers. Een gigant die bedelt, citeerde deze week nog een passant: 'Het is niet het bekertje dat me stoort, het is het personage.' Hoor je de agressie in die woorden? De mens toont empathie tot op een zeker punt en dan slaat het om in allergie. Die empathie functioneert vaak als een soort projectie.Het beste voorbeeld daarvan is de heisa die er telkens is rond daklozen in de winter. We krijgen dan plots meer subsidies, terwijl er niet meer mensen sterven in de winter dan in de zomer. Maar mensen hebben het koud en voelen zich daardoor verbonden met die dakloze. Bij 25°C denken we dan weer dat dakloosheid een beetje als Club Med is.

Al je hebben en houden in een zak van 50 liter
© DoucheFLUX-Julie de Bellaing
| Al je hebben en houden in een zak van 50 liter.

Er is een nieuwe Brusselse regering. Hoe evalueert u haar daklozenbeleid?
d'Ursel: Het is een enorme vooruitgang tegenover de voorbije jaren. Hele zinnen uit het regeerakkoord komen uit het eisenpakket van de actiegroepen als 'Recht op een Dak'. Alain Maron en zijn kabinet hebben de voorbije drie maanden ook al meer geluisterd naar het werkveld dan de twee vorige regeringen samen. En hij heeft laten weten dat we hem een schop onder zijn kont mogen geven als hij niet doet wat hij belooft. De intenties zijn dus goed.

Maar worden die intenties wel in de praktijk gebracht?
d'Ursel: Dat is de hamvraag. Zullen er genoeg middelen uitgetrokken worden? Dat is nog niet duidelijk.

In de coulissen: ervoor zorgen dat je er piekfijn uitziet als je naar buiten gaat
© DoucheFLUX-Julie de Bellaing
| In de coulissen: ervoor zorgen dat je er piekfijn uitziet als je naar buiten gaat.

Een ontmoeting met daklozen veroorzaakt bij veel mensen een zekere gêne en ook vragen. Moet ik geld geven of voedsel? Moet ik praten met die persoon? Hoe gaat u daarmee om als u een dakloze ontmoet?
d'Ursel: Dat soort vragen zijn op zich al een soort geweld tegenover die mensen. Je behandelt ze best als eender wie. En het ergste is doen alsof je iemand helemaal niet ziet en niet eens glimlachen of groeten. Giganten zien heel goed wie wegkijkt. En wat dat geven betreft: voorbijgangers moeten vooraf helemaal niet weten wat die mensen nodig hebben. Ze zullen het zelf wel zeggen.

Wanneer zal Doucheflux een succes zijn?
d'Ursel: (grijnst) Als we erg rijk zijn geworden doordat de dakloosheid opgelost is. We zijn de enige vereniging in de sector die daar zelf belang bij heeft. Dit gebouw is perfect voor een Basic-Fit: twintig douches, veel plaats voor fitnesstoestellen …Een succesmoment waar ik ook erg van genoten heb, is toen we eindelijk lid mochten worden van AMA, een koepel van daklozenverenigingen. Eindelijk de zegen van de vader krijgen, als een gelijke van de collega's beschouwd worden. En tegelijk blijven mensen ons toch als een verfrissend element in de sector zien.

Is dat niet omdat veel organisaties helemaal van subsidies afhangen? Dan ga je niet snel iets zeggen dat de politiek tegen de borst stuit. Terwijl dit privé-initiatief meer vrijheid van spreken heeft, zelfs al krijgen jullie nu ook subsidies.
d'Ursel: Absoluut. Ik herinner me het Pispotfestival jaren geleden (dat pleit voor meer openbare toiletten, red.). Ik had een polemische tekst geschreven en een verantwoordelijke van een partnerorganisatie kwam me uitleggen dat één woord er absoluut uit moet. 'Anders verlies ik mijn subsidie.'

Alles wat ik over dakloosheid wil zeggen, zit eigenlijk al in de titel van een think tank die we hier binnenkort organiseren: 'Ma souffrance est politique' (Mijn lijden is politiek, red.). De boodschap die giganten nu vaak krijgen is: u hebt een fysiek, mentaal of financieel probleem en we gaan u helpen, met als onderliggende boodschap dat ze verantwoordelijk zijn voor die situatie. Die titel van daarnet benadrukt dat er een systeem is dat de dakloosheid veroorzaakt. Daar wil ik tegen vechten.

Steun Brussel Helpt ten voordele van DoucheFLUX. Neem op zaterdag 30 november 2019 deel aan de Grootste Spaghettislag ter Wereld en maak of eet spaghetti met al je vrienden! Schrijf je in via brusselhelpt.be

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Oproep: Lees of reageer je wel eens op online comments, op nieuwssites of social media? Wil jij bijdragen aan een constructief online debat? Doe dan nu mee met het RHETORiC-onderzoek en ontvang een waardebon. Meer info en inschrijven.

Lees ook
="Launch
="20181201
="20191113
="behuizingsproject

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?