column

Culinair ontdekt: pitaya

© Trachet

Je ziet ze soms bij de fruitjuweliers in betere buurten: de pitaya. Of soms nog op posters over verre reizen, met een Aziatische schone in de buurt en een tropisch strand op de achtergrond. Maar nu kwam ik ze gewoon tegen op de armemensenmarkt in mijn buurt. Tijd om het er toch eens over te hebben.

Het is een vrucht om even bij in de haren te krabben. Ze lijkt wel uit Star Trek te komen. Grote vlezige schubben omsluiten een grijze zoete vruchtmassa vol kleine pitjes. De pulp smaakt wat naar aardbei, niet echt spectaculair verrukkelijk. De smaak is niet op het niveau van de verschijning.

Wat is dit nu weer voor een onkruid? Deze vruchten komen van een cactus. Cacti zijn planten aangepast aan de droogte. Wij denken onmiddellijk aan cacti wanneer we een afbeelding van een woestijn zien, maar dat beeld moet toch wat worden genuanceerd.

Cacti, de planten van de familie van de Cactaceae, komen van nature alleen voor in Noord- en Zuid-Amerika. Er is één valsspeler: een cactus die van oudsher groeit in Afrika en Sri Lanka, maar dat is de uitzondering die de regel bevestigt. En de stekelige planten in de rest van de wereld dan?

Die behoren tot andere families, de Euphorbiaceae (wolfsmelk) bijvoorbeeld, ook vaak vlezige vetplanten. Wij leerden het verschil te herkennen via de stekels: de cactus heeft stekels in bosjes, vaak met pluizige aanzet. Bij wolfsmelken staan de stevige doornen per twee. Euphorbia’s hebben verder kleine pieterige bloempjes, maar met soms kleurrijke bladeren zoals de kerstster.

Nick Trachet, culinair journalist

Cacti hebben vaak juist erg spectaculaire bloemen. Naast hun interessante vormen en de mooie bloemen zijn cacti makkelijk in onderhoud, waardoor het populaire gezelschapsplanten zijn. Daarom zijn ze ondertussen over heel de wereld verspreid. En dan is er nog de cactus als voedsel: cactusvijgen (Opuntia) zijn vrij belangrijk als tuinbouwproduct. Niet alleen de stekelige vruchten, ook de schijven van de vijgcactus zijn eetbaar en een veelgebruikte groente in Mexico. Maar ook heel veel andere cactussoorten hebben eetbare vruchten of zijn helemaal eetbaar. Je moet alleen wat opletten voor de stekels!

Deze pitaya is een soort cactus uit het geslacht Hylocereus. Welke juist, daarover bestaat blijkbaar nogal wat verwarring. Er bestaan ook soorten met rood vruchtvlees of met een zurige smaak (Pitahaya agria), er zijn er kleine gele, er zijn soorten zonder schubben. Kortom, we hebben het laatste nog niet gezien van de cactusvruchten.

En uit Amerika hoeven ze nu ook niet meer te komen. De meeste artikels die ik vond over het onderwerp kwamen uit Israël, waar ze iets hebben met cactusvruchten. Joden geboren in Israël noemen zichzelf sabra’s, de Hebreeuwse naam voor de cactusvijg: stekelig van buiten en zoet van binnen, heet het.

Maar deze soort cactusvrucht is toch nog iets anders dan de ‘gewone’ cactusvijg: zonder stekels en met veel fijnere pitjes. In Azië spreken ze van ‘drakenvrucht’.

Zoals ik al schreef: ze smaken niet zo spectaculair als ze eruitzien. Maar ze zijn beeldig. Heel lang geleden werden ananassen niet gebruikt om te eten, maar werden ze in de fruitmand gelegd om de bezoekers te imponeren. Je kon zo’n vruchten huren voor een avond, of een week. Daarna gingen ze terug naar de eigenaar. Hopelijk zonder dat er iemand in had gebeten.
In mijn huis begon de drakenvrucht na een week wat te verleppen. Dan toch maar alles opgegeten. En ja, niet slecht. Smakelijk.

Culinair Ontdekt met Nick Trachet

Nick Trachet weet wat lekker is en is niet te beroerd die kennis te delen. Van appel tot zeemonster, wekelijks.
Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Nieuws uit Brussel in je mailbox?