© Liza Vandenbempt | Arno Boey
Column

Arno Boey: ‘Deze landkaart toont waar je bent: nooit alleen’

© BRUZZ
04/12/2023

Arno Boey is schrijver en radiomaker. Beurtelings schrijven hij en Marie Darah over het leven in hun stad.

Er bestaat een landkaart voor mensen zoals wij. Je vindt er geen bezienswaardigheden, koffiebars of standbeelden op terug. Je kan er niet mee naar huis wandelen. De kaart toont niet welke bus je moet nemen of waar het goed eten is. En toch helpt de kaart je niet te verdwalen. Want hoe meer je ernaar kijkt, hoe meer je weet: ik ben niet alleen.

Hier hield je mijn hand vast, kookte verse pasta voor me en kuste mijn nek.

Queering the Map was een idee van de Canadese student Lucas LaRochelle. Hij wilde queer plekken in kaart brengen en archiveren. Want wie je bent, bepaalt de manier waarop je naar een ruimte kijkt. Het bepaalt welke straten je links laat liggen, op welke pleinen je samenkomt, achter welke huizen je schuilgaat. Queer zijn beperkt zich niet tot een café of een dansvloer. Je neemt het mee de straat op. Het zit in je aktetas als je naar het werk gaat. 's Avonds op een bankje aan het water kiest het hoe de zon op je ondergaat.

Ik heb me altijd voorgesteld dat jij en ik hier in de zon zouden zitten, hand in hand, eindelijk vrij.

De eerste plek op de kaart was een boom in Montreal. LaRochelle had er zijn vriend ontmoet. Later ging hij regelmatig terug naar die boom. Hij kwam er tot rust en kreeg er inzichten. De boom was een herkenningspunt geworden, een mijlpaal. Dat is wat we doen, we begraven betekenis in de stad. Op die straathoek leg je je eerste kus voor altijd te slapen. In dat park krommen de bomen anders sinds een ruzie. Er is het café waar je belaagd werd, de metro waar je jezelf onzichtbaar maakte.

Het voelde als zo'n opluchting om eindelijk echt gezien te worden, ook al was het maar voor een paar seconden.

Queer zijn beperkt zich niet tot een café of een dansvloer. Je neemt het mee de straat op. Het zit in je aktetas als je naar het werk gaat. ’s Avonds op een bankje aan het water kiest het hoe de zon op je ondergaat

Arno Boey

Ondertussen is iedereen vrij om plekken van betekenis toe te voegen aan de kaart. Over de hele wereld verschijnen digitale speldenkopjes met verhalen. Je laat je ogen door straten dwalen en leest namen die je niet kan uitspreken. Ook in Gaza hebben mensen iets achtergelaten. Je ziet ze, ze tonen zich. Misschien wel voor het eerst.

Ik wou dat ik met jou naar de zonsondergang over de zee van Gaza kon kijken. Voor één nacht zou ik willen dat deze bezetting niet langer bestond en dat we voor één keer vrij konden zijn op ons eigen land.

Op de kaart zie je de kraters niet, het stof en het puin. Hier toont het verdriet zich anders. In een laatste poging om het verlangen te beschrijven. In een aanraking, door het scherm, door de ruis. Je kijkt op Google Street View en komt op een promenade langs de zee. Kraampjes en parasols, mannen die vis verkopen. Er staan tuinstoelen naar het water gericht, bootjes dobberen in de middag. Het is een oud beeld: er ligt nog geen fregat voor anker. Op een van de stoelen zit een vrouw, ze kijkt achterom alsof iemand net haar naam heeft geroepen. Hier heeft iemand iets geschreven.

Het enige dat mij geduldig houdt in Gaza zijn de zee en jij.

Op die straathoek leg je je eerste kus voor altijd te slapen. In dat park krommen de bomen anders sinds een ruzie

Arno Boey

Hier toonde je verdriet, hier kwam je thuis. Hier volgde je een man door de stad. Hij toonde je een leven en meer. Het museum, het theehuis, zijn studentenkamer. Je had aan je ouders verteld dat je een vriend ging helpen. Jullie lagen op bed en keken tv, het was een programma met een lachband. Alsof iets je uitzinnige hoofd had kunnen overstemmen. De tv bleef aanstaan, terwijl hij door je haar ging. Je rug, je navel, alles raakte hij aan. Met zijn vingers knoopte hij je los. Er bestaat een landkaart voor mensen zoals jij. Dat wist je toen nog niet. De kaart brengt je niet naar huis, maar toont wel waar je bent: nooit alleen.

Mijn grootste spijt is dat ik die ene jongen niet heb gekust. Hij stierf twee dagen geleden. We hadden verteld hoe leuk we elkaar vonden en ik was te verlegen om hem de laatste keer te kussen. Hij stierf in het bombardement.

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie