eindejaar 2021

Jaouad Alloul, de schoonste mens/Messias/Meisje ter wereld: ‘Dimmen? Fok dimmen!’

Jaouad Alloul, kunstenaar en ondernemer.© Ivan Put

Jaouad Alloul vangt veel licht. De vloeibare Zeemeermin die dit jaar in Brussel aanspoelde en die stiltes breekt, taboes bespreekbaar maakt en olifanten in vele kamers benoemt, laveert glashelder maar met mededogen en begrip tussen de homoseksuele moslim, de Messias en De meisje in zichzelf.

WIE IS JAOUAD ALLOUL?

Geboren in 1985, groeit op in het Kiel in een islamitisch gezin

Verstopt zijn homoseksualiteit niet langer na het overlijden van zijn moeder in 2000

Studeert voor chocolatier, werkt even in Parijs, maar hult zich het liefst in de dragoutift van Mira Mirage (eerste eredame Miss Belgian Travestie 2009)

Schopt het tot de halve finale van The voice van Vlaanderen (2013) en neemt meer en meer de rol op zich van lgbt-activist

Gaat met de monoloog Zeemeermin (2017) het gesprek aan met scholieren en toert vanaf 2019 met de theatermonoloog De meisje

Verhuist naar Brussel in 2021, releaset zijn album Messias en organiseert de expo In the mood for love

Wordt niet De slimste mens ter wereld maar wel de schoonste

“Er is niets mis met zoeken. Ik vind dat we als mens te gefixeerd zijn op het idee van weten wie we zijn en waar we voor staan. Hoe kan je nu niet evolueren als je mensen ontmoet die je verhalen en situaties meegeven waar je totaal geen ervaring mee hebt? Niet altijd dezelfde persoon blijven, vind ik net een bevrijdende gedachte,” benadrukt Jaouad Alloul in het warme nest dat hij in het huis van de Mens heeft opgetrokken. Met de multidisciplinaire tentoonstelling In the mood for love schept de kersverse Brusselaar er een geborgen ruimte waar verhalen en ervaringen gedeeld kunnen worden rond mannelijke seksualiteit en intimiteit – “dingen die we maar schroomvol benaderen, die vaak worden weggelachen of in een taboesfeer blijven hangen.”

Van taboes doorbreken heeft Jaouad Alloul in de loop der jaren een missie en een dagtaak gemaakt. De kunstenaar en ondernemer – een bondige omschrijving voor de mens die zich onder meer hult in de gedaanten van performer, zanger, theatermaker, bruggenbouwer en activist – wrikt vastberaden en liefdevol stiltes open, in zichzelf en daarbuiten, om een grotere dialoog te ontsteken. Met een stem die verder reikt dan de nog te vaak ongehoorde gemeenschap waarin hij is uitgegroeid tot een voorbeeld.

Dat wrikken durft al eens het zelfbeeld aan het wankelen te zetten, maar die fluïditeit zit de laveerder tussen de homoseksuele moslim, de Messias (zijn nieuwe album) en De meisje (zijn theatermonoloog) in zichzelf als gegoten. Ondanks de weerstand waar hij af en toe op botst, op de weg die hem dichter bij zijn eigen vloeibare kern brengt, bij een soort rust in het strijdende hoofd van zoveel jongeren, bij bewustzijn voor lgbtq-rechten in de islam en daarbuiten, bij een herdenken van mannelijkheid én menselijkheid, en bij een nieuw collectief geheugen.

Hoe belangrijk was het voor jou om je verhaal ten dienste te stellen van een groter gesprek?
Jaouad Alloul: Ontzettend. Omdat ik aan den lijve heb ondervonden hoeveel het kan betekenen. Met mijn islamitische vader, die twee jaar geleden op 83-jarige leeftijd is overleden, heb ik al die gesprekken gevoerd. Ik heb van hem niet per se de reactie gekregen die ik wilde, maar ik voelde wel dat er een ruimte ontstond waarin hij dacht: 'Ik begrijp het niet en ik zou het willen veroordelen, maar ik apprecieer je eerlijkheid.' Dialoog is een weg naar begrip – zelfs als een gesprek eindigt op iets als let's agree to disagree.

Zo'n intiem gesprek is nog iets anders dan op een podium licht vangen. Vond je het makkelijk om die plek in de schijnwerpers te claimen?
Alloul: Dat was heel natuurlijk, als ik eerlijk ben. Ik heb nooit anders geweten dan dat mensen mij aanstaarden. Als kind heb ik lang iets genderfluïde gehad, waarbij mensen zich afvroegen of ik nu een meisje of een jongen was. Dat is pas veranderd op mijn elfde, toen ik wat zwaarder begon te worden. Maar ik heb dat licht lang gemeden, onbewust misschien uit respect voor de familie, voor 'de gemeenschap'. Maar op een bepaald moment heb ik de klik gemaakt: 'Goed, ik sta in het licht. Als dit de rol is die ik moet spelen, dan zal ik hem met plezier spelen.' Ik beschouw mezelf zeker niet als een rolmodel of een voorbeeldfiguur, maar ik weet wel dat ik een stem heb die onderbelicht is. Als mensen je dan genoeg wijzen op het feit dat je stem waardevol is, ga je snel denken: 'Oké, who am I kidding?' Ze niet gebruiken, was voor mij sowieso geen optie, daarvoor sneed alles te diep.

1781 Jaouad Halloul3
© Ivan Put
| Jaouad Alloul: “Brussel maakt een soort radicaliteit in mij los – radicaal als in dichter bij mijn kern.”

Het is voor jou ook de bron die je werk aandrijft.
Alloul: Da's eigenlijk mijn moeder, hoor. (Lacht) Zij was het type vrouw dat bruggen bouwde, ze ging aan de Belgische buren uitleggen hoe het kwam dat er moslimjongens op straat rondhingen en aan die jongens ging ze vragen om eens ergens anders te gaan staan, omdat er nu eenmaal mensen zijn die na hun patatjes en worst al naar bed gaan. Haar visie sluit dicht aan bij wat ik wil zeggen: we zijn eigenlijk niet zo verschillend, en die kleine irritaties zijn eigenlijk ook niemands fout. De uitdaging is gewoon om elkaar te leren begrijpen en met elkaar overeen te komen.

Je noemde het een rol die je 'moet' spelen. Omdat het zelfopoffering vraagt? Omdat je er zowel bij wint als eronder lijdt?
Alloul: Bij een stem waarnaar wordt geluisterd, komt verantwoordelijkheid kijken. Met Zeemeermin (een monoloog uit 2017 over zelfaanvaarding, familie, liefde, rechtvaardigheid en vergiffenis, red.) ben ik drie jaar lang langs scholen gegaan, waar ik voelde dat ik de evolutie naar meer begrip, tolerantie en empathie vooruit kon duwen. Niet alleen rond homoseksualiteit binnen de islamitische cultuur, waar wel degelijk macho, homofoob gedrag aanwezig is, maar ook rond seksualiteit in de bredere samenleving.

Jongens als ik hebben in het verleden te dikwijls een pad gevolgd waarlangs ze in het drugsmilieu of de prostitutie belandden, omdat de steun van de familie en de gemeenschap ontbrak. Ik wilde tonen dat het ook anders kan, dat gelukkige homoseksuele moslims bestaan. Mijn zoektocht naar mezelf heeft me gedwongen om een spiegel te zijn voor onze samenleving. Veel mensen vinden dat moedig, maar eigenlijk zit ik hier in België in een veilige, vriendelijke omgeving. Natuurlijk zijn er problemen, ook in Brussel ben ik al uitgescholden, maar ik zit hier wel op een plek waar ik makkelijk activist kan zijn. De confrontatie vermijden, wat heel Vlaams is trouwens, is soms veel vermoeiender. Zie het als een verplichting die ik met plezier aanpak. Al wordt het steeds confronterender.

DE MOEDER, DE MEISJE
“Met de lockdown vorig jaar werden er in Marokko homo's geout, er zijn nog steeds landen waar op homoseksualiteit de doodstraf staat,” verduidelijkt Jaouad Alloul. “Er is nog steeds geweld, de hoofddoek blijft verdelen, en ook hier wordt er nog steeds heel veel getolereerd, leggen we een dikke vernislaag over alles terwijl we ons graag progressief voordoen, toch in vergelijking met andere culturen. Het is nooit af, zeker niet als het op lgbtq-rechten aankomt, en dat is wat pijn doet, wat me boos maakt. Maar daarom sta ik op een podium, daar vind ik uitlaatkleppen om mijn woede te kanaliseren. Het is belangrijk om te focussen op het goede, om die woede om te buigen naar iets productiefs. Ik kan de wereld niet veranderen, maar ik kan ze wel mooier maken.”

“Kwaaie mensen zijn ambetant, daar wil niemand naar luisteren,” klinkt het in De meisje, een theaterproductie die al drie jaar toert en waarin Jaouad Alloul zichzelf op de huid zit. Hij vertelt daarin over hoe hij opgroeide in een gemeenschap waar homo's werden vervloekt, hoe hij streed met 'de meisje' in zichzelf, hoe hij schande bracht over zijn ouders, vijf zussen en twee broers, hoe hij wachtte op erkenning van die mensen die hem het meest dierbaar waren, en hoe hij op een bepaald moment losliet en ging zwalpen tussen de high van het alles wegfeesten en de bodemloze put van nooit genoeg liefde.

De meisje is bijwijlen een messcherpe getuigenis.
Alloul: Het is ook een harde reis geweest. Ik denk dat die eerlijkheid ontzettend belangrijk is. Ik ben 36, ik doe het nu goed, maar dat is niet over één nacht ijs gegaan. Ik heb vaak de vraag gekregen van jongeren die met hun seksualiteit worstelden of ze het thuis zouden vertellen of niet. Vroeger zou ik hebben gezegd: “Doe maar, alles komt goed.” Vandaag zeg ik eerlijk dat het niet makkelijk zal zijn. Ik moet ze niets wijsmaken, ze vertellen dat hun ouders slingers zullen ophangen en vragen wanneer hun vriend op bezoek komt. Bullshit, when hell freezes over. In de zestien jaar dat ik uit de kast ben, heb ik die evolutie nog niet gezien. Het gaat niet makkelijk zijn en je zal keuzes moeten maken. Op een bepaald moment heb ik ook gekozen om niet voor mijn familie te gaan, terwijl ik zielsveel van hen hield.

Jij bent op een moment gewoon vertrokken?
Alloul: Ja, op mijn twintigste ben ik weggelopen. Omdat ik er geen zin meer in had. Als je botst op de overtuigingskracht van de ander, het eigen gelijk, dan ben je gewoon naar een monoloog aan het luisteren. Ik had genoeg gespeeld, genoeg gedaan alsof ik ooit met een meisje zou eindigen, genoeg gelogen.

1781 Jaouad Halloul2
© Ivan Put
| Jaouad Alloul: “Als ik mezelf wil zijn, wie ben ik dan? Voor dat zelf moet je wel door een heel proces. Dat soort introspectie is geen walk in the park. We willen allemaal the rise, maar we beseffen niet dat we maar zo hoog kunnen gaan als we diep gaan.”

Nu, ik wil mijn familie niet afschilderen als slecht. Zij hebben er ook niet om gevraagd om een homo als zoon en broer te hebben. En mijn moeder zal ooit wel dingen hebben gezegd die me onzekerder hebben gemaakt, maar ze probeerde ook maar gewoon die jongen, die toen ook al duidelijk gay was, door het leven te loodsen. Maar in echt gelovige islamitische gezinnen, net zoals in de katholieke kerk, is daar gewoon geen ruimte voor – we moeten het niet mooier maken dan het is. Ik zag dat pendelen gewoon niet zitten, tussen hun goedkeuring en mijn leven. Toen mijn moeder gestorven is, op mijn vijftiende, dacht ik: 'Fuck this shit!' Voor wie zou ik het nu nog doen?

HET ORAKEL VAN SELFIE
“Vandaag ben ik omringd door mensen die niet raar opkijken van wat ik aanheb, die gewoon heel veel liefde uitstralen. Daarom schrik ik altijd hard als ik bots op mensen die mij zien als een van de slechten,” getuigt Jaouad Alloul. “Ik vind het heel bizar om uit te gaan van de inherente slechtheid van iemand. Ik heb ooit het verwijt gekregen van een moeder dat ik haar zoon, die me volgde op social media, gay had gemaakt. Zulke dingen doen echt pijn. Ik doe alles met intentie, maar die intentie is niet: hoe kan ik de wereld meer gay maken? Nu… (Lacht) Ach, laat gewoon leven.”

“Ik ben van de generatie van Zwarte Zondag. Ik heb mijn ouders veel racisme zien ervaren, maar ik was nog te jong om te weten wat dat was. Ik heb het ook zelf ervaren, maar mijn ouders zeiden dan: 'Laat het gaan, wij zijn in hun land.' Ik vind het vies dat we nog steeds in die mindset zitten, waarin we tegen elkaar kunnen worden opgezet. Daarom moet je ook het gesprek blijven aanknopen, ook met minderheden en de kwetsbaren in de samenleving. Er is maar een dog whistle nodig om mensen mee te sleuren in dat wij-zijdenken. We hebben net nood aan meer gemeenschap.”

Hoe past Brussel in dat verhaal?
Alloul: Ik ben opgegroeid in het Kiel, mijn jeugd heb ik doorgebracht in een echokamer waar ik zelf een valse stem was. En toen ik thuis wegtrok, is Antwerpen de plek geweest waar ik mijn stem kon ontwikkelen en tegelijkertijd de spotlight kon dimmen als dat nodig was. Hier in Brussel denk ik: 'Dimmen? Fok dimmen!' (Lacht) Terwijl ik in Antwerpen soms de freak was, ben ik hier nog eerder de grijze muis. Mensen reageren hier ook gewoon beter op moeilijke gesprekken. Deze stad dwingt je om voorbij je eigen kader te denken. In Antwerpen kon ik niet meer sparren, zat ik tussen mensen die allemaal vanuit eenzelfde eurocentrisch perspectief dachten. Hier vraag ik me af waar de grens ligt. Brussel maakt een soort radicaliteit in mij los – radicaal als in dichter bij mijn kern. Ik merk dat ik niet alleen mijn seksualiteit omarm, maar ook het leven dat ik heb gehad. Dat leven waar ik al getrouwd ben geweest en gescheiden, dingen heb geprobeerd, waar ik al ben gefaald en succesvol geweest... Hier voel ik mijn intentie nog harder. Waar dat gaat eindigen? Geen idee, maar ik ben niet bang om te falen of mezelf te overstijgen.

Het draait om jezelf verliezen, vloeibaar zijn?
Alloul: Jezelf zijn is statisch. Ik ben mezelf, en daar ben ik dankbaar voor, maar ik sta ook constant open voor evolutie. Want als ik mezelf wil zijn, wie ben ik dan? Als twintiger was ik heel aanwezig en luid. De drag was al binnen en mijn ziel stond nog buiten. 'Ik wil mezelf zijn en mensen moeten mij accepteren voor wie ik ben!' Maar voor dat zelf moet je wel door een heel proces. Dat soort introspectie is geen walk in the park. We willen allemaal the rise en het licht, maar we beseffen niet dat we maar zo hoog kunnen gaan als we diep gaan.

1781 Jaouad Halloul
© Ivan Put
| Jaouad Alloul: “Goed, ik sta in het licht. Als dit de rol is die ik moet spelen, dan zal ik hem met plezier spelen.”

En als iedereen zichzelf is, hoe kunnen we dan een gemeenschap vormen? We moeten het weer normaal vinden dat je water bij de wijn doet, dat je je flexibel opstelt, dat onze grote vraagstukken misschien niet draaien om een uitkomst maar om wat we onderweg leren van elkaar. Om je eigen weten even aan de kant te schuiven en het van een ander perspectief te bekijken. Door onze identiteit lopen veertien assen, de leerstof voor ieder van ons is onwaarschijnlijk groot. Terwijl wij het zo moeilijk hebben met 'ik weet het niet.' De grootste vorm van privilege is het afwijzen van zelfs maar een gesprek, omdat het jouw probleem niet is.

Zelfs als het niet jouw probleem is, kan je wel deel zijn van de oplossing?
Alloul: Precies. We hebben vandaag alles in handen om uit onze fouten en ons falen te leren, onszelf op te voeden en ons bewust te worden van de ruimte die we innemen. Het “All lives matter” dat je hoorde na de Black Lives Matter-protesten miskent de realiteit dat er gefocust moet worden op pijn die misschien niet de onze is, maar toont ook een soort kwetsbaarheid en is om te buigen in bewustwording. Dat is woke zijn – weg van al het exces –, dat is verlichting, dat is de weg naar ware gelijkheid. Maar dat wringt, omdat het veronderstelt dat je deelt en herverdeelt. Al die mensen die al zo lang op een stoel zitten en het woord voeren, zien plots andere, jonge mensen met sterke argumenten eisen stellen. Ons binaire denken, dat ons altijd rust heeft gegeven, wordt uitgedaagd: misschien zit er wel waarheid in wat ze zeggen, misschien klopt het wel dat we constructen zijn, dat mijn man-zijn stoelt op eigenschappen die zijn aangeleerd? Dan opent zich een ruimte van onzekerheid. En eigenlijk is dat gewoon leuk. Zie het als een tweede puberteit.

Grote geesten zwaaien niet met kennis maar met wijsheid. Een grote geest is voor mij iemand die in elke ontmoeting aan zichzelf toegeeft dat hij of zij nog ruimte heeft. Het is niet the survival of the fittest, maar of the most adaptable. Het getuigt van een kleine geest om dat te zien als een bedreiging, als radicaal, als een waarschuwing dat 'we nergens nog mee mogen lachen.' Is humor de oplossing om het over moeilijke onderwerpen te hebben? Nee, soms moeten we het gewoon over moeilijke onderwerpen hebben.

Het grotere doel van In the mood for love is geld inzamelen voor Boysproject en vzw Alias, twee organisaties die mannelijke en transgender sekswerkers ondersteunen. Doneren kan op BE86 1431 1530 8550, met mededeling 'ITMFL'.

IN THE MOOD FOR LOVE

> 2/1, huisvandeMens, sjamaan.media/itmfl/

Dit was 2021

In 2021 schreeuwden veel mensen om aandacht, in online calls maar vooral ook in onze stad. In een reeks eindejaarsinterviews laten we die mensen aan het woord die minder gehoord werden.
Meer nieuws uit Brussel
Vooraan op BRUZZ

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?