Alya Dirix (Brusselse Nachtraad): 'Tover leegstaande kantoren om in clubs'

© Saskia Vanderstichele

"Gebruik de leegstaande kantoren in de Europese wijk om clubs in te vestigen." Dat zegt Alya Dirix, de voorzitter van de Brusselse Nachtraad, in het laatste zomerinterview van BRUZZ, waar een Brusselaar even de tijd neemt om te reflecteren op het afgelopen jaar.

Om verwarring te vermijden: de Brusselse Nachtraad is niet hetzelfde als de Brussels by Night Federation. Wat is jullie taak precies?
Alya Dirix: "De Brussels by Night Federation vertegenwoordigt het nachtleven, net zoals de horecafederatie de horeca een stem geeft. De Nachtraad daarentegen is een platform dat vertegenwoordigers van het nachtleven samenbrengt: onder andere Brussels by Night Federation, maar ook 24h Brussels, Horeca Federatie, gemeentes, administraties, politie, brandweer, en verenigingen. Het is een manier om dialoog te faciliteren en te streven naar een beter nachtleven voor iedereen.”

Hoe ben jij erbij terechtgekomen?
Dirix
: "Pas een jaar later, in juli 2022, ben ik coördinator geworden. Daarvoor werkte ik bij Stad Brussel en was ik altijd bezig met burgerparticipatie. Toen de positie bij de Nachtraad vrijkwam, solliciteerde ik.”

Wat zijn de beste plekken in Brussel om uit te gaan?
Dirix: “Die vraag krijg ik vaak, maar er zijn geen specifieke plaatsen waar ik vooral ga. Het nachtleven in Brussel is heel verspreid; er zijn diverse evenementen op verschillende locaties. Ik volg daarom vooral collectieven, artiesten en culturele organisaties. Dat brengt me vaak naar interessante plekken.”

Is dat typisch voor Brussel, dat het nachtleven zo verspreid is?
Dirix: "Ja. We hebben geen grote uitgaanswijken, naast Sint-Goriks, Flagey en Baljuw, zoals in andere grootsteden. Zo wordt er vaak gewerkt met tijdelijke invulling, waarbij er een soort pop-upclub komt op een plek waar een bouwproject gepland staat. De verspreiding is wel vooral in Stad Brussel. Tachtig procent van de clubs zijn daar gevestigd.”

Wat is er nog typerend aan het Brusselse nachtleven?
Dirix: “Het is een hechte gemeenschap, waarbinnen organisatoren elkaar allemaal kennen. Bovendien heeft Brussel altijd een belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling van elektronische muziek. Fuse speelde bijvoorbeeld een pioniersrol in de techno-scene van de jaren 90. Clubbing is deel van de Brusselse identiteit."

Alya Dirix
© Saskia Vanderstichele
| "Buitenlandse dj’s komen vaak eerst naar Brussel met hun nieuwe set om te zien hoe mensen gaan reageren"

De Brusselse clubbingcultuur werd begin juli onder impuls van de Nachtraad nog erkend als immaterieel erfgoed. Waarom vind je dat zo belangrijk?
Dirix
: “Er wordt te vaak vergeten dat het nachtleven ook een groot deel is van de Brusselse identiteit. Vooral de negatieve punten worden benadrukt, zoals seksuele intimidatie en drugs. Of denk maar aan de klachten van geluidsoverlast bij Fuse. De positieve dingen werden te weinig erkend. We hebben nochtans veel talent rondlopen, waardoor Brussel echt internationaal op de kaart staat. We zien vaak dat buitenlandse dj’s eerst naar Brussel komen met hun nieuwe set om te zien hoe mensen gaan reageren. De erkenning is dus een belangrijke mijlpaal en benadrukt het belang om het nachtleven te beschermen.”

Toen het Fuse-dossier in de media kwam, was je nog maar ruim een half jaar coördinator van de Nachtraad. Hoe heb je dat ervaren?
Dirix
: "Het was de eerste grote zaak in termen van media-aandacht. Dus twee weken lang werd ik constant gebeld en moest ik uitleg geven op radio en televisie. Het was druk, maar ook wel leuk, want het ging over een concreet probleem dat zich op dat moment voordeed. Het was dus iets tastbaar, en iets waar meteen oplossingen voor moest gevonden worden. Bovendien heeft het ervoor gezorgd dat de problemen rond het beheer van het nachtleven zichtbaar werden gemaakt. Mensen realiseerden zich dat het allemaal niet zo vanzelfsprekend is. Daarnaast kenden veel mensen de Nachtraad niet, of wisten ze niet wat we precies deden. Het Fuse-verhaal heeft zichtbaarheid gecreeërd voor de Nachtraad.

Wat is het belangrijkste aspect van het Brusselse nachtleven?
Dirix: "Het hangt ervan af met welke bril je ernaar kijkt. Het nachtleven heeft economische, sociale en culturele waarde; het is de vierde reden waarom mensen naar Brussel komen. Ze komen soms voor grotere evenementen, en blijven dan overnachten in hotels en gaan op café en restaurant. Ik vind persoonlijk de sociale bril ook heel belangrijk. Na de coronacrisis werd heel duidelijk hoe hard we snakten naar samenzijn met vrienden, en naar het ontmoeten van nieuwe mensen. Het belangrijkste is volgens mij dat het een platform biedt voor kunst en creativiteit, en dus cultuur.”

Je had er eerder al voor gepleit om Fuse te erkennen als erfgoed om het te beschermen. Nu is het de Brusselse clubcultuur. Wat is er beter?
Dirix: “Wat we nu hebben bereikt, is beter, want het is geen individuele zaak. Het gaat niet enkel om Fuse, maar om het hele nachtleven dat een toegevoegde waarde is voor Brussel. Het gaat ook om een symbolische erkenning. Clubs moeten zich nog altijd aan de regelgeving houden, maar ik hoop dat er door de erkenning meer aandacht komt voor het belang van het Brussels nachtleven. Daarnaast is het niet zo interessant om een gebouw te laten klasseren, want dan mag er ook niets meer aan veranderen. En de plek is niet per se belangrijk. Bij Fuse gaat het er bijvoorbeeld om dat de club blijft bestaan en dat ze de Fuse-ervaring kunnen blijven organiseren.”

Dus volgens jou hoeft Fuse niet op dezelfde plek te blijven?
Dirix: “We kennen Fuse inderdaad allemaal op de plek waar het nu is, maar als Fuse een nieuwe plek vindt waar het zijn ziel kan terugvinden, is dat ook prima. Zo werd de 29ste verjaardag gevierd onder het Zuidstation. Ik was daar ook en ik hoorde van alle bezoekers dat Fuse daar evengoed zou werken. Niemand heeft graag verandering en zeker niet als clubs ‘weggejaagd’ zouden worden. Maar het belangrijkste is de ervaring in de club.”

Omwonenden van het Zuidstation zijn geen voorstander van een club daar. Kan je nog in een stad, waar ook veel mensen wonen, clubs plaatsen? Of moeten clubs buiten de stad gaan?
Dirix: “Dat is een groot debat nu. Er zijn drie opties. De eerste is om het nachtleven in het centrum te houden, volgens het ‘tien-minuten-stad'-principe, waarbij iedereen binnen die tijdspanne alle voorzieningen moet kunnen bereiken. Een tweede optie is om de clubs buiten Brussel te houden, maar dan hebben we weer mobiliteitsproblemen. Hoe geraken we daar op een veilige manier? We hebben alternatieven nodig om andere manieren dan de auto te nemen of een halfuur wandelen in een slecht verlichte industriezone.”

“De derde optie, waar ik ook in geloof, is onbenutte locaties activeren, zoals leegstaande kantoren in de Europese wijk. De komende jaren zullen daar ook wel woningen komen, maar we kunnen daar nu al op anticiperen. Voorzie bepaalde plekken met een heel goed isolatiesysteem. Ook hebben we in Brussel duizenden meters aan ongebruikte parkeergarages met verschillende verdiepingen. Waarom daar niet op een creatieve manier feestvieren?”

Alya Dirix
© Saskia Vanderstichele
| "Vooral op weg naar huis voelen mensen zich onveilig, niet in de club zelf”

Je hebt het over op een veilige manier uitgaan. Sinds postcorona is er alsmaar meer te doen rond veiligheid in clubs en bars. Hoe ervaar jij dat? Merk je een verschil met toen je tien jaar geleden uitging?
Dirix
: "Wat me vooral opvalt, is dat de jongere generatie veel bewuster is over consent. Meer en meer clubs nemen ook veiligheidsmaatregelen, zoals care teams en bewustwording over consent. Het enige nadeel is dat ze voorlopig door subsidies zijn gesteund. Het is dus belangrijk dat de steun blijft. Maar uit een enquête over het nachtleven in Brussel hebben we ook geleerd dat het vooral op weg naar huis is waar mensen zich onveilig voelen, niet in de club zelf.”

Tot hoe ver reikt de verantwoordelijkheid dan van de clubs en bars?
Dirix: “De clubs kunnen onmogelijk de verantwoordelijkheid nemen van alle mensen die naar huis gaan. Ze nemen wel initiatieven. Sommige clubs hebben bijvoorbeeld partnerschappen met taxibedrijven. Ik denk dat we onze eigen verantwoordelijkheid ook moeten nemen door te reageren als we iets verkeerd zien. Ook de politie, het gewest en de gemeenten moeten hun steentje bijdragen. Het is een gedeelde verantwoordelijkheid.”

“En soms kan het nachtleven ook een antwoord bieden op onveiligheid. Sint-Goriks was jaren geleden een heel onveilige wijk, waar zelfs een moord was gepleegd. Dan heeft Stad Brussel geprobeerd om horecazaken te lokken door de huurprijzen heel laag te zetten. En nu is het een bruisende en veiligere plek. Er is meer licht, er zijn meer mensen, en dus meer sociale controle.”

Hoe moet het nachtleven er in de toekomst gaan uitzien?
Dirix: “Met de Nachtraad streven we een evenwicht na tussen het bruisende nachtleven en respect voor openbare rust. Innovatie, duurzaamheid en samenwerking tussen verschillende actoren zijn cruciaal voor een succesvol en veilig nachtleven in Brussel.”

Plage Flagey

Zomer in de stad! En dus ook tijd voor een aantal zomerinterviews, Brusselse auteurs over hun stad, leestips van de leesambassadeurs én toeristische tips van onze eigen redacteurs.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Meer nieuws uit Brussel
Vooraan op BRUZZ

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?