interview

De smakelijke 'Durum' van Azertyklavierwerke

© Ivan Put

“Frites dedans ou à part?” Het is een van die grote levensvragen die Alan Van Rompuy zich stelt op 'Durum', de single waarmee zijn weemoedige elektronicaproject Azertyklavierwerke vervelt tot popvehikel.

Alan Van Rompuy

  • Geboren in 1994 in Jette, groeit op in Zellik. Woont vandaag in Schaarbeek
  • Studeert jazzpiano in Brussel, behaalt zijn master in Antwerpen met zijn afstudeerproject Azertyklavierwerke
  • Speelt (free)jazz met Bandler Ching en woestijnblues met Kel Assouf, maakt conceptuele clubmuziek met Vieze Meisje, en verkent muziek en theater met Teletext, samen met zijn vriendin Leonore Spee
  • Debuteert in 2018 met de ep Neer, verkent zijn sound daarna nog op albums als Vruchteloos gehamer, Leo is een spiegel gaan halen en Echo Park
  • Speelde in 2017 samen met theatermaker Dounia Maham- med de voorstelling w a t e r w a s w a s s e r en werkte met haar de voorbije maanden aan Gnaborretni, een concert- experiment over communicatie waarin muziek, tekst en beweging in elkaar overlopen.

“Zalig dat we dit gesprek hebben,” lacht Alan Van Rompuy wanneer ik peil naar zijn favoriete plek om een durum te scoren. “Vroeger was dat Sultans of Kebab, nu ga ik vaker naar Chez Murat in Schaarbeek, dat is dichter bij waar ik woon. In het centrum is er ook een goeie, Ali Baba. Daar kan je een durum met halloumi bestellen. Ik probeer zo weinig mogelijk vlees te eten, maar omdat al die kebabs zo lekker zijn, mislukt dat vaak.”

Hoeveel keer hij dan zoal per week naar de durumtent trekt, vraagt een mens zich af. “Te veel. (Lacht) Ik heb thuis een bescheiden studio, in een donkere, vochtige kelder vol spinnenwebben. Omdat ik vrij laat begin met werken, en dus ook laat eindig, vergeet ik vaak te koken. Eigenlijk kruip ik enkel uit mijn kelder als ik echt te veel honger heb. En dan ga ik vlug om een snack. 'Ach, wat is die vijf euro?' denk ik dan.”

Alan Van Rompuy bedacht 'Durum' vorig jaar tijdens de zomer, toen hij op vakantie was in Frankrijk. De beklemming van de eerste lockdown was achter de rug, er waren perspectieven voor het najaar. In zijn hoofd was 'Durum' toen een technonummer. Pas na de zomer, toen hij een soundwalk bedacht voor de Beursschouwburg samen met Maya Mertens alias Vieze Meisje, die ook op het nummer te horen is, condenseerde de muziek in zijn hersenpan in een popsong.

“Ik was naar reggaeton beginnen te luisteren en had ontdekt dat ik dat leuker vond dan ik dacht, dat het niet alleen flauwe remixes waren van nummers van The Black Eyed Peas maar dat er ook creatieve dingen mee gebeuren, zeker in varianten als baile funk. Tegelijk probeerde ik uit te vlooien waarom 'Say my name' van Destiny's Child zo'n simpel maar aanstekelijk popnummer is. Dat soort dingen zijn er allemaal, op een intuïtieve manier, in geslopen.”

Het verhaal van de durum is een opstapje naar een gevoel dat Van Rompuy wilde uitdrukken: melancholie, de constante in de muziek die hij de voorbije jaren uitbracht onder de banier Azertyklavierwerke. “Ik vind melancholie in kunst interessant, maar alleen als er een hoek af is, anders haak ik snel af,” vertelt hij. “'Durum' bevat letterlijk bestellingen van bij de kebabzaak, en tegelijk gaat het over de grote leegte die iedereen weleens voelt. Mensen die angstig, gestresseerd of depri zijn, die storten zich vaak op eten. Of net helemaal niet.”

Tot welke groep behoor jij?
Alan Van Rompuy: Echt wel die van het comfortfood. Ik kan mij op eten richten en blijven eten. Ik ben soms hangry, ik kan slechtgezind worden als ik niet goed heb gegeten. Dan kan ik ook niet meer helder nadenken.

Maar toch blijf je zo lang mogelijk in je kelder plakken.
Van Rompuy: Die kelder is één en al paradox. (Lacht) Ik heb ook zonlicht nodig. De natuur. Alles wat ik in die kelder níét heb. Daar is er enkel digitale, harde muziek. Het is mij een raadsel waarom ik dat blijf doen, eigenlijk. Als ik erover nadenk, is het helemaal niet logisch. Zelfs die digitale muziek kan ik soms echt in vraag stellen. Ik heb eerst viool gestudeerd en daarna jazzpiano. Akoestische instrumenten die resoneren in de ruimte. De interesse voor elektronische muziek is er gekomen omdat ik het heel creatief vond om klanken zelf te maken en zo je eigen orkest van digitale geluiden te creëren. Maar net zo goed gooi ik dat helemaal om.
Ik heb een soort tijdelijkheid nodig in alles wat ik doe. Daarom heb ik niet alleen Azertyklavierwerke, maar speel ik ook bij Bandler Ching, Teletext en Kel Assouf, en werk ik samen met Vieze Meisje en (theatermaakster) Dounia Mahammed. Ik wil uitgedaagd worden op verschillende vlakken. Ik word ook voortdurend door verschillende dingen geprikkeld. Ik teken en schrijf. Als ik iets moois heb gelezen, wil ik de hele tijd schrijven. Maar als ik een stofzuiger koop, wil ik stofzuigers designen. (Lacht)

1747 azertyklavierwerke
© Ivan Put

Een uitdaging die je met 'Durum' aangaat, is zingen. Dat had je nog niet eerder gedaan, denk ik.
Van Rompuy: Ik had daarvoor mijn stem al wel gebruikt, maar dan als instrument. Een popsong schrijven, met tekst, was sowieso iets wat ik wilde proberen. Vroeger focuste ik puur op de sound en was ik vooral bezig met welk effect ik waar kon gebruiken. Dat ik nu teksten schrijf en ze ook zing, vind ik een bevrijding. Ik heb dat ook lichamelijk gehad. De voorbije maanden heb ik met Dounia Mahammed aan een soort van concerttheaterstuk gewerkt, Gnaborretni. Ik heb daar geleerd om op een podium te staan zonder mij te verbergen achter een piano. Te vertrouwen op spontaniteit en intuïtie, en ontdekken dat daar emoties in zitten die ik voorheen als niet verfijnd zag. Vroeger zat ik veel meer in mijn hoofd. Ik verslond dingen als Arvo Pärt, een componist voor wie elke noot op de juiste plaats staat. Popmuziek vond ik lang grotesk. Te veel kleuren, te veel plastic. Maar nu luister ik zelfs naar Billie Eilish en Justin Bieber. Als het goed gedaan is, zit daar veel soul in.

Echo Park wil geen verhaal vertellen of een idee of een concept opdringen,” schreef je op Bandcamp bij je vorige plaat. Nu je lyrics schrijft en zingt, ben je niet bang dat je meer prijsgeeft dan je zou willen?
Van Rompuy: Dat is iets wat mij dagelijks bezighoudt, ja. Eigenlijk werk ik heel associatief, ik zet woorden bij elkaar omdat ik vind dat ze goed bij elkaar passen. Maar de betekenis die daaruit voortvloeit, mag voor iedereen anders zijn. Bij Echo Park ging ik nog een stap verder, daar wilde ik zo weinig mogelijk tussenstappen tussen de muziek en de luisteraar. Ik wilde hem niet in een richting duwen. De liedjes hadden wel titels, maar dat waren eerder woordspelingen.

Echo Park is een wijk in LA. Zo stuur je de luisteraar natuurlijk wel in een richting.
Van Rompuy: Zie je, dat is ook zo'n associatie. Ik wist dat helemaal niet, tot Lefto me erop wees. Voor hem is dat de plek waar hij gaat hangen wanneer hij in LA is, vertelde hij me. Maar het is ook de naam van een effectpedaaltje dat ik een paar keer op die plaat heb gebruikt.

Eigenlijk is dat weer die paradox.
Van Rompuy: Hoezo?

Je maakt muziek die doet denken aan open ruimtes zoals een park, terwijl je in een donkere kelder zit te frutselen aan effectpedaaltjes.
Van Rompuy: Haha, ja. Als de zon schijnt, wil ik naar buiten, maar dan denk ik: ah, nee, ik moet dat en dat en dat nog doen. De impuls om dingen te maken is precies 0,1 procent groter dan de drang om naar buiten te gaan.

Je hebt iets met weerkaatsing van geluid, je hebt ook een project dat Galm heet.
Van Rompuy: Heette. Vorig jaar is mijn rugzak met mijn laptop en harde schijf gestolen op café. Ik was net begonnen met een nieuw project waarbij ik de klank van niet-resonerende materialen zou opnemen om die dan te gebruiken als effect op mijn stem of op mijn instrumenten. Zoals keramische tegels, dingen waar je dagelijks over wandelt, maar die je niet opmerkt. Vergelijk het met stille stemmen die opgaan in een luide samenleving. Maar dat is dus allemaal weg. Echo Park is een echo van Galm. Een soort van herinnering. Zoals een herinnering iets van galm heeft, het is niet meer de oorspronkelijke ervaring.

Nog één associatie: Klavierwerke is de titel van de ep waarmee James Blake in 2010 doorbrak. Dat kan geen...
Van Rompuy: ... toeval zijn? Toch wel. Ik heb die ep pas later leren kennen door vrienden. Nu, James Blake heeft mij als producer zeker beïnvloed. Zijn eerste album is een meesterwerk. Hij brengt weemoed zonder zagerig te zijn, met heel veel soul.

Die weemoed echoot alvast in 'Durum': zou je die song ook geschreven hebben zonder de pandemie?
Van Rompuy: Dat weet ik niet. Ik ben op zich al introvert. Ik denk niet dat ik de sociale interactie mis. Echo Park is wel echt een lockdownplaat, die heb ik gemaakt toen we in ons kot moesten blijven. In het begin was dat voor mij de hemel, opeens had ik vrije dagen en kon ik doen waar ik zin in had. Plezier hebben is voor mij vaak alleen zijn. Muziek maken, tekenen, lezen, schrijven, films kijken. Ik heb een boek gelezen over hoogsensitiviteit, dat heeft mijn wereld verrijkt. Ik begrijp mezelf nu een stuk beter. Maar stilaan weegt het wel, ik begin zelfs optredens te missen. (Lacht)

En, euh, smaakt 'Durum' naar meer?
Van Rompuy: (Lacht) Absoluut. Er zitten er al heel wat klaar, ik denk wel dat er een album in zit, maar ik ga mezelf eerst nog wat tijd gunnen in mijn kelder.

Azertyklavierwerke
‘Durum’ is nu uit, de videoclip verschijnt op 8/4. Eerder werk is te beluisteren op Bandcamp

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?