interview

Lefto over de Vlaamse feestdag: 'Identiteit moet je rijker maken, niet opsluiten'

© Heleen Rodiers

In een videoboodschap van de Vlaamse Gemeenschapscommissie prijst kloppend hart van de Brusselse indiescene Lefto de Vlaamse culturele initiatieven in onze hoofdstad. Ze doen de stad vooruitgaan, vindt hij. Maar van een strijd over territoria, rechten en plichten houdt hij zich ver weg. “Ik voel mij als Vlaamse Brusselaar thuis in alle gemeenschappen.”

LEFTO

  • Geboren in 1976, groeit op in Anderlecht, Molenbeek en Ternat
  • Zijn vader leent midden jaren 1990 geld bij de bank om twee draaitafels voor zijn zoon te kopen
  • Begint in 1999 als radiohost bij Studio Brussel
  • Runt eind jaren 1990 vanuit Gent het hiphoplabel B9000
  • Reist van metropool naar metropool als dj
  • Remixt in 2005 een album voor het jazzlabel Blue Note
  • Maakt in 2017 de docureeks Lefto in transit voor Canvas
  • Richt in 2019 het label Royale Records op
  • Ruilt in 2020 StuBru in voor Radio Kiosk, maar blijft ook nog te horen bij Rinse FR en Worldwide FM
  • Woont met zijn vrouw, dj Fatoosan van Supafly Collective, en zoontje in Schaarbeek
  • Brengt deze week de ep En nu uit met de Gentse rapper Spreej

Nu onze anderhalvemetermaatschappij nog steeds niet tuk is op grote volkstoelopen, gooit ook de Vlaamse Gemeenschapscommissie haar 11 juliviering over een andere boeg. Voorzitter van de VGC-raad Fouad Ahidar houdt zijn speech virtueel, gevolgd door een handvol videoboodschappen van Vlaamse Brusselaars die zich onderscheiden in de sport, de cultuur, de zorg, het onderwijs, de wetenschap enzovoort. Geen politieke pamfletten, de gemeenschappelijke deler is dat ze hun stad een warm hart toedragen voor de kansen die ze er kregen.

Onder de blijde boodschappers bevinden zich Caroline Pauwels en Stéphane Lallemand. Die eerste kent u als de charismatische rector van de VUB, maar de tweede doet geen belletje rinkelen? U kent hem vast wel als Lefto, de alias waaronder hij zich in Brussel (en ver daarbuiten) de voorbije decennia manifesteerde als dj, radiohost, hiphopkenner, vinylfreak, jazzaficionado, documentairemaker, foodie, smaakmaker, globetrotter, producer en wat nog meer. Volgens BBC-icoon en gelijkgestemde ziel Gilles Peterson is de 43-jarige Brusselaar vijf personen in één, maar we verwedden er een FFP3-mondmasker op dat het er een pak meer zijn.

Lefto is vooral ook een vrije vogel, die zich aan niets of niemand verbindt. Waarom engageert hij zich dan nu voor de VGC? “Om mensen bewust te maken dat de Vlaamse Gemeenschapscommissie heel veel doet voor Brussel,” zegt hij, terwijl hij op een van de boomstammetjes aan Radio Kiosk gaat zitten. De houten hut onder het groene gebladerte van het Warandepark is sinds zondag zijn nieuwe uitlaatklep, nadat hij een week eerder, na twintig jaar (!), de deur bij Studio Brussel zomaar achter zich heeft dichtgetrokken.

“Het coole is dat de VGC zich inzet voor alle gemeenschappen,” gaat hij verder. “Iedereen weet, ook Franstalige Brusselaars en daarbuiten, dat Vlaamse cultuurhuizen garant staan voor kwaliteit en creativiteit. Ze doen de stad vooruitgaan.” Als hij naar de AB of de Beursschouwburg gaat, ziet hij niet alleen Vlamingen. “Dat zijn Vlaamse huizen, maar ze maken geen onderscheid tussen iemand die Nederlands of Frans of Portugees of wat dan ook spreekt.”

Ook Franstalige organisaties als de Botanique en C12 zijn uiteraard katalysatoren voor een betere stad, maar Vlamingen mogen zich best wel manifesteren, zegt Lefto. “Veel mensen vinden dat Vlamingen hier niets te zoeken hebben, maar Brussel is toch ook de hoofdstad van Vlaanderen? We mogen blij zijn dat Vlamingen al die initiatieven nemen. Zonder de Vlaamse Brusselaars zou de stad anders zijn.”

Daar staat natuurlijk geld tegenover, beseft hij. “De culturele sector brengt ook veel geld op, hè. Ik vind het gek dat daar zo weinig over gesproken is de voorbije maanden. Maar ook al maak je verlies, dan nog moet je dingen promoten die anders niet onder de aandacht zouden komen omdat ze niet mainstream genoeg zijn.” Hij verwijst naar Democrazy in Gent, een organisatie “met ballen” zoals er gelukkig ook genoeg in Brussel zitten. “Je moet durven dingen te programmeren die niet evident of niet bekend zijn. Zonder die mentaliteit had Nirvana nooit opgetreden voor 100 man in de Democrazy toen nog geen kat van hen had gehoord.”

Met cultuur maak je je stad gezonder, vindt Lefto. En de buitenwereld pikt je op. “Kijk naar Amsterdam, dat broeit en bruist. Mensen weten dat. Van Brussel weten ze dat niet per se. Ik vond dat we voor corona net supergoed bezig waren. De clubs draaiden, er gingen nieuwe vinylshops open. Je voelde dat de spirit goed zat. Die is nu weer even weg, hopelijk komt hij snel terug.”

1716 Lefto2020 8
© Heleen Rodiers
| Lefto klimt op het kapblok: “Vlaamse cultuurhuizen staan garant voor kwaliteit en creativiteit. Ze doen de stad vooruitgaan”

Out of the Kiosk
“Hé, Lefto, all good?” De dj krijgt een welgemeende ellebooggroet van Nicolas Bucci, artistiek directeur bij het Listen! Festival, en een van de drie oprichters van Kiosk Radio. “Support your local scene”, leest de slogan op zijn shirt. Dat vat het goed samen. De webradio nam drie jaar geleden zijn intrek in de voormalige ijskraam, sindsdien heeft hij zich almaar dieper in het stadsweefsel verankerd. Een vrijbuiter als Lefto wordt er met open armen ontvangen. Hij zal zijn luisteraars op zondagavond tussen zes en acht verwennen met Think outside the kiosk, een programma waarin hij volgens zijn intussen gekende goeddunken put uit hiphop, jazz, house en global sounds. Zijn keuze is zijn zilvermerk.

“Ik moet het voelen,” zegt hij over het criterium van zijn selectie. “Als ik het niet voel, is het te oppervlakkig. Radio wil vandaag vooral niemand bruuskeren. Maar als je muziek maakt, wil je toch net niet op safe spelen? Je wilt dat de emotie ervan afspat, dat er hart in zit.”

Dat hart was hij al een tijdje verloren bij Studio Brussel, de zender waar hij sinds 1999 zijn eigen programma had. Dat heette eerst De hop, daarna gewoon Lefto. De laatste vijf jaar deed hij dat op de plek waar Duyster zat, het cultprogramma voor kampvuurgeknetter dat in september zijn comeback maakt: zondagavond van tien tot twaalf. “Dat uur heeft me veel luisteraars gekost,” zegt hij. “Op den duur volgde de internationale gemeenschap mij meer via mijn telefoon dan de luisteraars via de bandbreedte van StuBru.” Hij had graag wat meer steun gehad van zijn zender, vooral op sociale media. Livesessies verdwenen jammer genoeg ook. Een kwestie van budget, maar ook van prioriteiten. “En die liggen bij StuBru nu ergens anders,” maakt hij duidelijk.

Maar vooral de interactie met de muziekminnende luisteraar miste Lefto. “Kijk naar de mensen hier in het park. Ze chillen, ze drinken iets. Dat contact is heel direct. Twee weken geleden had ik hier een show met Zwangere Guy, er zat tweehonderd man buiten. De politie kwam voortdurend kijken of alles wel correct verliep.” Ongeveer 20.000 mensen luisterden mee van op afstand. Vreest hij toch niet minder exposure? Kiosk Radio is een webradio, dus heeft hij wereldwijd sowieso veel luisteraars, zegt hij. “En die luisteren ook echt. Via de chatroom komen voortdurend boodschappen binnen, daar kan ik on air op inspelen. Dat is heel belangrijk. Mainstreamkanalen zijn dat verloren.”

Er is nog iets wat Lefto aantrekt bij Radio Kiosk: zijn engagement. “Het is een van de taken van de radio om zijn luisteraars aan te spreken en dialoog te voeren. De komende twee maanden zet Kiosk telkens een andere Brusselse venue in de kijker die nu gesloten moet blijven, door er live te gaan uitzenden. Samen met de VK organiseren ze een debat rond vrouwen en activisme. De LGTBQ-gemeenschap wordt aangesproken. Er zit hier véél in dat kot.”

Alles wat dieper gaat, trekt doorgaans minder kijkers of luisteraars aan dan iets oppervlakkigs, vindt hij. “Mensen willen niet te veel nadenken. Dat zie je ook aan wat er op tv wordt getoond.” Terwijl iedereen weet dat de kant van de weg vaak interessanter is dan het midden. “Precies. Zo krijg je eigenheid. Dat is belangrijk voor een zender, net als voor een dj. Als je alleen maar alle hits na elkaar speelt, creëer je geen smoel. Je moet mensen exclusieve dingen bieden. Kijk naar de Amerikaanse zender NPR, hun Tiny Desk Sessions gaan de wereld rond. En je hebt er niet eens een groot budget voor nodig.”

Lefto doet zijn luisteraars wél graag nadenken, ook over de muziekgeschiedenis. “95 procent van de genres die je op de radio hoort, komen van black music. Van blues over rock tot jazz, hiphop en reggae, tot sommige elektronica, techno en house. In tijden van Black Lives Matter is het belangrijk dat je dat niet vergeet.”

Disneyland
Lefto wuift naar Rokia Bamba, de Brusselse dj met wie hij straks gaat draaien op Manchester Plage, waar Recyclart zijn Holidays uitrolt. “Mensen als zij vertegenwoordigen de sound of Brussels,” vertelt hij. “Ook al is dat alleen Afrikaanse muziek.” Terwijl de Congolese rumba uit de boxen spat, neemt hij een slok van zijn flesje Club-Mate, een cafeïnerijke frisdrank “waar ze zot van zijn in de Duitse clubscene”. Op zijn ontblote scheenbenen – onder zijn hagelwitte hoodie draagt hij een sportieve short – staan de woorden 'early' en 'bird' getatoeëerd. Ze verwijzen naar zijn alias, een verbastering van 'lève-tôt'. Ondanks zijn nachtelijke escapades – als jonge skater en graffitikunstenaar was hij altijd en vadrouille – was hij een vroege vogel.

Lefto groeide met zijn Franstalige vader op in Anderlecht, maar verkaste wat later naar Molenbeek. Daarna ging het even naar Ternat. “We moesten weg uit Molenbeek, het was er te moeilijk. Vandaag is het er Disneyland tegenover toen.” In Ternat leefde hij zich uit op een industrieterrein. “Voor mij was dat één groot skatepark.” Hiphop leerde hij kennen in het Sint-Pieterscollege in Jette, onder meer door enkele mc's van de ontluikende Luiks-Brusselse hiphopcrew Starflam.

Thuis slingerden er cassettes en vinyl rond, zijn vader luisterde naar “alles tussen jazz en France Gall”. “Mijn eerste plaat? Hit connection 1984. Ik geloof dat mijn pa die voor mij heeft gekocht. Daar stonden dingen op als Jermaine Jackson en Pia Zadora, Wham! en Duran Duran.” Eind jaren 1980 droeg hij wijde zwarte broeken en witte shirts met acidpins. “Ik ging naar de New Top Trente in het centrum om er new beat-platen te kopen. Op RTL keek ik naar 10 qu'on aime. Daar ontdekte ik Benny B, de pionier van de Brusselse hiphop. Dat scratchen en breakdancen maakte indruk op mij.”

1716 Lefto2020
© Heleen Rodiers
| Lefto voelt zich in zijn nopjes bij zijn nieuwe uitvalsbasis, Radio Kiosk: “Er zit hier véél in dat kot”

Hij stroopt zijn mouw op: “1 mei 2003”, leest een tatoeage, dit keer op zijn pols. “Mijn vader is al zeventien jaar weg. Hartfalen. Hij vertelde een mop en lachte zo hard dat hij erin bleef. Typisch mijn pa. Altijd lollen maken. Maar zijn grootste lol kon hij niet aan. Ik had een diepe band met hem. Gelukkig heb ik altijd congé op zijn sterfdag.” (Lacht) Lefto woonde toen in Gent, met veel vrienden in één huis. “Dat heeft me geholpen. Om niet te veel in te zakken, heb ik me op de muziek gestort.”

Lefto's vader werkte voor een reisbureau, hij zette hem op weg in de muziek, maar gaf hem ook de reismicrobe mee. “Hij heeft me één keer meegenomen, op mijn veertiende, naar New York. Ik was bang om te vliegen, maar voor New York wilde ik alles doen.” Wanneer Lefto nu naar Seoul, LA of São Paulo afzakt om er te dj'en, duikt hij steevast in de onderbuik van de stad. Muziek geeft hem daartoe de sleutel. “De Lefto's van ginds tonen me de weg. Je moet met locals praten, rondwandelen, eten, anders blijf je aan de oppervlakte.”

Over zijn moeder is hij karig. “Ik heb haar niet echt gekend. Ik had veel moeders: de vriendinnen van mijn vader. De ene Congolees, de andere Pools. Mijn belangrijkste moeder was Portugees, zij bracht me in de puberteit discipline bij.” Hij heeft zelf roots in Wallonië, Luxemburg en Italië. “Ik hou van pasta en lasagne. Is dat omdat dat in mijn genen zit, of gewoon omdat dat lekker is?” lacht hij. Een paar jaar geleden deed hij een DNA-test. “Daaruit bleek dat ik zelfs wortels heb in Afghanistan. Ik ben voorzichtig met dat soort dingen, maar elke Belg zou zo'n test moeten doen. Dat zou voor veel mensen een gamechanger zijn.” Identiteit vindt hij belangrijk, maar het moet iets zijn wat je rijker maakt, niet iets wat je opsluit. “Identiteit is wat je uniek maakt. Je kan er fier op zijn, maar dan liefst zonder superioriteitsgevoel.”

Hij weet dat hij veel te danken heeft aan Vlaanderen, maar voelt zich als Vlaamse Brusselaar vooral thuis bij alle taalgemeenschappen. “Als het vliegtuig een bocht neemt boven Aalst, net voor de landing in Zaventem, zie je Vlaanderen in één oogopslag liggen, zo klein is het. Als het zich afsplitst, wat betekent het dan nog? In tijden van globalisering kiezen miniregio's voor onafhankelijkheid, om competitief te zijn met de rest van de wereld. Alsof ze daar rijker van zouden worden, maar zo werkt het niet. En wat als de zeespiegel stijgt, gaan al die Vlamingen dan allemaal naar hier komen?” (Lacht)

Er is nog een reden waarom hij wegging bij de VRT: hij voelde zich niet lekker bij de raad van bestuur, waarin behoorlijk wat rechtse stemmen zitten. “In Brussel stemmen ze rood en groen, in Vlaanderen geel en zwart. Veel Vlamingen voelen zich nog altijd maltraité, omdat de Fransen hen ooit onderdrukten en ze moesten vechten voor hun taal en rechten. Sommige politici denken nog steeds dat het payback time is.”

Stem van een community
Corona gaf hem veel tijd om over dat soort dingen na te denken, vertelt hij. “Ik ben veel beginnen in te zien. Welke mensen zijn dat boven ons, en wat doen ze eigenlijk? En hebben ze enige voeling met ons, laat staan de hele maatschappij? Elke beslissing van de regering leek genomen zonder eerst met de mensen zelf te gaan praten. Zo maak je niemand blij.”

Die periode van reflectie zorgde er ook voor dat hij de knoop genaamd StuBru na een paar jaar tobben doorhakte. Net nu hij veertig à vijftig shows mist door corona! “Financieel maakt dat niet veel uit. (Lacht) Vroeger zou ik dat niet gedurfd hebben. Ik ging in het weekend draaien en vloog met de eerste vlucht 's ochtends terug om te kunnen blijven werken in Music Mania. Ik was bang om die zekerheid te verliezen.”

Dat hij die sprong nu waagt, heeft met levenservaring en zelfvertrouwen te maken. “Ik voel mij dj, maar het liefst van al maak ik radio. Ik wil een stem voor mijn community zijn. Dat kon niet met de wapens die StuBru mij gaf.”

Think Outside the Kiosk, elke zondag van 18 tot 20 uur, kioskradio.com

Vlaamse feestdag in Brussel

11 juli staat in Brussel gelijk aan 'Vlaanderen feest, Brussel Danst'. Door corona bleven de danspartijen misschien wel uit, maar werd er wel gefeest. BRUZZ volgde zaterdag het feest.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Lees ook

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?