KVS doet even de deur open voor de installatie 'Numi yaldati'

Tom Clement (Martha!tentatief) maakte de tekeningen voor 'Numi Yaldati'.

Piepkleine bubbels kunnen opnieuw heel even – een halfuurtje – de KVS in. Voor Numi yaldati, een installatie van scenograaf Manu Siebens, met geprojecteerde tekeningen van Tom Clement en een door theatermaker Fien Leysen geschreven en ingesproken verhaal.

Numi yaldati (Slaap, mijn meisje) is de eerste indoorvoorstelling voor publiek in de KVS sinds oktober. Ze duurt een halfuur, er kunnen telkens vier mensen met een koptelefoon plaatsnemen op een van de vier bankjes. De koptelefoons hebben wegwerpkapjes en de bankjes zijn met plexiglas van elkaar gescheiden. Een medewerker ontsmet alles en begeleidt om het halfuur het publiek naar zijn zitplaats.

“Allemaal heel gecontroleerd dus, en volgens de protocollen,” licht KVS-directeur Michael De Cock toe. “We doen dit om dezelfde reden dat we met Pitcho Womba Konga aan het repeteren zijn en waarom we Madame Bovary gaan verfilmen met Jaco Van Dormael, en Aller/retour met Dorothée Van Den Berghe. Omdat we het mogen en kunnen.”

De installatie is een coproductie met deSingel en een samenwerking met de theatergezelschappen BERLIN en MartHa!tentatief, waarvoor Clement en Siebens al eerder werkten. Theatermaker Fien Leysen was al in de KVS te zien met Wat (niet) weg is en Wie we zijn.

“Het is een installatie en geen performance, omdat we als maker zelf niet aanwezig zijn tijdens de voorstellingen. Manu en ik hebben ze oorspronkelijk gemaakt met de musea in ons achterhoofd. Maar voor cultuurhuizen met een museale werking, die aan het zoeken zijn naar dingen die wel mogen, bleek ze ook ideaal.”

1739 Fien Leysen bw

Voor Numi yaldati schreef en vertelt Fien Leysen het verhaal van twee vrouwen die in twee verschillende periodes – 1942 en 2020 – op dezelfde plaats vertoeven. “Het is een fictief verhaal, maar wel gebaseerd op reële thema's als familie, armoede, oorlog en kwetsbare mensen in de samenleving die nergens terechtkunnen. Het gaat over een dakloze vrouw die onderdak zoekt in een leegstaand appartement, waar ze het dagboek terugvindt van een Joodse vrouw die daar tijdens de Tweede Wereldoorlog woonde. De Joodse vrouw voelde wel al de dreiging van de oorlog en de angst om te moeten vluchten, maar mij ging het vooral om het menselijke aspect van die vrouw die dat dagboek schreef voor haar ongeboren kind. Ze heeft te maken met een verlies dat een immense tragedie is voor haar, maar dat tegen de achtergrond van zo'n grote oorlog makkelijk over het hoofd gezien wordt. De dakloze leest het dagboek verschillende keren, omdat ze niets anders heeft om te lezen, en vindt er troost in. Ze zegt ook een paar keer: 'We hadden het goed met elkaar kunnen vinden.' Langzaamaan beginnen de verhalen van de twee vrouwen door elkaar te lopen.”

LEGE WOONBLOKKEN
De aanleiding voor het schrijven was een project waarbij Leysen tijdens haar studie aan het conservatorium van Antwerpen betrokken raakte. Een project over de Fierensblokken, modernistische woonblokken die voor de oorlogs­periode vrij luxueus waren, maar waar op den duur alleen nog krakers woonden.

“Over het contrast tussen de luxe van vroeger en de harde eenzaamheid die je er nu aantrof, wilde ik het graag hebben. Voor de installatie heeft Manu een imposante structuur in een X-vorm bedacht die iets weg heeft van de ruwe skeletbouw van een appartementsgebouw. Door de afwerking in natuursteen heeft die gestripte look ook iets luxueus. De tekeningen van Tom in blauwe lijnen verwijzen naar een architecturale blauwdruk, maar ook naar het geschreven dagboek. De tekeningen tonen geen mensen, alleen de ruimte die de twee vrouwen delen. Het zijn er ook niet heel veel. Ze dienen vooral als sobere ondersteuning van de audio. De stadsgeluiden in de achtergrond zijn trouwens ook in de Fierensblokken opgenomen.”

Lees meer over
Meer nieuws uit Brussel

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?