Interview

Kunstenaar Christophe Coppens: ‘Ik kan niet zonder Brussel, dat is een feit’

Bettina Hubo
© BRUZZ
27/01/2023
© Saskia Vanderstichele | Christophe Coppens komt opnieuw in Brussel wonen.

Tien jaar geleden keerde de gevierde ontwerper Christophe Coppens de modewereld en ook Brussel bruusk de rug toe. De littekens lijken intussen geheeld. Coppens is sinds kort aan de slag bij modehuis Natan, hij heeft een expositie in de Basculewijk in Ukkel en werkt aan een nieuwe operaregie voor De Munt. “En ja, ik kom ook weer wonen in Brussel.”

Wie is Christophe Coppens?

  • 53 jaar
  • Studeerde drama aan Conservatorium van Brussel
  • Was tot in 2012 ontwerper van hoeden en accessoires
  • Legde zich vervolgens toe op zijn werk als beeldend kunstenaar • Regisseerde opera’s bij De Munt (Foxie, Hertog Blauwbaard, Norma)
  • Maakte kinderparcours van vernieuwde KMSK Antwerpen
  • Werkt sinds november als creatief directeur voor Natan
  • Stelt momenteel ten toon in galerie Zwart Huis
  • Woont in Edingen

Twee decennia lang maakte Christophe Coppens vanuit Brussel wereldwijd furore met zijn originele hoeden en accessoires. Hij begon in een klein pandje bij het Zuidstation en trok later naar de Dansaertwijk, waar hij zijn werkplaats vestigde in een prachtig art-decogebouw aan de Nieuwe Graanmarkt en een winkel had op de hoek van de Lepagestraat.Vlak nadat hij zijn atelier begin 2012 opnieuw had verhuisd, ditmaal naar het voormalige chique warenhuis Merchie-Pède in de Marollen, was het plots afgelopen: Coppens legde de boeken neer en kondigde in één ruk zijn afscheid van de modewereld aan. Waarna hij het land verliet en zich volledig toelegde op zijn 'andere' werk, dat van beeldend kunstenaar.

Wat stak u zo tegen in die modewereld?
Christophe Coppens: Mijn bedrijf was altijd maar blijven groeien tot het iets geworden was waar ik niet meer achter kon staan. Het moest alsmaar commerciëler, het ging niet meer om de creatie. Hebben we wel rode sjaaltjes in de collectie? Ik moest mezelf constant inhouden om een bepaald publiek niet af te schrikken.
Intussen volgden de crisissen elkaar op, ook in Japan, onze grootste afzetmarkt. Het maakte dat ik helemaal op was. Ik kon niet meer. Verder gaan met mode wilde ik niet omdat ik andere verhalen wilde vertellen, andere dingen in mezelf aanboren ook. Ik besloot te breken met de mode- en designwereld. Ik vond dat je geen kunst kon maken met de mentaliteit van een ontwerper.

“In de modewereld is er geen tijd om na te denken, je raast maar door van de ene collectie naar de andere”

Kunstenaar Christophe Coppens

Modeontwerper Christophe Coppens

Wat biedt kunst maken u wat u niet vond bij de mode?
Coppens: Je brein werkt anders, je denkt veel na. Als ik op straat een steentje zie, raap ik het op, kijk ik ernaar, neem ik het mee naar huis, schilder ik het misschien zwart en leg het ergens neer, zonder dat het ergens toe moet leiden. Als ik kunst maak, ben ik nooit bezig met een commercieel gegeven
In de modewereld is er geen tijd om na te denken, je raast maar door van de ene collectie naar de andere. Mode is esthetiek, je maakt mensen mooier. Kunst heeft niets met esthetiek te maken. Het gaat om het uitdrukken van wat in je omgaat, je visie op de wereld. Daarvoor moet je wroeten, duwen en trekken, jezelf pijnigen, toelaten dat dingen je raken, wonden openhalen. Kunst is het zware werk, niet altijd fijn om mee bezig te zijn.

Zopas ging uw expo, Playdate in galerie Zwart Huis in Ukkel open. In die, en ook in vorige tentoonstellingen, grijpt u terug naar uw kindertijd: met afgedankte poppen en pluchen beesten, poppenkamertjes en ander oud speelgoed maakt u objecten en installaties. Vanwaar die fascinatie voor de kindertijd?
Coppens: Ik ben heel aangetrokken door wat er allemaal gebeurt in die periode. Alles ontwikkelt zich in de meeste pure vorm, de meeste zaadjes worden geplant voor wat volgt. Het is voor mij een tijd waarover ik nog onbeantwoorde vragen heb, maar ik associeer het ook met onbevangen spel. Alles wat ik vandaag doe, zie ik nog steeds als een manier van spelen. In mijn atelier staan drie grote tafels, bekleed met rood tapijt, waarop ik verloren voorwerpjes die ik verzamel uitstal. Elke dag speel ik er een beetje mee, soms gewoon iets verzetten of iets samenvoegen.
In mijn kunst gebruik ik overigens niet alleen mijn eigen herinneringen, ik eigen mij ook herinneringen van anderen toe. En ik verwerk tegelijk zaken die me bezighouden, mijn wereldbeeld, dingen die me raken, van vluchtelingen tot gezondheidscrisissen.

Christophe Coppens
© Saskia Vanderstichele | Christophe Coppens maakt met onder meer afgedankte poppen en pluchen beesten objecten en installaties. “Ik ben heel aangetrokken door wat er allemaal gebeurt in onze kindertijd.”

Naald en draad blijven een belangrijk expressiemiddel, zo blijkt?
Coppens: Dat blijft een van mijn tools, hoewel ik nu niet meer op de couturemanier naai, heel mooi, maar als een slager, een chirurg. En ik gebruik alleen nog dikke, rode draad.

Behalve met beeldende kunst bent u sinds enkele jaren ook bezig met operaregie. U regisseerde drie opera's voor De Munt en een vierde is in de maak. Welke voldoening haalt u daaruit?
Coppens: ​​​​​​​Ik vind het nog altijd een wonder dat Peter de Caluwe (directeur van De Munt, red.) het met mij aandurfde. Hij zag het in mij nog voor ik het zelf zag. Ik had wel regie gestudeerd, maar dat was zo lang geleden.
Opera is voor mij de som van alle dingen. Alles wat ik in mijn leven gedaan heb, kan ik daarin kwijt. Niet dat ik het daarom fulltime wil doen. Na elke opdracht, waarin ik heel nauw samenwerk met de decor- en kostuum­ateliers, heb ik enorme behoefte om zelf aan de slag te gaan in mijn eigen atelier.

U wil zich niet meer exclusief aan één discipline wijden?
Coppens: Neen, destijds maakte ik een drastische keuze voor de beeldende kunst. Ondertussen zijn we tien jaar verder. Mijn kunstpraktijk is nog steeds de basis van alles, ik ben er dagelijks mee bezig. Maar ik wil geen andere zaken meer uitsluiten uit vrees dat men mij anders niet au sérieux neemt. Ik zal binnen de kunstwereld sowieso nooit volledig erkend worden, omdat ik niet het klassieke parcours heb afgelegd.
Ik besef dat ik altijd tussen meerdere werelden zal hangen, maar ik ben er ook achter dat dat een enorme vrijheid geeft. Als ik wil, kan ik eerst een opera regisseren, daarna een kinderparcours ontwerpen, zoals onlangs in het KMSK Antwerpen, en vervolgens een tentoonstelling maken. Ik ben dat allemaal en wil niets moeten wegduwen omdat het niet hoort of omdat je dan niet in een vakje past. Pech voor degenen die niet kunnen volgen en me nog steeds een hoedenmaker noemen, hoewel ik al tien jaar geen hoed meer gemaakt heb.

“Ik gebruik in mijn kunst niet alleen mijn eigen herinneringen, ik eigen mij ook herinneringen van anderen toe”

Christophe Coppens

U maakt zelfs weer een zijsprong naar de mode. Sinds november bent u aan de slag bij het modehuis Natan, dat dit jaar veertig wordt. Waarom hebt u deze job aanvaard?
Coppens: Ik heb veel respect voor het werk dat modeontwerper Edouard Vermeulen al vier decennia verricht. Hij is iemand die bezig is met uitgepuurde vormen, een minimalist. Ik ben een maximalist, uitbundig in vorm, kleur en details. Die combinatie kan heel interessant worden.

Wat houdt uw functie van creatief directeur in?
Coppens: Het is een aanstelling alleen voor dit jubileumjaar. De bedoeling is dat ik mee nadenk over het hele productie- en verkoopproces: de ontwerpen, de website, de communicatie, de fotografie, de winkels. Ik fungeer als een soort stoorzender die, met respect voor het DNA van het huis, hier en daar een duwtje geeft, linken legt met hedendaagse cultuur die niet evident zijn, en zo een aanzet geeft voor de komende veertig jaar.

Is de modewereld de afgelopen tien jaar veranderd?
Coppens: Toen ik begon was er maar één optie: je ontwerpen zo snel mogelijk in Parijs of Milaan tonen en in het systeem stappen: zes tot acht fashion weeks per jaar, verkopen, op tijd leveren.
Ik denk dat je tegenwoordig, ook dankzij internet, met mode bezig kan zijn zonder mee te doen met dat hele circus. Ik ontmoet jonge mensen die hun stukken in hun eigen woning verkopen of ze in vijf winkels leggen, die af en toe iets maken zonder dat het zomer- of wintercollectie heet, die hun stukken tonen als ze klaar zijn. Mocht ik ooit opnieuw beginnen, zou ik het ook zo doen.

1829 Christophe Coppens 3
© saskia Vanderstichele | Christophe Coppens: "Ik heb veel respect voor het werk dat modeontwerper Edouard Vermeulen al vier decennia verricht. Hij is iemand die bezig is met uitgepuurde vormen, een minimalist. Ik ben een maximalist, uitbundig in vorm, kleur en details. Die combinatie kan heel interessant worden bij Natan."

Toen u zich in 2012 afkeerde van de mode zei u ook Brussel vaarwel. Waarom? En heeft het deugd gedaan?
Coppens: Ik wou niet in de stad blijven waar ik twintig jaar intensief gewerkt had. Op elke hoek was er wel een verhaal of herinnering. Ik ben met mijn partner, die een beurs kreeg, naar Los Angeles getrokken. Daar ben ik van nul opnieuw begonnen, in de garage van ons huisje. Ik had niets meer. Makkelijk was het niet, de overstap van een rijk sociaal leven naar een vrij geïsoleerd bestaan. Maar het heeft mij enorm goed gedaan omdat ik weer iets kon opbouwen. Met het bijkomende voordeel dat er daar licht is en in Brussel niet.

Na vijf jaar LA woonde u twee jaar in Madrid. Ondertussen bent u verhuisd naar Edingen. Begint Brussel te lonken?
Coppens: Ja, we zijn volop op zoek naar een plek. Edingen was heel fijn tijdens covid, maar nu willen we weer ergens wonen waar om elf uur 's avonds nog iets te beleven valt. Ik kan niet zonder Brussel, dat is een feit. Ik wil niet terug naar de Dansaertwijk, omdat ik hetzelfde verhaal niet wil overdoen. We moeten een ander plek vinden, misschien wordt het het bruisende Elsene.

Hoe is het gesteld met deze stad?
Coppens: Ik kijk met gemengde gevoelens naar Brussel, met liefde, maar ook met triestheid en ongeloof. Gemengde steden als Brussel zijn voor mij de toekomst. Maar ik denk niet dat we verwend zijn geweest met de manier waarop de stad bestuurd wordt. Sommige beslissingen zijn gebaseerd op een goed idee, maar worden vervolgens niet zorgvuldig uitgewerkt. Neem de autovrije en autoluwe buurten, prima idee, maar waarom worden diegenen die eronder lijden niet ondersteund? Die moeten hun plan maar trekken. Ik ken zoveel handelaars die iets proberen op te bouwen en constant slagen in het gezicht krijgen.
Ik denk dat er te vaak vanuit het ego bestuurd wordt: politici willen iets verwezenlijken, zodat iedereen zich hen achteraf herinnert, maar het is niet altijd goed doordacht. Kijk hoe alle pleinen mismeesterd zijn, het prachtige De Brouckèreplein is een lap beton met wat water dat eruit pruttelt, hetzelfde aan Rogier. Er is geen ambitie om iets uitzonderlijks te doen, iets moedigs. Waar blijven de architecturale parels?
Anderzijds, Brussel is nog altijd een geweldige plek met een waanzinnig cultureel aanbod. Het blijft de enige stad in België waar ik echt in wil wonen, de enige stad die we hebben in België.

Expo Playdate van Christophe Coppens, 15/01 > 4/03, Galerie Zwart Huis, Ukkel, galeriezwarthuis.be

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Lees meer over: Brussel, Economie, culture, Christophe Coppens, modehuis Natan, Opera De Munt

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie