interactief

Pendelaar én Brusselaar storen zich aan druk verkeer en vuil

© PhotoNews
| Mobiliteit is en blijft een probleem in Brussel, zowel voor wie er woont als voor wie er werkt.

Zowel Brusselaar als pendelaar stoort zich het meest aan het drukke verkeer en het gebrek aan netheid. Dat blijkt uit onderzoek van Brussel Preventie en Veiligheid (BPV). Die Gewestelijke instelling treedt de laatste tijd alsmaar meer op de voorgrond. Al is de beoogde vereen­voudiging nog niet voor morgen.

Het is al de tweede keer in een week tijd dat het BPV het nieuws haalt. Eerst omdat hun acht drones het afgelopen jaar al 187 keer zijn uitgestuurd. En nu door dat onderzoek, een grootschalige veiligheidsenquête bij Brusselaars, pendelaars en toeristen. Daaruit blijkt dat zij Brussel redelijk veilig vinden. Toch gaven vier op de tien respondenten aan zich minstens zo nu en dan eens onveilig te voelen.

Het BPV vroeg ook naar de factoren die men als storend ervaart. Vandalisme, het gebrek aan blauw op straat of ‘aanwezigheid van groepen’ werden wel vernoemd, maar niet zo vaak. Brusselaars storen zich veel meer aan druk verkeer, het gebrek aan netheid, vervuiling of overdreven snelheid (zie grafiek). Pendelaars ergeren zich aan min of meer dezelfde dingen, bij toeristen staat het gebrek aan netheid op eenzame hoogte.

“Het onderzoek naar de onveiligheid moet gezien worden als een nulmeting waarop het beleid nu verder kan werken,” zegt BPV-directeur Jamil Araoud. Daarbij wijst hij in eerste instantie naar minister-­president Rudi Vervoort (PS), die sinds de zesde staatshervorming de coördinatie van het veiligheidsbeleid er als bevoegdheid bij heeft gekregen. Maar evengoed naar de negentien Brusselse gemeenten, die allemaal hun eigen preventiedienst hebben en eigen accenten leggen.

Op de voorgrond

Het ziet er sterk naar uit dat dit niet het laatste is dat u van BPV zult horen. De instelling, die pas in 2015 werd opgericht, krijgt stilaan greep op de bevoegdheid die het met de zesde staatshervorming kreeg toebedeeld: een gewestelijk veiligheidsbeheer en -beleid uitbouwen.

Zelfs koele minnaars zoals Etterbeeks burgemeester Vincent De Wolf (MR), die eerder dit jaar liet optekenen “nog op het eerste voorbeeld te wachten van de meerwaarde van het BPV”, lijken stilaan overstag te gaan. “Ik moet toegeven al twee studies gezien te hebben die toch interessant waren,” zegt De Wolf.

Maar voor hem én voor Oudergems burgemeester Didier Gosuin (Défi) is the proof of the pudding toch de centralisatie van alle camerabeelden van de zes politiezones en de MIVB. Volgens hen komt dat er binnenkort aan, en ook Yves Bastaerts, adjunct-directeur van BPV, bevestigt: “Het samenwerkingsakkoord daarover zit in de laatste fase.“

Politieschool

In de toekomst valt ook nog nieuws te verwachten van hun ‘security by design’-gids: een reeks aanbevelingen rond stadsmeubilair dat aangenaam én veiligheidsverhogend werkt. Verder is BPV ook bezig met cyberveiligheid én is Brusafe in aanbouw, de toekomstige Gewestelijke school voor politie, brandweer, ambulanciers en gemeenschapswachten.

“Voor de eerste fase, de herinrichting van enkele bestaande gebouwen, zitten we op schema,” zegt Bataerts. “Begin 2020 kunnen de scholen er tijdelijk intrekken. Voor fase 2, het platgooien van enkele oude gebouwen om er nieuwe in de plaats te zetten, hebben we iets meer tijd nodig.”

Het BPV is dus in goeden doen. Rest nog de politieke verantwoordelijkheid, die verdeeld blijft. Want behalve minister-president Rudi Vervoort (PS) is er nog een andere speler in de veiligheidsketen: hoge ambtenaar Viviane Scholliers (CDH-signatuur). Zij voert min of meer de taken uit van een provinciegouverneur, en is dus verantwoordelijk voor het beheer van rampen op Brussels grondgebied.

Daarmee schuurt ze wel heel dicht aan bij de bevoegdheden van de minister-­president van het Gewest. Die is sinds de zesde staatshervorming verantwoordelijk voor … veiligheid en preventie.

“Gaat het om een incident dat de openbare orde over de gemeentegrenzen heen verstoort, dan is Vervoort verantwoordelijk,” legt Bastaerts uit. “Maar gaat het om een echte ramp, bijvoorbeeld een gevaarlijke brand waarbij brandweer én politie én ziekenhuizen paraat moeten staan, dan neemt de hoge ambtenaar het roer over.”

Niet eenvoudig dus. Zou het niet veel veiliger zijn alles door de minister-­president te laten doen? “Dan zou bij een ramp minister-president Vervoort verantwoording moeten afleggen aan een federale minister, wat toch vreemd is,” zegt Bastaerts. “Het is een van de evenwichten tussen het federale en het gewestelijke niveau.”

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees ook

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?