opinie

Edito: de Brusselse regering moet haar moed tonen bij Parking 58

© BRUZZ
| Bij de werf van Parking 58 komt de wetgeving rond archeologische opgravingen goed van pas.

Wie naar de toekomst kijkt, moet zijn verleden kennen. Het is een waarheid als een koe, die zeker voor Brussel geldt.

De hoofdstad heeft een traumatische ervaring met de Bruxellisation waarbij massaal veel bijzonder erfgoed met de grond gelijk werd gemaakt omdat er met ‘moderne’ projecten meer geld te verdienen viel. De Brusselaar pikte het na een tijd niet meer. Met de oprichting van het Brussels gewest zijn er een handvol checks and balances gekomen die de Brusselse geschiedenis toch enigszins kunnen vrijwaren.

Zo is er de wetgeving rond archeologische opgravingen die erg goed van pas komt bij de werf van Parking 58. Het gebouw gaat er tegen de vlakte voor een nieuw administratief centrum voor de stad Brussel.

De fouilles lezen als een spannende roman. Nadat er eerder al restanten van de negentiende-eeuwse Centrale Hallen werden gevonden, zijn nu de middeleeuwen aan de beurt. De archeologen van het Brussels gewest leggen er, zo lijkt het, een complete nederzetting bloot.

Steven Van Garsse, chef BRUZZ-magazine

Te beginnen met een volledige rivierkade langs de oude bedding van de Zenne. En verder een enorme molensteen, mosselschelpen en visresten, een afdruk van een mand, een mondharp, schoengespen, veterhulzen, schijven van een damspel, vijftiende-eeuwse kanonskogels of een prachtige kam. Het moet een van de belangrijkste archeologische opgravingen zijn van de laatste decennia in Brussel.

Het meest opmerkelijke artefact tot nu toe is een fragment van een Merovingische mantelspeld uit de tweede helft van de zevende eeuw. Dat zet alvast de hypothese op losse schroeven dat Brussel goed duizend jaar jaar geleden is gesticht, in 979, zoals het in Vlaamse huiskamers jarenlang is verteld en met de milleniumviering van 1979 kracht werd bijgezet. Meer waarschijnlijk is dat de Gallo-Romeinen en Franken al veel eerder dankbaar gebruikmaakten van de Zenne om er handel te drijven.

Erger is dat de archeologische opgravingen op een drafje moeten gebeuren. De wetgever laat de archeologen wel de tijd, maar die moeten ze telkens opnieuw met de vastgoedpromotor onderhandelen. En die heeft ongetwijfeld dringendere besognes. Zoals het er nu naar uitziet, kunnen de Brusselse archeologen er nog tot eind deze maand verder. Daarna begint het niets ontziende graafwerk. Op sociale media was al te zien hoe een kraan een kadeboom probeert los te wrikken.

De archeologen zien het met lede ogen aan. Anderzijds bekijken ze het met een zekere zin voor realiteit. Ze zijn al blij dat ze deze uitzonderlijke site mogen bewerken. Zonder de werf was die nooit vrijgekomen.

Toch is er ook meer mogelijk. Omdat het om een uitzonderlijke archeologische site gaat, kan de regering beslissen om een langere periode van vrijwaring in te stellen. In dat geval moet er niet meer dag na dag onderhandeld worden. Zo’n beslissing werd nooit eerder genomen. Het zou mooi zijn, mocht de regering in een van haar laatste ministerraden de moed tonen om dergelijke knoop door te hakken. De Brusselse geschiedschrijving zal er wel bij varen.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Nieuws uit Brussel in je mailbox?