bijgedachte

'Vandaag kunnen we gerust stellen dat heel België faalt'

Brussels minister-president Rudi Vervoort (PS) kondigt - geflankeerd door Brussels minister van Gezondheid Alain Maron (Ecolo) - op 24 oktober 2020 in aller ijl een nieuwe lockdown aan, in een poging het coronavirus een halt toe te roepen.© Belgaimage

Het aantal Covidopnames in de Brusselse ziekenhuizen overtreft die van de eerste golf. En ook voor de intensieve zorg zit er een recordcijfer aan te komen. De gezondheidszorg in Brussel kraakt in al haar voegen. In de meeste pessimistische scenario’s vallen er in die tweede golf nog eens honderden of zelfs duizend doden, boven op de zeventienhonderd doden die Brussel al telt. Dit had nooit mogen gebeuren. De kritiek op het Brusselse beleid was de laatste weken en maanden niet uit de lucht. Ook niet bij BRUZZ. Vandaag kunnen we gerust stellen dat heel België faalt.

De eerste golf was hier al bij de ergste in de hele wereld. De tweede dreigt dat, onbegrijpelijkerwijs, opnieuw te zijn. Naar de oorzaken moeten we niet ver zoeken. De federale overheid heeft te laat ingegrepen. Ze had gehoopt met een enorme testcapaciteit de tweede golf te kunnen indijken. Dat is mislukt. Door te veel op korte termijn te kijken, en de economie en de vrijheid van de Belgen voorop te stellen, heeft ze te lang getalmd met beperkende maatregelen.

Twee: het gekibbel onder wetenschappers, virologen, infectiologen en gezondheidseconomen die de ernst van de situatie minimaliseerden, heeft tot verwarring geleid. Net wat een pandemie kan missen als kiespijn.

Steven Van Garsse, chef BRUZZ-magazine

En drie: een deel van de bevolking heeft te lang en te veel de maatregelen aan de laars gelapt. En dat zijn heus niet alleen de jongeren. Jean-Luc Gala, de flamboyante UCL-infectioloog, zei zelf dat niemand van zijn collega’s de maatregelen volgde. Het is een collectieve verantwoordelijkheid, zoals ULB-epidemioloog Marius Gilbert dat treffend zei, maar wel een met verstrekkende gevolgen.

Wat betekent dat voor Brussel? Een Bijzondere commissie in het Brussels parlement buigt zich daar nu over. De pandemie is een stresstest voor dit relatief jonge gewest en kijken we naar gezondheid en welzijn, dan kunnen we alleen maar vaststellen dat Brussel niet klaar was om een crisis van dergelijke omvang te lijf te gaan. Als de minister van Gezondheid Alain Maron (Ecolo) ettelijke keren de mist inging, dan heeft dat ook te maken met een slechte omkadering.

Schaalgrootte speelt zeker mee. We zagen in de Bijzondere commissie dat grotere broer Vlaanderen veel vlotter een preventiebeleid op poten kon zetten. Met, ondanks alle kritiek op minister Wouter Beke (CD&V), een grotere slagkracht. Zo kregen de burgemeesters sinds september via een zorgatlas zicht op de uitbraken op wijkniveau, waren er follow-upplatformen om snel te kunnen ingrijpen. En vandaag heeft Vlaanderen miljoenen sneltests besteld voor scholen en woonzorgcentra.

Brussel kan blijkbaar alleen maar achterop lopen. Het spreekt boekdelen dat in mei in allerijl een chef gezondheidsinspectie moest worden aangesteld. En dat die functie, zoals vier andere in de administratie van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie (GGC), door consultants wordt uitgevoerd.

Een versterking van die GGC en van het zorgagentschap Iriscare kan een van de positieve gevolgen zijn van de pandemie. Zeker nu gezondheid en welzijn in toenemende mate een Brusselse bevoegdheid worden. Jammer genoeg knelt daar precies het schoentje. Welzijn en gezondheid is erg versnipperd in Brussel. De GGC kan dan in de toekomst wel een territoriaal gezondheidsbeleid uitstippelen, ze zal altijd rekening moeten houden met dat éne Vlaamse ziekenhuis, die enkele Vlaamse rusthuizen en de Vlaamse thuiszorg op haar grondgebied. Dat maakt een coherent beleid aartsmoeilijk. Natuurlijk kan er samengewerkt worden, dat doet de sector ook, maar als deze crisis één zaak naar boven brengt in het gezondheidsbeleid, dan is het dat die versnippering eerder een vloek is dan een zegen.

Ook werd onlangs duidelijk hoe de regering van Charles Michel die versnippering in de gezondheidszorg in Brussel in wetten heeft vastgelegd. De tweetalige ziekenhuizen zijn door die wet verplicht om via de ziekenhuisnetwerken met eentalig Franstalige ziekenhuizen samen te werken. Het enige Vlaamse ziekenhuis, UZ Brussel, kreeg een verbod om een Brusselse alliantie aan te gaan. De Raad van State merkte op dat dat discriminatoir is, maar dat legde de federale regering naast zich neer. Het verklaart waarom het UZ Brussel met ziekenhuizen in Aalst en Halle is gelieerd, maar afgesneden is van de tweetalige Iris-ziekenhuizen, waar het vroeger wel goed mee samenwerkte.

Vlaams-nationalisten zullen dat als een overwinning claimen op Brussel. Maar of het het gezondheidsbeleid in de hoofdstad dient, is zeer de vraag.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?