interview

Burgemeester in spe Jean Spinette: ‘Charles Picqué is een kat, ikzelf een hond’

Jean Spinette© Gemeente Sint-Gillis

Met Jean Spinette heeft het Brussels gewest er straks een kleurrijke burgemeester bij. Een burgervader als een spraakwaterval, die politiek opgroeide in de schaduw van le grand Charles. Spinettes kijk op zijn Sint-Gillis is er niet minder duidelijk om. “Het verkeer knippen aan de Bareel? Persoonlijk geloof ik daar niet in. Maar we gaan het onderzoeken.”

Een schepen- of burgemeesterskantoor is doorgaans een kraaknette en chique ruimte. Het kabinet van schepen van Financiën, Onderwijs en Preventie Jean Spinette is... anders. De alomtegenwoordige stapels papier doen eerder denken aan een krantenredactie uit de jaren 1980. Op de schouw staat een rijtje bieren en achter zijn werktafel prijkt een reeks accessoires, van zijn supporterssjerp voor Union tot het kostuum dat hij draagt als lid van de Orde van de Kuulkappers (de bijnaam voor de inwoners van Sint-Gillis).

Dezelfde overdaad herkennen we in de woorden van de man die vorige week tot opvolger van Charles Picqué is gekozen door de lokale PS-afdeling. Een vraag tussen zijn antwoorden krijgen vereist volharding. En het gesprek, dat eigenlijk over de verschillende beleidsprioriteiten van de burgervader zou gaan, wordt er uiteindelijk een waarin het thema mobiliteit domineert (over andere thema's leest u hier). Na een uurtje moet Spinette immers alweer naar een andere afspraak. “De PS is voor zachte mobiliteit, maar je kan niet zomaar grote assen afsluiten.”

Waarom bent u eigenlijk in de politiek gestapt?
Jean Spinette: Dat was een passie en de oorsprong daarvan ligt al in mijn kindertijd. Mijn moeder verplichtte ons om drie keer per week naar het nieuws te kijken tijdens het avondeten. Een keer op de RTBF, een keer op RTL en dan nog afwisselend een van de Franse zenders. Ik heb leren lezen met Asterix, maar ook met Pourquoi pas, een magazine met karikaturen van politici, dat in het toilet lag. Op mijn kamer had ik karikaturen van Tindemans en Martens aan de muur. Moeder wou van ons actieve burgers maken en mijn vader was iemand met overtuigingen, dus was ik ergens wel voorbestemd.

Wist u toen al dat u in de politiek zou gaan?
Spinette: Ergens wel, toen ik 25 jaar was en niet goed wist of ik nu in de privésector zou gaan werken herinnerden mijn vrienden me daaraan: ‘Maar Jean, je hebt in alle betogingen meegelopen en ons daar ook de hele tijd mee lastiggevallen. Wat zou jij nu in de privé gaan? Om met een salariswagen crèmepjes te gaan verkopen, terwijl je eigenlijk in de politiek wil?’ Toen ben ik bij Charles Picqué begonnen. Mijn passage aan de ULB heeft mijn engagement ook versterkt. Ik was er actief binnen de Cercle du Libre examen, samen met onder meer mijn vriend Philippe Close waren we erg onder de indruk van Roger Lallemand, zetten we ons in voor het recht op abortus.,...

Ik heb nog het voorrecht gehad om Philippe aan Freddy Thielemans voor te stellen (Philippe Close zou later zijn kabinetschef worden, red.). Freddy heeft grote indruk op me gemaakt. Met hem heb ik mijn eerste kiescampagnes meegemaakt en we deden de ronde van alle cafés in Neder-Over-Heembeek. Hij kende alle klanten en luisterde ook. Een derde grote invloed is dan Charles Picqué geweest. Die is net zoals Roger Lallemand een groot intellectueel, en heeft net als Freddy Thielemans veel aandacht voor het menselijk contact. Freddy was trouwens ook een intellectueel, maar hij verstopte dat.

Dat zijn nu drie mannelijke voorbeelden, maar ik ben ook wel een feminist hoor. Daar zitten mijn geëngageerde vrouw en mijn feministische moeder voor iets tussen.

spinettezelf2.jpg
Jean Spinette in zijn - goed gevulde - schepenkabinet.

Waarin verschilt u eigenlijk van Charles Picqué als politicus?
Spinette: (wijst naar een abstracte vrouwensculptuur) Ziet u dat beeldje daar achter u? (wijst naar een abstracte vrouwensculptuur) Dat is van de hand van Blanche, een kunstenares en lerares aan de academie die me geregeld om een tentoonstelling kwam vragen. Ik ontving ze niet want ik was druk bezig met een groot subsidiedossier. Daarop wou Charles Picqué me op zijn beurt niet ontmoeten zolang ik dat dossier van die tentoonstelling niet had geregeld. Charles heeft me getoond dat je niet enkel met dossiers kan bezig zijn, maar dat mensen ontmoeten ook cruciaal is.

Die tentoonstelling bleek een doorslaand succes, er kwamen meer dan 3.000 mensen. Waarin ik nog verschil? Charles is meer de subtiele kat, misschien nog het best te vergelijken met een Siamese kat. Ikzelf ben meer het type hond. Honden functioneren in meute want ze stammen van de wolf af. Je hebt ook geen blindengeleidekat of politiekat. Charles had het imago van de vader, ik werk meer als een broer en werk samen met mensen.

Charles Picqué wordt gezien als een PS-er die richting de liberalen leunt, terwijl u dat meer richting Ecolo doet. Een juiste omschrijving?
Spinette: 20 jaar geleden hebben Marc Lemaire en ik al geprobeerd om het PS-studiebureau ervan te overtuigen om de ecologie meer te integreren. Als OCMW-voorzitter vond ik duurzaamheid ook altijd al fundamenteel en probeerde ik daar de verschillende pijlers van te integreren in het beleid, zowel de ecologische als de sociale. We hebben enorm veel gebouwen geïsoleerd, verwarmingsketels vervangen. Ik heb helpen zoeken naar manieren om het gebruik van seizoensgroenten te bevorderen die uit de omgeving komen,... Overheden moeten daarin een voorbeeld zijn.

Actiegroep Heroes for Zero klaagt aan dat de lokale PS het mobiliteitsbeleid in het kader van mobiliteitsplan Good Move in de gemeente tegenwerkt. Er ligt een ambitieus plan op tafel, met onder meer een knip aan de Bareel. Bent u tegen?
Spinette: Er wordt een intentieproces aangespannen tegen ons op dat vlak! Ik wil er even aan herinneren dat het PS-schepen Henri Dineur was die van de woonwijken zones 30 heeft gemaakt, in 2006 al. We hebben ook duidelijk gezegd aan onze coalitiepartner dat we voor de principes van Good Move zijn. Minder verkeer in de wijken, opvoeding, het stimuleren van de zachte mobiliteit. Maar we hebben wél vragen bij de snelheid waarmee de plannen moeten ingevoerd worden en bij de mate waarin de bevolking is geraadpleegd en betrokken.

Er zijn vragen over wat een ingrijpend plan zou betekenen voor de bestemmingshandel (zaken die ook op klanten rekenen uit andere gemeenten, red). Ik heb mijn coalitiepartner (Ecolo) wat geplaagd door te zeggen dat ze van Sint-Gillis een soort (grotendeels autovrij) Louvain-la-Neuve willen maken. Alleen heeft Louvain-la-Neuve een ring en een ondergrondse parking en wij niet! We willen een grondigere analyse wat de knip betreft aan de Bareel, op de Waterloosesteenweg of de Charleroisesesteenweg. En we willen er ook de hele bevolking over raadplegen, niet enkel de 30 procent die automatisch afkomt op de huidige participatieprocedures. Een draagvlak is belangrijk.

Hoe kijkt u naar het plan voor een knip aan de Bareel?
Spinette: Persoonlijk geloof ik er niet in, maar dat is maar mijn mening. Waarom wordt dat niet gedaan op diezelfde steenwegen in bijvoorbeeld Ukkel?

Misschien omdat Sint-Gillis al erg veel openbaar vervoer heeft? Omdat mobiliteitsmaatregelen vaak eerst in het centrum worden genomen, zoals de voetgangerszone in de Vijfhoek? En omdat Sint-Gillis gekozen is voor een van de eerste mazen en niet Ukkel.
Spinette: In elk geval willen we dat de studies verder worden verdiept. En dat zeg ik niet om alles te vertragen. De PS is niet tegen meer zachte mobiliteit. Toen Philippe Close me kwam feliciteren op de avond van mijn verkiezing, is hij met de fiets gekomen! Maar ik wil wel een echte dialoog tussen de verschillende weggebruikers in een erg gepolariseerd debat. En ik denk dat we wat Good Move betreft meer moeten inzetten op overtuigen en aanmoedigen en niet op het plaatsen van barrières, want die dragen tot de polarisering bij.

Vlakbij de Bareel bevinden zich honderden handelszaken, waar honderden jobs aan vasthangen. Onze politieke bondgenoten van Ecolo verwijten ons vaak dat we de burgers te weinig betrekken. Wel, wij vragen hen om de burgers en betrokkenen hier ook meer te betrekken. Ik ben trouwens wél voorstander van een ander soort woonstraten, zoals je die bijvoorbeeld in de Lissabonstraat vindt: met een asverschuiving zodat de snelheid daalt, met bomen en groen tegen de gevels. Dat wil ik en dat willen mijn vrienden van Ecolo ook denk ik, net als de bewoners die er straatfeesten willen houden. C’est ça, Saint-Gilles!

Bent u bang dat een knip aan de Bareel de gemeente te veel verdeelt?
Spinette: Jazeker. We krijgen als socialisten vaak het verwijt dat we de gemeente hebben laten gentrificeren. Als we wijken van elkaar afsluiten op een manier dat bijna enkel nog fietsers overal makkelijk door kunnen gaan we dat proces nog eens versterken. Die nieuwe gentrificerende bevolking telt veel fietsers, maar ook de andere bewoners moeten overal kunnen raken, soms met de auto. Sint-Gillis is in de huidige plannen één grote maas. Ik zie meer in een verdeling van de gemeente in kleinere ondermazen, zonder barrières op de grote assen (begint een plannetje te tekenen met een zestal circulatieplannen in de vorm van slakken, tussen grote assen die de gemeente doorkruisen). De plannen die op tafel liggen bevatten op dat vlak ook veel elementen die super intéressant zijn (herhaalt twee keer super intéressant). Ik kijk in elk geval uit naar de dialoog met onze coalitiepartners hierover.

Genoeg over mobiliteit. U zei dat u als burgemeester de burger meer wou betrekken bij het beleid. Dat klinkt mooi maar is ook vaag. Maakt u dat eens concreet.
Spinette: (maakt zich ondertussen klaar om met de scooter naar een volgend interview te rijden) Ik denk onder meer aan thematische gemeenteraden. Ik ken een Frans voorbeeld waar een gemeente bijvoorbeeld een gemeenteraad rond het jeugdbeleid organiseert en de jongeren er dan ook op uitnodigt. Ik zou dat idee graag aan de collega’s voorleggen. Ik denk ook aan een ronde van de verschillende wijken om daar samen met de bewoners te kijken wat er leeft, qua netheid, veiligheid, mobiliteit, ... Philippe Close doet dat ook, net als Christos Doulkeridis in Elsene.

U bent ook de man die de lokale PS naar de stembus zal moeten leiden. Zelfs met de bijzonder populaire Charles Picqué smolt het aandeel van de PS langzaam de voorbije jaren, terwijl Ecolo en de PTB grote sprongen maakten.
Spinette: We zijn een van de meest progressieve gemeenten van België, ja.

Maar hoe wil u dat vermijden dat de PS verder krimpt?
Spinette: Door te werken, onder meer door heel goed te gaan luisteren in de wijken en er uit te leggen wat we doen.

Een laatste vraag: uw sterkste en uw zwaktste punt?
Spinette: Je vais faire la pirouette comme tout le monde. (Ik maak er me met een vaak gebruikte boutade vanaf, red.) Mijn sterkste zijde is dat ik gepassioneerd ben en hyperactief. En mijn zwakste is dat ik gepassioneerd ben en hyperactief. (Spinette heeft ondertussen zijn helm op).

Een allerlaatste nog: voor of tegen een fusie van Sint-Gillis en Vorst, zoals Charles Picqué had voorgesteld?
Spinette: Fusie? Waarom zou de een de ander moeten opeten? Samenwerken, ja. Dat doen we nu al. Maar een fusie, dat roept toch meteen veel weerstand op.

Meer nieuws uit Brussel
Vooraan op BRUZZ

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?